• Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
    • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact
Geen resultaat
Bekijk alle
Geen resultaat
Bekijk alle
  • Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
  • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact

Suriname zit op goud, maar graaft zichzelf arm

GFC Nieuws Opinie door GFC Nieuws Opinie
5 september 2026 00:00
in Opinie
goud

Goud

De uitspraak van Stephano ‘Pakittow’ Biervliet dat Suriname een “no-nonsensebeleid” voor de goudsector nodig heeft, verdient meer aandacht dan alleen een politieke kop in de krant.

Want achter die uitspraak zit een fundamentele vraag: hoe kan het dat een land met zoveel natuurlijke rijkdommen er nog altijd onvoldoende in slaagt om die rijkdom om te zetten in duurzame ontwikkeling?

Suriname beschikt over goud. Dat is geen toekomstmuziek. Het wordt vandaag al gewonnen. Zowel grote internationale ondernemingen als kleinschalige goudzoekers zijn actief. Toch constateert ook president Jennifer Simons dat Suriname onvoldoende inkomsten uit de goudsector haalt.

De regering werkt daarom aan een Gold Board om meer controle te krijgen op de goudhandel, de kleinschalige goudwinning beter te ordenen en de staatsinkomsten te vergroten.

Daarmee komen we bij de kern: het probleem is niet dat Suriname geen goud heeft. Het probleem is dat wij jarenlang onvoldoende grip hebben gehad op wat er met dat goud gebeurt.

Wie verdient er werkelijk aan onze goudrijkdom?

Als goud uit de Surinaamse bodem wordt gehaald, zou de samenleving daar zichtbaar iets van moeten terugzien.

Niet alleen in de staatskas, maar ook in wegen, scholen, gezondheidszorg, elektriciteit, drinkwater, ondernemerschap en werkgelegenheid in het binnenland.

Juist daar wringt het.

Mis dit niet:

Waarom kijken we in Suriname nog altijd zo op tegen politici?

Waarom een Nederlandse schoonmaakster trotser kan zijn dan een Surinaamse minister

Het binnenland waar een groot deel van de goudwinning plaatsvindt, behoort tegelijkertijd tot de gebieden waar voorzieningen en economische kansen achterblijven. Dat is een paradox die wij niet langer normaal zouden moeten vinden.

Natuurlijke rijkdom die uit het binnenland wordt gehaald, zou niet uitsluitend economische waarde moeten creëren voor de ondernemer, handelaar of tussenpersoon. Zij moet ook waarde creëren voor de gemeenschappen die in en rond deze gebieden leven.

Daarom is de discussie over de goudsector uiteindelijk ook een discussie over rechtvaardigheid.

Een staatsgoudbedrijf klinkt aantrekkelijk, maar is geen wondermiddel

Biervliet pleit voor een staatsgoudbedrijf naar het voorbeeld van grote internationale goudondernemingen. Het idee verdient een serieus debat, maar niet vanuit de gedachte dat een staatsbedrijf automatisch efficiënter of eerlijker zal zijn.

Suriname kent genoeg voorbeelden waar staatsbedrijven juist kwetsbaar kunnen worden voor politieke beïnvloeding, inefficiëntie en gebrek aan transparantie.

Als Suriname een staatsgoudbedrijf opricht, moet het daarom vanaf dag één anders worden ingericht. Professioneel bestuur, onafhankelijke controle, transparante financiële rapportage en duidelijke prestatieafspraken zouden geen bijzaken mogen zijn.

Het doel moet niet zijn om simpelweg “een staatsbedrijf erbij” te hebben.

Het doel moet zijn om meer waarde uit onze natuurlijke hulpbronnen voor Suriname te halen.

En misschien ligt daar zelfs een bredere mogelijkheid: een sterke publieke goudinstelling die niet noodzakelijk alle goudwinning zelf uitvoert, maar wel een veel grotere rol speelt in certificering, transparante handel, waardeketenontwikkeling en het terugbrengen van meer toegevoegde waarde naar Suriname.

Kleinschalige goudzoekers mogen niet alleen als probleem worden gezien

Een ander belangrijk punt is de positie van de kleinschalige goudzoekers.

Te vaak wordt de discussie over goudwinning gereduceerd tot legaal versus illegaal. Daarmee verdwijnen de mensen achter de sector uit beeld.

Er zijn mensen die voor hun inkomen afhankelijk zijn van de kleinschalige goudwinning. Als de overheid werkelijk orde wil scheppen, moet zij daarom niet alleen controleren en sanctioneren, maar ook organiseren en faciliteren.

Dat betekent duidelijke regels, registratie, technische ondersteuning, opleiding, toegang tot schonere technologie en perspectief op een legale bedrijfsvoering.

Een goudzoeker die volgens de regels werkt, moet weten wat de regels zijn, wat zijn rechten zijn en wat zijn verplichtingen zijn.

No-nonsensebeleid betekent dan niet: iedereen aanpakken.

