De behandeling van de Levensmiddelenwet 2026 bevindt zich in de afrondende fase.
De Commissie van Rapporteurs (CvR), die belast is met de voorbereiding van het initiatiefvoorstel, werkt aan het opstellen van het eindverslag dat zal worden aangeboden voor behandeling tijdens een plenaire openbare vergadering van De Nationale Assemblée (DNA).
Tijdens haar vergadering van maandag 6 juli stond de commissie stil bij de laatste inhoudelijke aandachtspunten voordat het wetsvoorstel ter besluitvorming aan het parlement wordt voorgelegd.
Afstemming met bestaande voedselveiligheidswetgeving centraal
Een belangrijk onderwerp tijdens de commissievergadering was de afstemming tussen de voorgestelde Levensmiddelenwet en de reeds bestaande Wet Nationaal Instituut voor Voedselveiligheid Suriname (NIVS) 2021.
Volgens de commissie is een goede samenhang tussen beide wettelijke kaders essentieel om overlappingen, onduidelijkheden en tegenstrijdigheden in de uitvoering te voorkomen.
Een geïntegreerd wettelijk systeem moet bijdragen aan een effectief nationaal beleid op het gebied van voedselveiligheid, toezicht en consumentenbescherming.
De commissie benadrukte dat duidelijke taakafbakening tussen de verschillende bevoegde instanties noodzakelijk is voor een efficiënte handhaving van de wet.
Modern wettelijk kader voor voedselveiligheid
Het initiatiefvoorstel werd op 6 maart 2026 ingediend door DNA-lid Jennifer Vreedzaam en heeft als doel de bestaande regelgeving rondom levensmiddelen te moderniseren.
Met de nieuwe wet wordt beoogd een eigentijds juridisch kader te creëren dat beter aansluit bij de huidige ontwikkelingen op het gebied van voedselproductie, distributie, import en export. Daarnaast moet de wet bijdragen aan een betere bescherming van de volksgezondheid en de rechten van consumenten.
Internationale standaarden als uitgangspunt
De modernisering van de Surinaamse voedselwetgeving sluit aan bij internationale ontwikkelingen op het gebied van voedselveiligheid.
Wereldwijd vormen de normen van de Codex Alimentarius, die gezamenlijk zijn ontwikkeld door de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FAO) en de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO), de internationale referentie voor voedselveiligheid en consumentenbescherming.
Deze richtlijnen bieden landen een kader voor het ontwikkelen van wetgeving op het gebied van voedselkwaliteit, etikettering, hygiëne, contaminanten en risicobeheersing.
Door nationale wetgeving hierop af te stemmen, wordt niet alleen de bescherming van consumenten versterkt, maar ook de internationale handel in levensmiddelen vergemakkelijkt.
Belang voor volksgezondheid en economie
Een modern voedselveiligheidssysteem draagt volgens deskundigen niet alleen bij aan de bescherming van de volksgezondheid, maar versterkt ook het vertrouwen van consumenten en handelspartners in de kwaliteit van Surinaamse producten.
Voor producenten en exporteurs kan een helder wettelijk kader bovendien bijdragen aan betere toegang tot internationale markten, waar steeds strengere eisen worden gesteld aan voedselveiligheid, traceerbaarheid en kwaliteitscontrole.
Ook voor toezichthouders biedt actuele wetgeving een betere basis voor inspectie, monitoring en handhaving.
Eindverslag in voorbereiding
Met de afronding van de werkzaamheden door de Commissie van Rapporteurs komt de parlementaire behandeling van de Levensmiddelenwet 2026 in de laatste fase.
Na indiening van het eindverslag zal het initiatiefvoorstel worden behandeld tijdens een openbare vergadering van De Nationale Assemblée, waar de uiteindelijke besluitvorming zal plaatsvinden.
Indien de wet wordt aangenomen, zal Suriname beschikken over een gemoderniseerd wettelijk kader dat beter aansluit bij internationale ontwikkelingen en de toenemende eisen op het gebied van voedselveiligheid en consumentenbescherming.







