Er zijn weinig dingen pijnlijker dan jarenlang dromen van een reis die uiteindelijk nooit gemaakt kan worden. Voor een deel van de Surinamers is dat de harde realiteit als het gaat om een bezoek aan Nederland.
Niet omdat zij het vliegticket niet kunnen betalen of geen familie hebben om te bezoeken, maar simpelweg omdat zij geen Schengenvisum krijgen.
Onlangs vertelde de zoon van een goede vriendin mij dat hij maandenlang verdrietig is geweest nadat zijn visumaanvraag voor de tweede keer werd afgewezen.
Volgens hem gebeurde dat op onterechte gronden. Zijn grootste wens was altijd om Nederland eens met eigen ogen te zien, familie te bezoeken en het land te ervaren waar zoveel historische en persoonlijke banden mee bestaan.
Die droom lijkt hem nu voorgoed te zijn ontnomen.
Loze beloften helpen niemand vooruit
Hij staat allerminst alleen. Er zijn in Suriname talloze mensen die de hoop inmiddels hebben opgegeven.
Niet omdat zij willen emigreren of zich permanent in Europa willen vestigen, maar omdat zij simpelweg een keer familie willen bezoeken, musea willen bekijken, door Nederlandse steden willen wandelen en herinneringen willen maken.
Sommigen beschikken zelfs over voldoende financiële middelen om zonder problemen de reis te bekostigen. Toch blijft de deur gesloten.
Extra wrang is dat de vorige regering van Suriname ooit sprak over een mogelijke soepelere visumregeling voor Surinamers.
Dat klonk destijds hoopvol, maar van die belofte is uiteindelijk niets terechtgekomen. Voor velen bleek het opnieuw niet meer dan een politieke uitspraak zonder vervolg.
Natuurlijk heeft ieder land het recht om zijn eigen toelatingsbeleid te bepalen. Maar wanneer eerlijke reizigers keer op keer vastlopen, verdient dat minstens een serieuze evaluatie.
Voor veel Surinamers is een bezoek aan Nederland geen luxe of migratieplan, maar een levensdroom. Het is triest dat die droom voor zovelen eindigt bij een afwijzingsbrief.
Ida Thornhill is docente aan een lerarenopleiding in Paramaribo en actief als auteur en columniste.
Vanuit haar jarenlange ervaring in het onderwijs en haar brede maatschappelijke betrokkenheid schrijft zij over uiteenlopende thema’s die Suriname raken.