Het betekent: duidelijk zijn.

Wie legaal werkt, wordt ondersteund. Wie regels overtreedt, wordt aangepakt. Wie het milieu vernietigt of anderen in gevaar brengt, wordt verantwoordelijk gehouden.

Zonder aanzien des persoons.

Het milieu kan niet langer de verborgen rekening betalen

Misschien is dit wel het meest urgente onderdeel van de discussie.

Goud heeft een prijs. Maar die prijs staat niet alleen op de wereldmarkt.

Er is ook een ecologische prijs.

De regering heeft onlangs erkend dat de milieuproblematiek in het binnenland inmiddels een omvang heeft bereikt waarbij incidentele maatregelen niet langer voldoende zijn.

Er wordt gewerkt aan een structureel programma en aan een overgang naar goudwinning zonder kwik en andere schadelijke chemicaliën.

Ook het stoppen van nieuwe vergunningen en het beter afbakenen van gebieden waar goudwinning wel en niet mag, maken deel uit van de aangekondigde aanpak.

Dat is noodzakelijk.

Want wat vandaag als economische activiteit wordt gezien, kan morgen een milieuprobleem worden dat generaties lang blijft bestaan.

Een rivier die vervuild raakt, een bos dat verdwijnt of landbouwgrond die wordt aangetast, kan niet simpelweg met geld worden teruggekocht.

Economische ontwikkeling en milieubescherming hoeven overigens geen tegenpolen te zijn. Moderne technologie maakt het mogelijk om efficiënter en schoner te produceren.

De vraag is dus niet of Suriname goud moet blijven winnen.

De vraag is hoe.

De Gold Board moet geen nieuw bureaucratisch loket worden

Het voornemen om een Gold Board in te stellen kan een belangrijke stap zijn. Maar alleen als dit orgaan daadwerkelijk tanden krijgt.

Een Gold Board dat alleen vergunningen registreert en formulieren verwerkt, zal weinig veranderen.

Suriname heeft behoefte aan een systeem waarin duidelijk wordt hoeveel goud wordt geproduceerd, waar het vandaan komt, wie het verkoopt, wie het koopt en hoeveel waarde uiteindelijk in Suriname achterblijft.

Transparantie moet daarbij centraal staan.

De overheid heeft zelf aangegeven dat betere controle op de goudhandel en de kleinschalige goudwinning nodig is om de staatsinkomsten te verhogen.

Daarbij moet ook worden gekeken naar de hele keten.

Want goud wordt niet alleen gewonnen. Het wordt vervoerd, gewogen, verhandeld, verwerkt en geëxporteerd.

Wie alleen naar de goudput kijkt, ziet maar een deel van de economie.

Het binnenland mag geen leverancier van grondstoffen blijven

Hier ligt misschien de grootste uitdaging.

Suriname moet af van het model waarin het binnenland vooral wordt gezien als een plek waar natuurlijke hulpbronnen worden gewonnen.

Het binnenland moet óók een plek worden waar economische waarde wordt opgebouwd.

Dat betekent investeren in lokale ondernemingen, opleidingen, infrastructuur en technologie.

Het betekent dat jongeren in het binnenland niet uitsluitend hoeven te kiezen tussen goudwinning, houtkap of wegtrekken naar Paramaribo.

Het betekent dat lokale ondernemers kunnen deelnemen aan de toeleveringsketen van de mijnbouw.

Transport, onderhoud, catering, bouw, veiligheid, technologie, milieumonitoring, logistiek en dienstverlening: rond de goudsector bestaat een hele economie.

Daar ligt een enorme kans voor lokale content.

Suriname moet leren van de fouten uit het verleden

De president heeft zelf aangegeven dat eerdere systemen voor de ordening van de goudsector onvoldoende hebben gewerkt.

Dat is misschien wel de belangrijkste constatering.

Want Suriname heeft geen gebrek aan commissies, beleidsdocumenten of goede voornemens.

Wat vaak ontbreekt, is consequente uitvoering.

Een nieuwe goudwet alleen gaat daarom niet genoeg zijn.

Een Gold Board alleen gaat niet genoeg zijn.

Meer inspecteurs alleen gaan niet genoeg zijn.

Het moet een samenhangend systeem worden waarin wetgeving, vergunningverlening, belastingheffing, milieutoezicht, veiligheid, goudhandel en lokale ontwikkeling op elkaar aansluiten.

No-nonsense betekent ook politieke moed

Een echt no-nonsensebeleid vraagt bovendien politieke moed.

Want zodra de overheid daadwerkelijk gaat ordenen, zullen belangen worden geraakt.

Er zullen mensen zijn die hun vergunning verliezen. Bedrijven zullen aan strengere regels moeten voldoen. Illegale activiteiten zullen moeten worden aangepakt.

Er zullen waarschijnlijk discussies ontstaan over grondrechten, milieu, lokale gemeenschappen en economische belangen.

