Het Openbaar Ministerie heeft De Nationale Assemblée gevraagd om volksvertegenwoordiger Bronto Somohardjo in staat van beschuldiging te stellen waardoor hij in verzekering kan worden gesteld.
Die stap valt op wanneer het verzoek wordt vergeleken met de andere vorderingen van het OM tegen andere voormalige ministers.
In het dossier tegen voormalig minister van Financiën Gillmore Hoefdraad worden zware verdenkingen genoemd, waaronder deelname aan een criminele organisatie, verduistering van staatsmiddelen en oplichting van de staat.
Ook tegen voormalig minister van Openbare Werken Riad Nurmohammed heeft het OM een verzoek tot vervolging ingediend in verband met mogelijke strafbare feiten rond het Pan American Real Estate-project en infrastructuurkosten.
Toch wordt juist in het verzoek dat betrekking heeft op Somohardjo expliciet gevraagd om inverzekeringstelling, terwijl die stap in de parlementaire procedures rond Hoefdraad en Nurmohammed niet op voorkomt.
Het verschil roept vragen op over de consistentie van vervolgingsmaatregelen wanneer het gaat om politieke ambtsdragers.
Somohardjo heeft eerder verklaard geen enkel onderzoek te vrezen en volledig mee te zullen werken .







