Met de verwachte olieproductie uit Block 58 en het GranMorgu project kunnen de staatsinkomsten de komende jaren explosief toenemen.
Toch waarschuwen internationale financiële instellingen dat juist deze rijkdom kan uitmonden in een diepe economische crisis als de overheid de inkomsten niet zorgvuldig beheert.
Deskundigen spreken over het risico van de zogenoemde olievloek, waarbij snelle rijkdom leidt tot inflatie, een verzwakte economie en grotere sociale ongelijkheid.
Explosieve groei brengt grote risico’s met zich mee
Volgens rapporten van Americas Quarterly en de Wereldbank kan de investering van 10,5 miljard Amerikaanse dollar in het GranMorgu project ervoor zorgen dat het bruto binnenlands product van Suriname tegen 2030 ruimschoots verdubbelt.
Die uitzonderlijk snelle groei brengt echter het gevaar met zich mee dat de prijzen in het land sterk oplopen en andere economische sectoren, zoals landbouw, industrie en toerisme, steeds moeilijker kunnen concurreren.
President Jennifer Geerlings Simons erkende begin dit jaar dat de tijd om een olievloek te voorkomen zeer beperkt is.
Zij waarschuwde dat zonder een goede voorbereiding Suriname het risico loopt dezelfde fouten te maken als andere olieproducerende landen.
Wetgeving aanwezig maar uitvoering blijft achter
Suriname beschikt inmiddels over vernieuwde wetgeving voor het Savings and Stabilization Fund Suriname en de Wet Openbare Financiën.
Het Internationaal Monetair Fonds stelt echter dat de uitvoering achterblijft doordat de benodigde instellingen nog onvoldoende zijn voorbereid.
Vanaf de start van de offshore olieproductie in 2028 moeten de overheidsuitgaven volgens de wet worden gekoppeld aan de omvang van de economie zonder de mijnbouwsector.
Daarmee wil de overheid voorkomen dat de staatsuitgaven volledig afhankelijk worden van schommelende olieprijzen.
Daar komt bij dat Suriname niet alle olieopbrengsten direct zelf kan besteden.
Als onderdeel van de eerdere schuldsanering gaat 30 procent van de jaarlijkse olie royalties uit Block 58 via het Value Recovery Instrument naar obligatiehouders totdat gemaakte afspraken volledig zijn nagekomen.
Lessen uit het buitenland
Volgens de Wereldbank en het IMF laten landen als Venezuela en Angola zien hoe afhankelijkheid van olie kan leiden tot economische achteruitgang, terwijl Noorwegen en buurland Guyana juist aantonen dat strikte begrotingsregels en het beleggen van olie inkomsten in speciale fondsen kunnen zorgen voor langdurige stabiliteit.
Het IMF adviseerde Suriname daarom om nu al financiële buffers op te bouwen, te investeren in onderwijs, gezondheidszorg en digitalisering van de overheid en de overheidsfinanciën verder te versterken voordat de eerste grote olie inkomsten binnenstromen.







