De halfjaarlijkse verantwoording over het begrotingsjaar 2026 stond tijdens een bijeenkomst in het teken van begrotingsdiscipline, transparantie en een zorgvuldige uitvoering van de overheidsfinanciën.
Op het Ministerie van Financiën en Planning werden de vaste parlementaire Commissie voor het Ministerie van Financiën en Planning en de Commissie Staatsuitgaven geïnformeerd over de financiële realisatie in de eerste helft van het jaar. Ook werd aandacht besteed aan de verdere implementatie van de Comptabiliteitswet 2024.
Verschillende leden van De Nationale Assemblée waren aanwezig om inzicht te krijgen in de voortgang van de begrotingsuitvoering en de financiële ontwikkelingen gedurende de eerste zes maanden van 2026.
Begrotingsuitvoering loopt achter op verwacht bestedingsritme
Tijdens de presentatie werd een overzicht gegeven van de gerealiseerde ontvangsten en uitgaven in de eerste zes maanden van 2026 en de afwijkingen ten opzichte van de oorspronkelijke begrotingsramingen.
Uit de gepresenteerde cijfers blijkt dat de uitvoering achterloopt op een gelijkmatig bestedingsritme. De ontwikkeling maakt duidelijk dat niet alleen de beschikbaarheid van financiële middelen van belang is, maar ook de capaciteit van overheidsinstanties om deze middelen tijdig en effectief om te zetten in beleid en concrete resultaten.
Een aandachtspunt daarbij zijn mogelijke betalingsachterstanden. Deze spelen met name bij het Ministerie van Volksgezondheid en het Ministerie van Sociale Zaken en Volkshuisvesting. Tijdige signalering en bijsturing moeten voorkomen dat dergelijke achterstanden verder oplopen en de uitvoering van overheidsbeleid onder druk zetten.
Comptabiliteitswet 2024 als basis voor sterker financieel beheer
Een belangrijk onderdeel van de bijeenkomst was de verdere implementatie van de Comptabiliteitswet 2024. De nieuwe wetgeving moet bijdragen aan een sterker, transparanter en meer toekomstgericht beheer van de overheidsfinanciën.
Harry Snoek, FADE-expert die bij het ministerie betrokken is, benadrukte in dit verband het belang van prudent en houdbaar beheer van de verwachte inkomsten uit de offshore olieproductie.
De toekomstige olie-inkomsten bieden Suriname belangrijke mogelijkheden om de economische ontwikkeling te versnellen. Tegelijkertijd brengen deze inkomsten risico’s met zich mee.
Internationale ontwikkelingen op de oliemarkt kunnen de inkomsten beïnvloeden, terwijl de olievoorraden eindig zijn.
Daarnaast moet rekening worden gehouden met de beperkte uitvoeringscapaciteit van de overheid om een sterke stijging van de overheidsuitgaven efficiënt te beheren.
Volgens de besproken uitgangspunten is het daarom van belang om toekomstige olierijkdom niet uitsluitend ten goede te laten komen aan de huidige generatie, maar ook rekening te houden met de belangen van toekomstige generaties.
Begrotingsregels en Spaar- en Stabilisatie Fonds
De Comptabiliteitswet 2024 en de Wet Spaar- en Stabilisatie Fonds Suriname vormen gezamenlijk het wettelijke kader voor een prudent en duurzaam beheer van de toekomstige inkomsten uit minerale rijkdommen.
De nieuwe systematiek voorziet onder meer in duidelijke begrotingsregels, het Spaar- en Stabilisatie Fonds Suriname (SSFS), een formele rol voor het Medium Term Fiscal Framework (MTFF) en uitgebreidere eisen aan de inhoud en onderbouwing van begrotingsdocumenten.
Daarmee wordt beoogd de overheidsfinanciën beter bestand te maken tegen economische schommelingen en tegelijkertijd ruimte te creëren voor een verantwoord beheer van de toekomstige inkomsten uit de olie- en gassector.
Volledige implementatie voorzien vanaf begroting 2028
De implementatie van de Comptabiliteitswet 2024 bevindt zich momenteel in de voorbereidingsfase, maar vraagt nog een omvangrijk traject. De volledige uitvoering is doorgeschoven naar de begroting voor 2028.
Een belangrijke mijlpaal is 1 april 2027. Uiterlijk op die datum moet een Begrotingsstrategie met gekwantificeerde begrotingsregels en een MTFF voor de periode 2028–2032 beschikbaar zijn.
Vervolgens moet uiterlijk op 1 oktober 2027 het Financieel Vijfjarenplan worden ingediend bij De Nationale Assemblée. Het Spaar- en Stabilisatie Fonds Suriname moet vanaf 1 januari 2028 volledig operationeel zijn.
Nieuwe technische ondersteuning gepland
Om het implementatieproces verder te ondersteunen, staat in november 2026 een derde fase van technische assistentie van het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en de Inter-American Development Bank (IDB) gepland.
Daarnaast wordt gewerkt aan het verder vastleggen van rollen en verantwoordelijkheden binnen het financieel beheer. Ook worden prestatie-indicatoren (KPI’s) ontwikkeld en wordt gewerkt aan een verandermanagementstrategie om de overgang naar de nieuwe systematiek binnen de overheid te ondersteunen.
Transparantie en tijdige bijsturing blijven noodzakelijk
De halfjaarlijkse cijfers geven inzicht in de mate waarin beschikbare middelen daadwerkelijk worden benut en maken tevens zichtbaar waar sprake is van onderbenutting, afwijkingen en mogelijke betalingsachterstanden.
De bespreking onderstreept daarmee het belang van transparante financiële verslaglegging, begrotingsdiscipline en tijdige bijsturing.
Deze elementen zijn noodzakelijk om de overheidsfinanciën niet alleen op korte termijn beheersbaar te houden, maar ook op langere termijn duurzaam en houdbaar te maken.
Met de verdere implementatie van de Comptabiliteitswet 2024 en de voorbereiding op de verwachte olie-inkomsten staat Suriname voor de opgave om financiële ruimte om te zetten in duurzame ontwikkeling, zonder de stabiliteit van de overheidsfinanciën uit het oog te verliezen.






