Marina Bersaoui, verbonden aan de Faculteit der Medische Wetenschappen (FMeW) van de Anton de Kom Universiteit van Suriname (AdeKUS), heeft in de afgelopen twee maanden twee peer-reviewed wetenschappelijke artikelen gepubliceerd. De publicaties maken deel uit van haar promotieonderzoek, dat momenteel wordt afgerond.
De twee studies richten zich op de relatie tussen lichaamsbeweging en bloeddruk en leveren nieuwe inzichten op over de manier waarop volwassenen van Afrikaanse en Zuid-Aziatische afkomst reageren op verschillende vormen van inspanning.
Het onderzoek is in Suriname uitgevoerd en draagt daarmee bij aan de ontwikkeling van wetenschappelijke kennis die aansluit bij de lokale bevolkingssamenstelling.
Eerste studie: directe daling van bloeddruk na inspanning
Het eerste artikel, “Effects of a single bout of low-intensity isometric or moderate-intensity aerobic exercise on postexercise hypotension in adults of African and South-Asian descent: a randomized controlled crossover trial”, verscheen op 31 juli 2026 in het wetenschappelijke tijdschrift Frontiers in Rehabilitation Sciences.
In het onderzoek werd gekeken naar de effecten van een eenmalige sessie van aerobe lichaamsbeweging en isometrische handgreepoefeningen op de bloeddruk van volwassenen van Afrikaanse en Zuid-Aziatische afkomst in Suriname.
Aan de studie namen volwassenen tussen 18 en 65 jaar deel met een hoog-normale bloeddruk of graad-I-hypertensie. De resultaten laten zien dat een eenmalige sessie van matig intensieve aerobe lichaamsbeweging leidde tot een onmiddellijke daling van de bloeddruk bij zowel deelnemers van Afrikaanse als Zuid-Aziatische afkomst.
De aerobe oefensessie bestond uit dertig minuten matig intensief wandelen of hardlopen op een loopband. De bevindingen laten daarmee zien dat gerichte en verantwoord uitgevoerde lichaamsbeweging al na één sessie een meetbaar effect op de bloeddruk kan hebben.
Bewegen als onderdeel van behandeling en preventie
De resultaten onderstrepen volgens de onderzoekers het belang van lichaamsbeweging als onderdeel van een bredere aanpak van hoge bloeddruk.
Oefentherapie kan, naast medicatie en andere leefstijlaanpassingen, een rol spelen bij zowel de preventie als de behandeling van hypertensie.
Tegelijkertijd benadrukken de onderzoekers dat meer onderzoek nodig is om vast te stellen welke vormen van beweging, welke intensiteit en welke frequentie voor verschillende bevolkingsgroepen het meest effectief zijn.
Daarmee wordt ook duidelijk dat bewegen niet noodzakelijkerwijs voor iedereen hetzelfde effect heeft en dat een meer gerichte aanpak mogelijk betere gezondheidsresultaten kan opleveren.
Tweede publicatie onderzoekt verschillen tussen deelnemers
Het tweede artikel verscheen op 1 september in het tijdschrift Blood Pressure onder de titel “Characteristics of post-exercise responders versus non-responders following aerobic or isometric exercise in physically inactive adults of African and South Asian descent with high-normal blood pressure or grade I hypertension”.
Deze studie richtte zich op een belangrijke vervolgvraag: waarom daalt de bloeddruk bij sommige mensen na inspanning duidelijk, terwijl anderen veel minder of nauwelijks reageren?
De onderzoekers analyseerden de fysiologische kenmerken van deelnemers die wel en niet reageerden op aerobe of isometrische lichaamsbeweging.
Uit de resultaten bleek onder meer dat 46 procent van de deelnemers na aerobe inspanning een relevante daling van de systolische bloeddruk liet zien. Bij de deelnemers die isometrische handgreepoefeningen uitvoerden, was dat 28 procent.
De resultaten wijzen erop dat de reactie op lichaamsbeweging van persoon tot persoon kan verschillen.
Meer aandacht voor gepersonaliseerde oefenstrategieën
De bevindingen kunnen belangrijke gevolgen hebben voor de manier waarop lichaamsbeweging wordt ingezet bij mensen met een verhoogde bloeddruk. Niet iedere vorm van inspanning heeft immers bij iedereen hetzelfde effect.
De onderzoekers wijzen daarom op het belang van verder onderzoek naar meer geïndividualiseerde bewegingsstrategieën. Daarbij kan worden gekeken naar kenmerken van de persoon, de gekozen oefenvorm en de manier waarop het lichaam daarop reageert.
Een dergelijke aanpak kan in de toekomst bijdragen aan een meer doelgerichte inzet van beweging binnen cardiovasculaire preventie en zorg.
Mogelijke betekenis voor gezondheidsbeleid
De resultaten zijn niet alleen relevant voor de wetenschap, maar kunnen ook aanleiding geven tot bredere discussie over gezondheidsbeleid in Suriname.
Hoge bloeddruk vormt wereldwijd een belangrijke risicofactor voor hart- en vaatziekten en andere gezondheidsproblemen.
Investeren in toegankelijke en professioneel begeleide oefentherapie kan daarom een waardevolle aanvulling zijn op bestaande preventie- en behandelstrategieën. Wanneer mensen op een veilige en effectieve manier worden ondersteund om meer te bewegen, kan dit bijdragen aan een betere beheersing van de bloeddruk en mogelijk aan het voorkomen van gezondheidscomplicaties.
Daarbij kunnen ook zorgverleners, beleidsmakers en verzekeringsmaatschappijen een rol spelen bij het toegankelijk maken van bewezen effectieve bewegingsprogramma’s.
Surinaams onderzoek met internationale betekenis
Beide publicaties zijn gebaseerd op onderzoek dat in Suriname is uitgevoerd. Bij de studies waren onder meer onderzoekers en deskundigen van de Anton de Kom Universiteit van Suriname en het Academisch Ziekenhuis Paramaribo betrokken.
De onderzoeken zijn daarmee bijzonder relevant voor de Surinaamse context. Bevolkingsgroepen van Afrikaanse en Zuid-Aziatische afkomst zijn in internationaal wetenschappelijk onderzoek niet altijd in dezelfde mate vertegenwoordigd.
Onderzoek dat specifiek binnen deze populaties wordt uitgevoerd, kan bijdragen aan een beter begrip van verschillen in cardiovasculaire gezondheid en reacties op lichaamsbeweging.
De publicaties brengen Surinaams wetenschappelijk onderzoek bovendien onder de aandacht van de internationale wetenschappelijke gemeenschap.
Belangrijke stap in promotietraject
Voor Bersaoui vormen de twee publicaties een belangrijke mijlpaal binnen haar promotietraject. De studies leveren niet alleen een bijdrage aan de internationale wetenschappelijke literatuur, maar versterken ook de kennisbasis over beweging, bloeddruk en cardiovasculaire preventie in Suriname.
Nu haar promotieonderzoek de afrondende fase ingaat, onderstrepen de recente publicaties het belang van lokaal wetenschappelijk onderzoek dat zich richt op gezondheidsvraagstukken die direct relevant zijn voor de Surinaamse samenleving.
De resultaten bieden tegelijkertijd aanknopingspunten voor verder onderzoek naar de rol van lichaamsbeweging bij de preventie en behandeling van hoge bloeddruk en naar de ontwikkeling van meer persoonsgerichte strategieën voor cardiovasculaire gezondheid.






