NPS-parlementariër Jeffrey Lau plaatst vraagtekens bij de gedachte dat de economische ontwikkeling van Suriname vooral afhankelijk zou moeten zijn van de toekomstige inkomsten uit olie en gas.
Volgens hem beschikt het land nu al over voldoende natuurlijke rijkdommen en economische mogelijkheden om duurzame groei te realiseren.
“Ik vraag mij soms af of wij werkelijk moeten wachten op olie en gas om Suriname naar een hoger niveau te tillen”, stelt Lau.
Volgens de parlementariër moet de focus niet uitsluitend liggen op de verwachte ontwikkelingen binnen de olie- en gassector, maar ook op de sectoren die Suriname al jarenlang bezit en die volgens hem nog veel meer potentieel hebben.
Bestaande sectoren bieden grote economische kansen
Lau wijst erop dat Suriname vandaag al beschikt over belangrijke economische pijlers, waaronder de goudsector, houtsector, landbouw, visserij en andere natuurlijke hulpbronnen.
Volgens hem ligt de uitdaging niet alleen in het aantrekken van nieuwe inkomstenbronnen, maar vooral in de vraag hoe het land beter gebruik kan maken van de bestaande mogelijkheden.
“De vraag is daarom niet alleen wat olie en gas ons kunnen brengen, maar vooral wat wij vandaag doen met de sectoren die wij al hebben”, aldus Lau.
Hij benadrukt dat Suriname niet hoeft te wachten op toekomstige inkomsten om economische vooruitgang te boeken. Door bestaande sectoren verder te ontwikkelen, te moderniseren en beter te organiseren, kan het land nu al stappen zetten richting meer duurzame groei.
Meer waarde creëren binnen de eigen economie
Volgens Lau moet Suriname afstappen van een model waarbij voornamelijk grondstoffen worden geëxporteerd zonder voldoende verwerking binnen het eigen land.
Hij pleit voor meer investeringen in lokale verwerking, productie, ondernemerschap en werkgelegenheid. Op die manier kan een groter deel van de economische waarde binnen Suriname blijven en profiteren meer burgers van de beschikbare natuurlijke rijkdommen.
De parlementariër benadrukt dat het niet alleen gaat om hoeveel grondstoffen een land bezit, maar vooral om hoe deze worden benut ten gunste van de samenleving.
Olie en gas als kans, maar niet als enige oplossing
Hoewel Lau erkent dat olie en gas een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de ontwikkeling van Suriname, waarschuwt hij ervoor dat het land niet afhankelijk mag worden van één economische sector.
Volgens hem moet de toekomstige economie breder worden opgebouwd, waarbij meerdere sectoren bijdragen aan groei, werkgelegenheid en stabiliteit.
“Olie en gas kunnen een belangrijke bijdrage leveren aan de ontwikkeling van ons land, maar zij mogen nooit onze enige hoop of economische pijler worden”, benadrukt Lau.
Een sterke economie vraagt volgens hem om diversificatie, waarbij traditionele sectoren worden versterkt en nieuwe mogelijkheden worden benut.
Visie, beleid en politieke wil noodzakelijk
De NPS-parlementariër stelt dat Suriname de rijkdommen al bezit, maar dat de vraag is of het land beschikt over de juiste visie, discipline en politieke wil om deze rijkdommen daadwerkelijk om te zetten in duurzame ontwikkeling.
Volgens Lau zijn goed beleid, transparantie, deskundigheid en een langetermijnvisie noodzakelijk om de verschillende productieve sectoren naar een hoger niveau te brengen.
Daarbij moet volgens hem niet alleen gekeken worden naar inkomsten op korte termijn, maar vooral naar de toekomst van komende generaties.
“Wij moeten vandaag beginnen met bouwen aan Suriname”
Lau roept op om niet af te wachten totdat de olie- en gassector volledig tot ontwikkeling komt, maar nu al te werken aan een sterker economisch fundament.
“Suriname heeft de rijkdommen. De vraag is: hebben wij ook de visie, de discipline en de politieke wil om deze rijkdommen daadwerkelijk om te zetten in duurzame ontwikkeling voor het Surinaamse volk?”
Volgens hem ligt de verantwoordelijkheid bij de huidige generatie beleidsmakers om vandaag keuzes te maken die de basis leggen voor een bredere en veerkrachtigere economie.
“Wij moeten niet wachten op de toekomst. Wij moeten vandaag beginnen met het bouwen van een sterker, breder en duurzamer Suriname.”






