Masterclass strafrecht: checks & balances zitten al in het wetboek van strafvordering, aldus Blomhoff.
De constitutionele positie van de procureur-generaal (PG) en het Openbaar Ministerie in het staatsbestel van Suriname tegenover de voorgestelde hervormingen.
“Maak van de procureur- generaal één college, dan is er minder macht bij één persoon en dus minder politisering” aldus de kritische burger Johan Blomhoff, meer bekend als Chandrikapersad Santokhi, gewezen president van de Republiek Suriname.
Over politieke beïnvloeding van de PG, daar weet deze man alles van. Je moet het kunnen organiseren.
Het is veel eerder begonnen, maar met de “Wet Rechtspositie Rechterlijke Macht” zijn er twee vliegen in een klap geslagen.
Gedreven door politieke hebzucht is de grondwet misbruikt om de PG die geen politieke ambtsdrager is wel te politiseren.
Met de checks & balances in de wet waarnaar wordt verwezen is gemanipuleerd en er is inderdaad een interne stoelendans van gemaakt.
In strijd met de grondwet is de toepassing van artikel 141 lid 3 gehanteerd met als resultaat het volgende:
Het openbaar bestuur werd bewust met vier wetten: S.B. 2024 no. 159, S.B. 2024 no. 160, S.B. 2024 no. 161 en S.B. 2024 no. 158 een jaar voor de algemene verkiezingen geconfronteerd.
Nu komt een wet tot stand tussen De Nationale Assemblee en de regering, maar als de president het niet bekrachtigt kan het geen rechtsgevolgen hebben.
De rechtsgevolgen van de “Wet Rechtspositie Rechterlijke Macht” vormen nu een probleem binnen het rechtsstatelijk verkeer tussen de drie machten te weten de uitvoerende-, wetgevende- en rechterlijke macht.
De artikelen 2, 4, 5 lid 2, 5 lid 3 in samenhang met art. 31, 8, 14, 17, 22, van de onderhavige wet kunnen niet worden gehandhaafd.
In deze wet wordt de basis bezoldiging van de procureur-generaal vastgesteld op 95% van de Executieve, de President van de Republiek Suriname en de President van het Hof van Justitie, terwijl in een eerdere regeringsbeslissing welke gebaseerd was op artikel 141 lid 3 van de grondwet was reeds bepaald dat de bezoldiging hooguit 90% van de Executieve zou bedragen.
In tegenstelling tot al de artikelen in strafvordering genoemd die door Johan Blomhoff worden opgesomd, had hij in zijn andere hoedanigheid, maar één doel artikel 145 van de grondwet te politiseren, althans het hoofd daarvan.
Uit de vele handelingen van de afgelopen 3 tot 4 jaar van deze procureur- generaal in concrete opsporings- en vervolgingsgevallen van strafbare feiten, heeft De Nationale Assemblee terecht kunnen concluderen dat “er geen vertrouwen in de PG” is.
Het vertrouwen moet door de wijze van functioneren worden gewonnen en dat kan alleen door kennis van zaken van deze functionaris. Ook moet deze sterke, positieve karaktereigenschappen bezitten. Integriteit moet betrokkene op de eerste plaats stellen.
Een hoge mate van democratisch gehalte en rechtsstatelijk gevoel bezitten en niet manipuleerbaar zijn.
Als door het invoeren van een college deze functie-eisen kunnen worden bereikt…we benne benieuwd.
Eugène van der San
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud








