Een collectief van Surinaamse milieu- en natuurorganisaties en deskundigen op het gebied van milieuwetenschappen organiseert op 20 oktober een informatiesessie over de mogelijke nadelige gevolgen van grootschalige ontbossing van het Surinaamse regenwoud.
Daarbij ligt de nadruk op de landbouw- en veeteeltprojecten die Braganza Marketing Group N.V. momenteel ontwikkelt.
Tijdens de bijeenkomst zullen deskundigen uit verschillende vakgebieden feitelijke informatie presenteren over de mogelijke ecologische, maatschappelijke en economische gevolgen van deze ontwikkelingen.
Ook zullen alternatieven aan de orde komen die landbouwontwikkeling mogelijk moeten maken zonder onherstelbare schade aan het regenwoud en de leefomgeving te veroorzaken.
Suriname verliest al tientallen jaren bosgebied
Hoewel Suriname internationaal bekendstaat als een van de meest bosrijke landen ter wereld, betekent de omvang van het resterende bos niet dat er geen sprake is van ontbossing en milieuschade.
Cijfers van het in juli 2026 gelanceerde MapBiomas Suriname-platform laten zien dat de bosbedekking tussen 1985 en 2025 met meer dan 166.000 hectare is afgenomen.
In dezelfde periode is het gebied dat door mijnbouw wordt ingenomen met meer dan 850 procent gegroeid. Mijnbouw wordt in deze gegevens genoemd als de belangrijkste aanjager van veranderingen in landgebruik.
Ook gegevens van het Surinaamse bosmonitoringssysteem, zoals aangehaald in het Financieel Jaarplan 2026, tonen aan dat ontbossing een structureel aandachtspunt blijft.
Over de periode 2018–2023 werd gemiddeld ongeveer 10.000 hectare ontbossing per jaar gemeten. De bosbedekking bedroeg in 2023 nog circa 92,54 procent van het landoppervlak.
Dat hoge percentage is belangrijk, maar mag niet verhullen dat plaatselijke ecosystemen, leefgebieden en traditionele gebruiksgebieden onder druk kunnen komen te staan.
Mijnbouw, houtkap en landbouw zetten het bos onder druk
De ontbossing in Suriname kent verschillende oorzaken. Volgens de aangehaalde overheidsgegevens was goudmijnbouw tussen 2000 en 2023 verantwoordelijk voor het grootste aandeel van de ontbossing, gevolgd door infrastructuur en landbouwactiviteiten. Daarnaast dragen houtkap, wegenaanleg en andere vormen van landgebruik bij aan de verstoring van bosgebieden.
De gevolgen beperken zich niet tot het verdwijnen van bomen. Wanneer bos wordt gekapt en de bodem wordt afgegraven, verplaatst of intensief bewerkt, kunnen leefgebieden van planten en dieren verloren gaan, kunnen ecosystemen versnipperd raken en kan de bodem gevoeliger worden voor erosie.
Ook kunnen veranderingen in de vegetatie invloed hebben op de waterhuishouding en de manier waarop regenwater wordt vastgehouden en afgevoerd.
Bij goudwinning komt daar het probleem van vervuiling bij. De Wereldbank waarschuwt dat illegale goudmijnbouw bossen en rivieren aantast, rivierbeddingen verstoort en gemeenschappen blootstelt aan gezondheidsrisico’s door onder meer kwikverontreiniging. De gevolgen kunnen dus lang na de feitelijke activiteit merkbaar blijven.
Nieuwe landbouwplannen roepen vragen op over de milieugevolgen
De geplande landbouwontwikkeling door Braganza Marketing Group brengt de discussie over landgebruik en bosbescherming opnieuw naar de voorgrond.
Eerder berichtten Surinaamse media dat de plannen betrekking hebben op grootschalige productie van onder meer soja en maïs en dat milieuorganisaties bezorgd zijn over de mogelijke inzet van grote oppervlakten bosgebied.
Volgens de berichtgeving gaat het in het bredere landbouwprogramma om plannen waarbij ruim 34.000 hectare primair bos mogelijk in beeld komt.
Dat cijfer heeft betrekking op de omvang die in de berichtgeving aan het programma wordt gekoppeld en betekent niet dat al dat bos daadwerkelijk is gekapt.
