Ik vraag mij soms af hoe de wereld eruitziet wanneer de kleinkinderen van de baby’s die vandaag in Suriname worden geboren, volwassen zijn. Pakweg een eeuw of langer vanaf nu.
Zullen zij nog steeds urenlang in een vliegtuigstoel zitten om van Paramaribo naar Amsterdam te reizen? Of stappen zij simpelweg een toestel binnen en vliegen zij op een dag misschien zelf, zonder traditioneel vliegtuig, richting Nederland?
Het klinkt misschien als sciencefiction. Maar dat zou men tweehonderd jaar geleden waarschijnlijk ook hebben gezegd.
Stel je voor dat iemand rond 1826 had verteld dat mensen ooit met meer dan driehonderd personen tegelijk comfortabel door de lucht zouden reizen.
Dat zij onderweg films en televisie konden kijken, naar muziek konden luisteren, eten en drinken kregen, contact konden houden met mensen op de grond en zelfs internet zouden gebruiken op duizenden meters hoogte.
Die persoon zou vermoedelijk voor compleet gek zijn verklaard.
De vooruitgang gaat niet meer rustig stap voor stap
Wat mij fascineert, is dat technologische vooruitgang steeds minder lineair lijkt te verlopen. Nieuwe ontwikkelingen bouwen voort op eerdere ontdekkingen.
Kunstmatige intelligentie, robotica, nieuwe materialen, automatisering en energieopslag kunnen elkaar versterken en ontwikkelingen versnellen.
Dat betekent niet dat futuristen altijd gelijk krijgen. Integendeel. De geschiedenis staat vol voorspellingen die nooit zijn uitgekomen. Maar de kans dat de manier waarop wij reizen over honderd jaar fundamenteel verandert, lijkt mij bijzonder groot.
Misschien bestaat het traditionele vliegtuig dan nog steeds, maar is het volledig autonoom. Misschien zijn piloten nauwelijks meer nodig. Wellicht worden passagiers vervoerd in veel kleinere, snellere en stillere toestellen. Misschien vertrekken we niet meer vanaf gigantische luchthavens zoals wij die nu kennen.
Verdwijnt de ellende van het reizen?
En wat gebeurt er met alles wat wij nu normaal vinden? Urenlang wachten, inchecken, koffers wegen, boardingpassen, veiligheidscontroles en eindeloos in rijen staan.
Misschien kijkt men daar over honderd jaar met dezelfde verbazing naar als wij nu kijken naar reizen per zeilschip.
Futuristen verwachten dat autonome systemen, elektrische luchtvaart, nieuwe vormen van verticale mobiliteit en mogelijk hypersonisch vervoer de manier waarop mensen zich verplaatsen ingrijpend kunnen veranderen.
Of wij werkelijk ooit zelf met een persoonlijk vliegend object vanuit Suriname naar Nederland kunnen vertrekken, weet natuurlijk niemand.
Maar één ding durf ik wel te zeggen. Wie denkt dat de reis van Suriname naar Nederland over honderd jaar nog precies hetzelfde zal verlopen als vandaag, onderschat waarschijnlijk de kracht van menselijke innovatie.
Misschien lachen onze verre nazaten straks om het idee dat hun voorouders ooit uren in de rij stonden, hun schoenen moesten uittrekken bij een controle en vervolgens tien uur lang in een metalen buis naar Nederland vlogen.
Voor hen kan onze moderne luchtvaart dan net zo ouderwets klinken als een paardenkoets voor ons vandaag.
Ida Thornhill is docente aan een lerarenopleiding in Paramaribo en actief als auteur en columniste.
Vanuit haar jarenlange ervaring in het onderwijs en haar brede maatschappelijke betrokkenheid schrijft zij over uiteenlopende thema’s die Suriname raken.






