• Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
    • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact
Geen resultaat
Bekijk alle
Geen resultaat
Bekijk alle
  • Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
  • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact

Vijf handtekeningen, maar de stoep is er nog niet

GFC Nieuws Opinie door GFC Nieuws Opinie
28 mei 2026 10:00
in Opinie
intentieverklaring ministers over kinderbeleid

Vijf ministeries bundelen krachten voor inclusiever beleid.

Op 22 mei 2026 werd op initiatief van vicepresident Gregory Rusland een intentieverklaring ondertekend door vijf ministeries, gericht op betere inclusie en structurele ondersteuning van kinderen met een beperking in Suriname.

De ondertekening werd breed gepresenteerd als een belangrijke mijlpaal. En dat is het misschien ook — maar dan wel een bescheiden mijlpaal, op een lange weg die nog grotendeels ongebaand is.

Als voorzitter van Stichting Wan Okasi, een organisatie die personen met een beperking vertegenwoordigt, verwelkom ik elk beleidsgebaar dat in de goede richting wijst.

Maar juist omdat het onderwerp mij na aan het hart ligt, wil ik deze verklaring kritisch bekijken. Niet om te ontmoedigen, maar omdat symboliek zonder samenhangend beleid de doelgroep uiteindelijk tekortdoet.

Wat er staat — en wat opvalt

De verklaring is ondertekend door het Ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting (SOZAVO), het Ministerie van Volksgezondheid, het Ministerie van Justitie en Politie en het Ministerie van Onderwijs, Wetenschap en Cultuur.

Naast de intentieverklaring werd ook een pledge ondertekend als formele belofte om beleid structureel af te stemmen op de behoeften van mensen met een beperking.

Een concrete uitwerking is de introductie van een speciale kaart voor kinderen met een beperking, die in eerste instantie wordt uitgerold bij kindertehuizen en SO-scholen, voor betere toegang tot diensten en mogelijke kortingen.

Op papier klinkt dit hoopvol. In de praktijk roept het echter belangrijke vragen op.

De infrastructuur ontbreekt aan tafel

Het meest opvallende gemis is de afwezigheid van het Ministerie van Openbare Werken en Ruimtelijke Ordening (OWRO). En het Ministerie van Transport. Dat is geen detail — dat is de kern van het probleem.

Stel dat SOZAVO uitstekende diensten aanbiedt. Stel dat Volksgezondheid toegankelijke zorg organiseert. Stel dat Onderwijs inclusief onderwijs realiseert.

Als een kind met een beperking de stoep niet op kan, de bus niet in kan, en het gebouw niet kan bereiken — dan heeft al het bovenstaande geen enkele waarde.

Toegankelijke infrastructuur en betaalbaar vervoer zijn geen luxe toevoeging aan inclusiebeleid. Ze zijn de voorwaarde waaronder al het andere beleid kan functioneren. Een intentieverklaring die dit buiten beschouwing laat, mist structureel de grondlaag.

De kortingskaart: een gunst of een recht?

De speciale kaart met kortingen is een zichtbaar en tastbaar resultaat, en ik begrijp de politieke keuze om daar mee te komen. Maar ik maak er toch een kanttekening bij.

Toegankelijkheid is een recht, geen gunst. Dit onderscheid is niet zomaar een kwestie van woorden— het bepaalt hoe beleid wordt vormgegeven.

Een korting suggereert dat de overheid iets extra’s geeft. Maar wat mensen met een beperking vragen is niet meer dan wat elke burger al heeft: de mogelijkheid om zelfstandig deel te nemen aan de samenleving.

Dat is geen voorrecht. Dat is een grondrecht, verankerd in artikel 8 van de Surinaamse Grondwet en in het VN-Verdrag inzake de Rechten van Personen met een Beperking, dat Suriname in 2017 heeft geratificeerd.

Een kortingskaart lost bovendien niets op als de bus niet rijdt, het gebouw geen helling heeft, en de website niet leesbaar is voor iemand met een visuele beperking. Symptoombestrijding is geen beleid.

Wat bedoelt men met ‘voorkeursbehandeling’?

In de communicatie rondom de verklaring wordt gesuggereerd dat de doelgroep een voorkeursbehandeling moet krijgen. Ik vind dit een gevaarlijk vage formulering.

Wat betekent dat concreet? Dat iemand met een beperking altijd voor in de rij mag? Dat is in sommige gevallen een redelijke aanpassing — maar niet altijd, en zeker niet als algemeen principe.

Als zaken goed georganiseerd zijn — als gebouwen toegankelijk zijn, diensten inclusief ontworpen, en wachttijden beheersbaar — dan is extra voorrang vaak helemaal niet nodig. De behoefte aan voorrang is juist een symptoom van falende toegankelijkheid, niet een oplossing daarvoor.

Wanneer voorkeursbehandeling wenselijk is, moet dit juridisch scherp worden omschreven: voor wie, in welke situaties, op basis van welk criterium, en met welke procedure. Vaag beleid leidt tot willekeur — in het voor- en nadeel van de doelgroep.