Dat mag geen reden zijn om de hervorming af te zwakken.

Maar het mag ook geen reden zijn om mensen zonder perspectief achter te laten.

De overheid moet duidelijk communiceren, eerlijk handhaven en vooral consequent zijn.

Regels moeten niet streng zijn voor de ene groep en soepel voor de andere.

Misschien moeten wij de vraag anders stellen

De discussie zou daarom niet alleen moeten zijn: “Hoeveel goud heeft Suriname?”

De betere vraag is:

“Hoeveel waarde kunnen wij als samenleving duurzaam uit onze goudrijkdom halen?”

Dat is een heel andere vraag.

Dan kijken we niet alleen naar ounces, exportcijfers en staatsinkomsten.

Dan kijken we naar banen. Naar lokale ondernemingen. Naar onderwijs. Naar infrastructuur. Naar gemeenschappen. Naar milieu. Naar technologie. Naar de toekomst van onze kinderen.

Dan wordt goud geen eindproduct, maar een middel om ontwikkeling te financieren.

Suriname hoeft niet te kiezen tussen goud en olie

Biervliet waarschuwt ervoor dat Suriname zich niet uitsluitend moet richten op toekomstige inkomsten uit olie en gas. Die waarschuwing is terecht.

Een verstandige economie bouwt niet op één pijler.

Olie en gas kunnen Suriname grote inkomsten opleveren, maar grondstoffenmarkten veranderen. Prijzen fluctueren. Voorraden zijn eindig.

Goud is evenmin onbeperkt.

Daarom moet de opbrengst uit beide sectoren worden gebruikt om iets op te bouwen dat wél blijft: menselijke ontwikkeling, infrastructuur, kennis, ondernemerschap en een bredere productieve economie.

De grootste rijkdom van Suriname is uiteindelijk niet goud of olie.

Het zijn de mensen die deze rijkdommen kunnen omzetten in duurzame ontwikkeling.

Het moment voor een nieuwe gouddeal is aangebroken

De discussie over de goudsector hoeft daarom geen discussie te zijn tussen “voor” of “tegen” goudwinning.

Suriname zal goud blijven winnen. De president heeft dat ook duidelijk gesteld. De uitdaging is om die winning op een andere, beter gecontroleerde en minder schadelijke manier te organiseren.

Dat betekent dat de keuze niet langer zou moeten zijn tussen economische ontwikkeling en milieu.

Suriname moet streven naar beide.

Een goudsector die inkomsten genereert, maar ook belasting betaalt.

Een goudsector die werkgelegenheid creëert, maar ook werknemers beschermt.

Een goudsector die lokale ondernemers kansen geeft.

Een goudsector die het binnenland ontwikkelt in plaats van alleen leegtrekt.

Een goudsector die het milieu niet als afvalput gebruikt.

En een overheid die niet alleen regels maakt, maar ze ook daadwerkelijk handhaaft.

Dát zou een echt no-nonsensebeleid zijn.

Niet hard om hard te zijn.

Maar duidelijk, eerlijk, professioneel en consequent.

Suriname heeft goud genoeg.

Wat we nu nodig hebben, is de politieke moed, bestuurlijke capaciteit en economische visie om ervoor te zorgen dat die rijkdom eindelijk veel meer voor het hele land gaat betekenen.

J. Mangru

Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.

Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud

ShareTweetSendSend

Blijf op de hoogte

kabinet president suriname
Column

Waarom kijken we in Suriname nog altijd zo op tegen politici?

kabinet president dna suriname paramaribo fort zeelandia
Column

Waarom een Nederlandse schoonmaakster trotser kan zijn dan een Surinaamse minister

De echte stekker moet uit het oude beleid.
Opinie

De stekker uit DNA? Prima. Maar wie trekt de stekker uit het oude beleid?

paramaribo suriname zanderij airport luchthaven johan adolf pengel
Opinie

SLM in de problemen: hoeveel geduld mag een passagier nog hebben?

stroom elektra elektriciteit ebs
Opinie

EBS: de burger betaalt steeds meer, maar waar blijft de investering?

klm schiphol vliegtuig
Column

Wie terugkeert naar Suriname hoeft niet automatisch te doen alsof hij alles beter weet

Nieuws uit Suriname | gfcnieuws.com

© 2026 GFC Nieuws

GFC Nieuws is een toonaangevend Surinaams mediahuis, gevestigd in Paramaribo. Sinds 2010 brengen wij dagelijks betrouwbaar nieuws, actualiteiten en lifestyle-artikelen met focus op Suriname en de Surinaamse gemeenschap wereldwijd. Onze redactie bestaat uit ervaren journalisten en columnisten, actief in zowel Suriname als Nederland.

  • Contact
  • Word redacteur
  • Colofon

Sociale media

Geen resultaat
Bekijk alle
  • Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
    • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact

© 2026 GFC Nieuws