De Melkcentrale (MCP) heeft aangekondigd dat per 1 oktober de prijzen van een aantal melkproducten worden verhoogd. Als reden worden de aanhoudende stijgende kosten voor productie en bedrijfsvoering genoemd.
Dat kosten stijgen, zal niemand verbazen. Maar bij een prijsverhoging hoort ook een andere vraag te worden gesteld:
Wat krijgt de consument ervoor terug?
Want voordat de consument wordt gevraagd meer te betalen, zou de Melkcentrale misschien eerst kritisch naar haar eigen product moeten kijken.
Duurder betekent niet automatisch beter
Consumenten hebben de afgelopen jaren al vaker te maken gehad met prijsverhogingen van basisproducten. Wanneer ook melk duurder wordt, wordt van de consument feitelijk gevraagd opnieuw een groter deel van het huishoudbudget uit te geven.
Maar wie meer moet betalen, mag ook verwachten dat het product betrouwbaar en kwalitatief goed is.
En juist daar liggen volgens consumenten al langere tijd zorgen.
Er zijn regelmatig klachten over melk die bij aankoop al zuur is, snel bederft of niet de kwaliteit heeft die van een vers melkproduct mag worden verwacht.
Als dergelijke klachten inderdaad regelmatig voorkomen, dan zou dat voor de Melkcentrale reden moeten zijn om niet alleen naar de productiekosten te kijken, maar ook naar de kwaliteit van het eindproduct.
Eerst kwaliteit, dan een hogere prijs?
De consument betaalt uiteindelijk voor het product dat in het schap staat.
Daarom is het redelijk om bij een prijsverhoging ook te vragen hoe de Melkcentrale omgaat met productie, opslag, koeling, transport, houdbaarheid en kwaliteitscontrole.
Een melkproduct dat duurder wordt maar vervolgens thuis snel zuur blijkt te zijn, levert de consument weinig waarde op.
Dan betaalt men niet alleen meer, maar loopt men bovendien het risico geld weg te gooien.
De consument heeft geen controle over de productieketen
Juist daarom ligt hier een verantwoordelijkheid bij de producent.
De consument kan niet controleren onder welke temperatuur melk wordt geproduceerd, opgeslagen of vervoerd. De consument kan niet zien hoe lang een product onderweg is geweest en kan evenmin de interne kwaliteitscontroles van een fabriek beoordelen.
De consument kan slechts vertrouwen op wat op de verpakking staat en op de kwaliteit van het product dat wordt gekocht.
Dat vertrouwen moet worden verdiend.
Kosten stijgen, maar verantwoordelijkheid ook
De Melkcentrale heeft uiteraard te maken met stijgende kosten. Maar hogere kosten mogen niet uitsluitend worden doorberekend aan de consument.
Ook de vraag naar efficiëntie, kwaliteitsbewaking en het voorkomen van verspilling hoort onderdeel te zijn van een gezonde bedrijfsvoering.
Wie de prijs verhoogt, moet bereid zijn om tegelijkertijd kritisch naar de eigen prestaties te kijken.
Bied eerst een product aan waarvan de consument erop kan vertrouwen dat het vers, veilig en kwalitatief goed is.
Daarna kan worden uitgelegd waarom daar een hogere prijs tegenover staat.
Melk is geen luxeproduct
Melk behoort voor veel gezinnen tot de dagelijkse boodschappen. Een prijsverhoging raakt daarom rechtstreeks het huishoudbudget.
Juist bij dergelijke basisproducten moet de consument erop kunnen rekenen dat iedere uitgegeven dollar of Surinaamse dollar daadwerkelijk waarde vertegenwoordigt.
De discussie zou daarom niet alleen moeten gaan over de vraag hoeveel duurder melk wordt.
De belangrijkere vraag is:
Kan de consument erop vertrouwen dat hij voor die hogere prijs ook consequent een kwalitatief goed product krijgt?
Want hogere productiekosten zijn een bedrijfsrealiteit.
Maar slechte kwaliteit mag nooit de norm worden.
Wie meer vraagt van de consument, mag ook meer van zichzelf vragen.
Thea Brielle
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud







