Ik moest eerlijk gezegd even nadenken toen ik het nieuws uit Nederland las over het westnijlvirus.
Ik vroeg mij af of Nederlanders nu langzaam gaan begrijpen dat een mug soms meer is dan alleen dat irritante beest dat je ‘s nachts uit je slaapkamer probeert te verjagen.
In Nederland zijn inmiddels meerdere mensen besmet geraakt met het westnijlvirus nadat zij daar door een besmette mug waren gebeten. Eén van hen is overleden. De besmettingen zijn vastgesteld in enkele provincies.
Surinamers kennen het muggenverhaal al veel langer
Voor veel Surinamers klinkt het verhaal minder vreemd. Wij zijn opgegroeid met muggen. Met klamboes, antimuggenmiddelen en de bekende gewoonte om vooral stil te staan bij stilstaand water.
Maar laten we ook niet overdrijven. Het Nederlandse RIVM zegt nadrukkelijk dat de kans om in Nederland besmet te raken nog steeds klein is. De meeste mensen die besmet raken krijgen bovendien geen klachten.
Toch vind ik de ontwikkeling interessant.
Het klimaat verandert en grenzen beschermen niet
Wat mij vooral bezighoudt, is dat ziekten die wij in Suriname gemakkelijk met tropische gebieden associëren, steeds minder ver van Europa lijken te blijven.
Nederland heeft lange tijd naar tropische ziekten kunnen kijken alsof ze vooral een probleem van verre landen waren. Maar de wereld verandert.
Dat betekent niet dat Nederland opeens Suriname wordt.
Wel betekent het dat Nederlanders misschien iets meer waardering moeten krijgen voor de kennis en voorzichtigheid waarmee mensen in tropische landen al generaties omgaan met muggen.
Soms komt de toekomst niet met een grote waarschuwing. Soms zoemt ze gewoon ongemerkt door je slaapkamer.
Ida Thornhill is docente aan een lerarenopleiding in Paramaribo en actief als auteur, columniste en kunstenares.
Vanuit haar jarenlange ervaring in het onderwijs en haar brede maatschappelijke betrokkenheid schrijft zij over uiteenlopende thema’s die Suriname raken.