Ook is bericht dat Braganza nog niet over alle benodigde toestemmingen beschikte om de landbouwprojecten volledig uit te voeren, waaronder kapvergunningen en toestemming van de Nationale Milieu Autoriteit.
De precieze stand van zaken en de voorwaarden die aan eventuele vergunningen zijn verbonden, zijn daarom van belang bij de beoordeling van de plannen.
De kernvraag is niet alleen hoeveel landbouwgrond beschikbaar kan worden gemaakt, maar ook welke gebieden daarvoor worden gebruikt, welke milieueffecten vooraf zijn onderzocht en hoe wordt voorkomen dat kwetsbare natuurgebieden en de belangen van lokale en inheemse gemeenschappen worden geschaad.
Biodiversiteit, water en volksgezondheid staan op het spel
Grootschalige omzetting van bos naar landbouwgrond kan verschillende risico’s met zich meebrengen. Het verwijderen van natuurlijke vegetatie kan de biodiversiteit verminderen en de samenhang tussen leefgebieden verstoren.
Intensieve landbouw kan daarnaast, afhankelijk van de toegepaste methoden, leiden tot bodemuitputting, erosie en vervuiling van oppervlaktewater door meststoffen en bestrijdingsmiddelen.
Ook de volksgezondheid verdient aandacht. Veranderingen in landgebruik kunnen gevolgen hebben voor de beschikbaarheid en kwaliteit van water, de voedselvoorziening en de leefomgeving van gemeenschappen.
De precieze effecten zijn afhankelijk van de locatie, de schaal van de activiteiten en de manier waarop deze worden uitgevoerd.
Daarom zijn onafhankelijk onderzoek, transparante milieueffectrapportages en effectieve controle essentieel voordat ingrijpende besluiten worden genomen.
Voor gemeenschappen die voor hun dagelijks leven afhankelijk zijn van het bos, kunnen de gevolgen bovendien verder reiken dan natuurverlies alleen. Het bos is ook van belang voor voedsel, bestaansmiddelen, cultuur en traditionele kennis.
Besluiten over grootschalige landontwikkeling raken daarmee niet uitsluitend economische belangen, maar ook maatschappelijke en culturele vraagstukken.
Economische ontwikkeling hoeft niet ten koste te gaan van het regenwoud
De discussie over de landbouwplannen raakt aan een bredere vraag: hoe kan Suriname zijn landbouwsector versterken en meer economische kansen creëren zonder de natuurlijke rijkdommen waarop toekomstige generaties eveneens zijn aangewezen, onnodig aan te tasten?
Een zorgvuldige beoordeling vraagt om meer dan een vergelijking van verwachte productie en exportinkomsten. Ook de kosten van bosverlies, vervuiling, herstel van aangetaste gebieden, verlies aan biodiversiteit en mogelijke gevolgen voor gemeenschappen moeten worden meegewogen.
Alternatieven kunnen onder meer bestaan uit het productiever maken van reeds ontgonnen of gedegradeerde landbouwgronden, betere landbouwmethoden, agroforestry en een strengere controle op de naleving van milieuvoorwaarden. Welke opties geschikt zijn, moet per gebied en op basis van deskundig onderzoek worden vastgesteld.
Informatiesessie moet feiten en alternatieven op tafel leggen
Tijdens de informatiesessie van 20 oktober zullen deskundigen op het gebied van biodiversiteit, bosbeheer, volksgezondheid, milieu en wetgeving, waterbeheer, agro-industrie en duurzame economie informatie delen over de risico’s van grootschalige ontbossing en de alternatieven die beschikbaar zijn.
Met de bijeenkomst willen de initiatiefnemers de maatschappelijke discussie voorzien van feitelijke informatie en aandacht vragen voor de langetermijngevolgen van besluiten over het Surinaamse regenwoud.
Daarbij is een transparante afweging nodig tussen economische ontwikkeling, bescherming van de natuur, volksgezondheid en de rechten en belangen van gemeenschappen.
Het regenwoud is niet alleen een bron van grondstoffen en economische mogelijkheden. Het vormt ook een essentieel onderdeel van de natuurlijke basis waarop Suriname en toekomstige generaties zijn aangewezen.
De vraag hoe het bos wordt beschermd en gebruikt, verdient daarom een brede, goed geïnformeerde en kritische maatschappelijke discussie.






