Wie door Den Haag loopt, kan er nauwelijks omheen. De Hindostaanse gemeenschap is in deze stad stevig verankerd.
En naar mijn mening is dat een ontwikkeling waar zowel de gemeenschap zelf als Den Haag trots op mag zijn.
Jongeren draaien volop mee
Vooral de jongeren vallen positief op. Zij zijn over het algemeen goed geïntegreerd, spreken uitstekend Nederlands, volgen opleidingen en weten hun weg te vinden naar mbo, hbo en universiteit.
Zij bewegen zich moeiteloos tussen verschillende culturen en voelen zich tegelijkertijd verbonden met hun Hindostaanse achtergrond.
Studeren en werken
Ook op de arbeidsmarkt draait een groot deel van deze groep gewoon volop mee.
Hindostaanse Hagenaars zijn actief in onder meer de zorg, het onderwijs, de overheid, het bedrijfsleven, de techniek en de dienstverlening.
Anderen kiezen voor het ondernemerschap en bouwen hun eigen bedrijven op.
Dat is misschien wel een van de redenen waarom de gemeenschap bij veel autochtone Hagenaars waardering geniet. Men draagt bij, werkt, studeert en neemt verantwoordelijkheid.
Cultuur behouden én meedoen
Maar integratie betekent niet dat je je eigen identiteit moet opgeven. Integendeel. De Hindostaanse keuken, muziek, tradities en familiecultuur zijn inmiddels onderdeel van het kleurrijke karakter van Den Haag.
Een voorbeeld van geslaagde integratie
Wat mij betreft laat de Hindostaanse gemeenschap in Den Haag zien dat integratie uitstekend kan samengaan met het behouden van je eigen cultuur.
Je kunt trots zijn op waar je vandaan komt én volledig onderdeel zijn van de Nederlandse samenleving.
Misschien is dat uiteindelijk de kracht. Niet tegenover elkaar staan, maar naast elkaar leven, werken en bouwen aan dezelfde stad.
Ida Thornhill is docente aan een lerarenopleiding in Paramaribo en actief als auteur en columniste.
Vanuit haar jarenlange ervaring in het onderwijs en haar brede maatschappelijke betrokkenheid schrijft zij over uiteenlopende thema’s die Suriname raken.






