Er is een gevoel dat steeds vaker wordt uitgesproken aan keukentafels, op straathoeken, in winkels en op sociale media.
Een gevoel dat niet meer beperkt blijft tot een specifieke groep of een bepaald district. Het leeft onder werkenden, gepensioneerden, ondernemers, studenten en ouders. Het is een gevoel van uitputting.
Wij zijn moe.
Het volk van Suriname is moe.
Moe van het overleven
Voor veel gezinnen is het leven geen kwestie meer van vooruitkomen, maar van overleven. De prijzen blijven stijgen terwijl inkomens achterblijven.
Elke maand opnieuw moeten gezinnen moeilijke keuzes maken: welke rekening wordt eerst betaald, welke aankoop wordt uitgesteld en waarop moet worden bezuinigd.
Wat vroeger vanzelfsprekend was, is voor velen een luxe geworden. Een volle boodschappentas kost meer dan ooit.
Basisproducten worden duurder. Brandstofprijzen werken door in vrijwel alle sectoren. Ondertussen wordt van burgers verwacht dat zij begrip blijven tonen en geduld blijven hebben.
Maar geduld heeft grenzen.
Moe van wateroverlast en achterstallig onderhoud
Wanneer de regens vallen, worden veel woonwijken opnieuw geconfronteerd met dezelfde problemen. Straten veranderen in rivieren. Erven lopen onder. Afwateringssystemen functioneren onvoldoende of worden jarenlang niet onderhouden.
Burgers stellen zichzelf een eenvoudige vraag: hoe kan het dat deze problemen zich jaar na jaar blijven herhalen?
Dezelfde vraag wordt gesteld over de staat van de infrastructuur. Wegen vol kuilen, beschadigde bruggen en buurten die zich vergeten voelen.
Voor de gewone burger zijn dit geen politieke discussies. Dit zijn dagelijkse realiteiten die invloed hebben op werk, school, gezondheid en veiligheid.
Moe van beloften
Elke verkiezingsperiode worden grote woorden uitgesproken. Er worden plannen gepresenteerd, visies gedeeld en beloften gedaan. Er wordt gesproken over ontwikkeling, vooruitgang en een betere toekomst.
Maar voor veel burgers lijkt die toekomst steeds uitgesteld te worden.
De afstand tussen politieke beloften en de werkelijkheid van alledag wordt steeds groter. Mensen horen over economische groei, investeringen en toekomstige rijkdom, terwijl zij vandaag worstelen om hun kinderen te onderhouden en hun rekeningen te betalen.
Dat contrast voedt frustratie.
Moe van vriendjespolitiek
Misschien nog pijnlijker dan de economische problemen is het gevoel van onrecht.
Veel burgers hebben het gevoel dat er in Suriname verschillende regels gelden voor verschillende groepen mensen.
Terwijl de gewone burger harder moet werken voor minder, lijken sommigen via politieke connecties, familiebanden of bevriende netwerken steeds opnieuw toegang te krijgen tot kansen, functies en voordelen.
Wanneer burgers het gevoel krijgen dat niet deskundigheid maar connecties bepalend zijn, raakt dat het vertrouwen in instituties.
Een samenleving kan veel verdragen. Ze kan economische tegenslagen overleven. Ze kan moeilijke periodes doorstaan. Maar het verlies van vertrouwen is veel moeilijker te herstellen.
Moe van politici die zichzelf lijken te dienen
Het is een kritiek die steeds luider klinkt: terwijl burgers offers brengen, lijken sommige politici vooral bezig met hun eigen positie, hun eigen belangen of die van hun directe omgeving.
Natuurlijk zijn niet alle politici hetzelfde. Er zijn ook mensen in het openbaar bestuur die zich met oprechte inzet en integriteit inzetten voor het land.
Maar perceptie doet ertoe.
Wanneer burgers keer op keer verhalen horen over privileges, politieke benoemingen, bevoordeling van vrienden of familieleden en gebrek aan verantwoording, ontstaat het gevoel dat de lasten niet eerlijk worden verdeeld.
Dat gevoel van ongelijkheid zorgt voor cynisme en maatschappelijke vermoeidheid.
Suriname verdient beter
Dit opiniestuk is geen aanval op een specifieke regering, partij of persoon. Het is een weerspiegeling van een sentiment dat breed leeft onder de bevolking.
Surinamers zijn veerkrachtig. Dat hebben zij keer op keer bewezen. Maar veerkracht mag niet worden verward met oneindig incasseringsvermogen.
Mensen willen geen wonderen. Ze willen geen grootse toespraken. Ze willen geen eindeloze excuses.
Ze willen goed bestuur.
Ze willen wegen die begaanbaar zijn.
Ze willen buurten die niet onder water lopen.
Ze willen betaalbare levensmiddelen.
Ze willen kansen op basis van verdienste in plaats van connecties.
Ze willen leiders die het algemeen belang boven het eigen belang plaatsen.
Tijd om te luisteren
Misschien is de belangrijkste boodschap eenvoudig.
Het volk klaagt niet omdat het tegen ontwikkeling is.
Het volk klaagt niet omdat het ongeduldig is.
Het volk spreekt zich uit omdat het moe is.
Moe van wachten.
Moe van beloftes.
Moe van achteruitgaan.
Moe van het gevoel dat de gewone burger steeds opnieuw de rekening betaalt.
Wie werkelijk leiderschap wil tonen, moet niet alleen spreken. Die moet luisteren.
Want achter de frustratie van het volk schuilt geen haat.
Daarachter schuilt een verlangen naar iets heel eenvoudigs:
Een Suriname dat werkt voor iedereen.
Ephata Mijnals
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud








