Het is een wrange ontwikkeling. Suriname heeft behoefte aan goed opgeleide artsen. Tegelijkertijd wordt de instroom bij de opleiding Geneeskunde beperkt door een tekort aan zalen en leermiddelen.
Niet omdat er geen studenten zijn. Niet omdat er geen belangstelling is. Maar omdat de onderwijsinfrastructuur de vraag niet kan bijbenen.
Wanneer capaciteit bepaalt wie arts mag worden
Een opleiding Geneeskunde vraagt om kwaliteit. Studenten hebben goede collegezalen, laboratoria, practica, bibliotheken en moderne leermiddelen nodig. Ook moet er voldoende ruimte zijn voor begeleiding en praktijkonderwijs.
Maar wat gebeurt er wanneer die capaciteit ontbreekt?
Dan wordt de instroom beperkt.
Dat betekent dat jonge Surinamers die Geneeskunde willen studeren mogelijk geen plek krijgen, terwijl het land tegelijkertijd afhankelijk blijft van een beperkte groep afgestudeerde artsen.
Dat is meer dan een onderwijsprobleem. Het raakt de volksgezondheid.
Een tekort dat zichzelf kan versterken
Het probleem is bovendien groter dan één collegejaar.
Minder instroom betekent op termijn ook minder afgestudeerde artsen. Minder artsen betekent een kleinere toekomstige capaciteit binnen de gezondheidszorg.
Daarmee dreigt een vicieuze cirkel te ontstaan.
Als Suriname meer artsen nodig heeft, moet juist worden geïnvesteerd in de capaciteit om artsen op te leiden.
Niet alleen in gebouwen, maar ook in laboratoria, digitale voorzieningen, wetenschappelijke apparatuur, bibliotheken en voldoende gekwalificeerde docenten.
Onderwijs is geen kostenpost
De discussie over onderwijsinfrastructuur wordt te vaak gevoerd vanuit de vraag hoeveel iets kost.
De belangrijkere vraag is: wat kost het wanneer wij niet investeren?
Elke student die door beperkte capaciteit niet kan instromen, vertegenwoordigt niet alleen een gemiste onderwijsplek. Het is ook een mogelijk gemiste arts, onderzoeker, docent of specialist voor de toekomst.
Suriname kan niet enerzijds praten over versterking van de gezondheidszorg en anderzijds toestaan dat de opleiding van toekomstige zorgprofessionals tegen infrastructurele grenzen aanloopt.
De vraag moet nu worden gesteld
Als het tekort aan zalen en leermiddelen inderdaad leidt tot een halvering van de instroom, dan verdient dat onmiddellijke aandacht van de overheid en de universiteit.
Er moet worden vastgesteld waar de knelpunten precies liggen. Vervolgens moeten er concrete investeringsplannen komen.
Publieke middelen, internationale samenwerking en mogelijke partnerschappen met de private sector kunnen daarbij worden onderzocht.
Want uiteindelijk gaat het niet alleen om de Faculteit der Medische Wetenschappen.
Het gaat om de vraag hoeveel artsen Suriname over vijf, tien en twintig jaar beschikbaar zal hebben.
Een land dat zijn gezondheidszorg wil versterken, moet beginnen bij de opleiding van zijn zorgprofessionals.
J. Mangru
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud







