De recente staatsleningen en de financiële ontwikkelingen rondom de Surinaamse staatsschuld stonden centraal tijdens een vergadering van de Vaste Commissie voor Financiën en Planning van De Nationale Assemblée (DNA).
Bij de bijeenkomst waren minister van Financiën en Planning Adeline Wijnerman en Administrateur-Generaal Charlene van Bree-Soentik van het Surinaams Bureau voor de Staatsschuld (SDMO) aanwezig om toelichting te geven.
Schuldratio boven 129 procent van het bbp
Volgens minister Wijnerman bedroeg de wettelijke schuldratio van Suriname op 6 november 2025 ongeveer 129,6 procent van het bruto binnenlands product (bbp).
De minister gaf aan dat op diezelfde datum twee staatsobligaties zijn uitgegeven, waarmee in totaal ongeveer US$ 1,585 miljard is opgehaald.
Nieuwe obligatielening van US$ 265 miljoen
Daarnaast werd op 26 februari 2026 een heropening gedaan van een tienjarige staatsobligatie. Daarbij heeft de regering een aanvullende obligatielening van ongeveer US$ 265 miljoen aangetrokken als uitbreiding van een bestaande staatsobligatie.
De lening heeft een nominale rente van circa 8,5 procent.
Bestemming van de middelen
Een deel van de opbrengsten uit de obligatieleningen is ondergebracht op een speciale rekening bij de Centrale Bank van Suriname. Deze middelen zijn volgens de regering bestemd voor sociale projecten, waaronder investeringen in gezondheidszorg, onderwijs en infrastructuur.
Tijdens de vergadering werd ook ingegaan op de omstandigheden waaronder de leningen zijn afgesloten en de noodzaak om bestaande schulden te herfinancieren om de druk op de staatsbegroting in de komende jaren te verlichten.
Vragen van commissieleden
Na de presentatie kregen de leden van de commissie de gelegenheid om vragen te stellen. Wijnerman gaf aan dat de genomen stappen onderdeel zijn van zogenoemd liability management, waarbij de overheid de staatsschuld actief beheert om betalingsproblemen te voorkomen en de druk op de kasstromen te beheersen.
Afgesproken is dat het gepresenteerde financiële overzicht aan de commissieleden zal worden toegezonden, zodat zij de informatie nader kunnen bestuderen.