Papieren beloften en de behoefte aan handhaving

Een intentieverklaring en een pledge zijn politieke symboliek — en symboliek heeft waarde, maar alleen als er uitvoering op volgt. Wat ontbreekt in de verklaring is een handhavingsmechanisme: wie houdt toezicht?

Wat zijn de sancties als een ministerie zijn belofte niet nakomt? Wie rapporteert aan het parlement over de voortgang?

Suriname heeft in het verleden meerdere beleidsplannen, commissies en verklaringen gekend rondom de rechten van mensen met een beperking.

De praktijk is weinig veranderd. Dat is niet alleen een kwestie van onwil, maar ook van het ontbreken van wettelijke verankering, budgettaire toewijzing en ambtelijke capaciteit. Zolang dit ontbreekt, blijft elke intentieverklaring — hoe welgemeend ook — een document zonder tanden.

Inclusie is geen SOZAVO-onderwerp

Dit is misschien het belangrijkste punt. Inclusiebeleid wordt in Suriname — zoals in veel landen — behandeld als een sociaalzakelijk onderwerp.

Het valt onder SOZAVO, het raakt Volksgezondheid en Onderwijs. Maar echte inclusie is een dwarsverbinding door alle beleidsterreinen heen.

Openbare Werken bepaalt of stoepen rolstoeltoegankelijk zijn en nieuwe gebouwen inclusief worden ontworpen. Transport bepaalt of iemand de stad in kan.

Financiën bepaalt of de budgetten worden vrijgemaakt. Arbeid bepaalt of mensen met een beperking kansen krijgen op de arbeidsmarkt.

Zolang deze ministeries niet aan tafel zitten — en zolang er geen samenhangend nationaal beleidskader is dat alle sectoren bindt — blijft inclusie een eiland in een zee van uitsluiting.

Conclusie: een stap, maar niet de finish

De intentieverklaring van 22 mei is een stap. Een kleine stap, op een weg die nog ver gaat. Ik waardeer het initiatief van de vicepresident en de bereidheid van de betrokken ministers om zich publiekelijk te committeren.

Maar wat Suriname nodig heeft, is geen verklaring van goede bedoelingen. Wat nodig is, is:

• Een samenhangend nationaal beleidskader dat alle ministeries bindt, inclusief OWRO, Transport en Financiën;
• Wettelijke verankering van toegankelijkheidsverplichtingen met toezicht en sancties;
• Concrete budgettaire toezeggingen, niet alleen beleidsintentie;
• Heldere definitie van wat ‘voorkeursbehandeling’ inhoudt en wanneer het van toepassing is;
• Betrokkenheid van mensen met een beperking zelf bij de uitvoering, niet alleen bij de consultatie.

Mensen met een beperking in Suriname wachten niet op handtekeningen. Ze wachten op een stoep die ze kunnen begaan, een bus die ze kunnen nemen, en een overheid die begrijpt dat toegankelijkheid geen gunst is — maar een recht.

Aniel Koendjbiharie
Voorzitter, Stichting Wan Okasi

Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.

Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud

ShareTweetSendSend

Meer berichten

Leonsberg, Paramaribo. Water is onvoorspelbaar, meedogenloos en geen ruimte voor gemakzucht.
Opinie

Zonder zwemvest is elke vaartocht een risico

Hikmat Mahawat Khan2
Opinie

Een jaar nieuwe DNA, een jaar weer NDP maar bijna 15 jaar weer Adhin die niet de ideale schoonzoon blijkt te zijn

Regionale integratie versnelt. Foto: Irfaan Ali en Mia Motley
Opinie

Guyana in stroomversnelling, Suriname kijkt toe

Het incident met KLM lijkt klein, maar symboliseert een veel grotere economische realiteit.
Opinie

Koers van de SRD gaat stijgen nu KLM moest tanken in Frans Guyana

Directeur UMA, Sheila Mijnals
Opinie

“Je hand hoort niet thuis in de broek van een kind. Punt!”

Te veel vaders verdwijnen zodra een vrouw zwanger raakt. Foto: illustratief
Opinie

Surinaamse mannen moeten eindelijk verantwoordelijkheid nemen voor hun kinderen

Nieuws uit Suriname | gfcnieuws.com

© 2026 GFC Nieuws

GFC Nieuws is een toonaangevend Surinaams mediahuis, gevestigd in Paramaribo. Sinds 2010 brengen wij dagelijks betrouwbaar nieuws, actualiteiten en lifestyle-artikelen met focus op Suriname en de Surinaamse gemeenschap wereldwijd. Onze redactie bestaat uit ervaren journalisten en columnisten, actief in zowel Suriname als Nederland.

  • Contact
  • Word redacteur
  • Colofon

Sociale media

Geen resultaat
Bekijk alle
  • Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
    • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact

© 2026 GFC Nieuws