President Jennifer Simons heeft deze week laten zien dat zij bereid is hard in te grijpen wanneer bestuurlijke integriteit in het geding is.
Bij het Staatsziekenfonds, Melkcentrale en de Telecommunicatie Autoriteit Suriname werd snel en zichtbaar opgetreden.
Functionarissen werden op non-actief gesteld of verzocht plaats te maken, met als duidelijke boodschap: integriteit is niet onderhandelbaar.
Maar die kordaatheid roept een ongemakkelijke vraag op: waarom blijft het stil bij Grassalco en de EBS, staatsbedrijven die al langer en vaker negatief in het nieuws komen vanwege mogelijke corruptie en wanbeheer?
Grassalco: bevindingen die niet genegeerd mogen worden
Uit een onafhankelijk onderzoek, ingesteld door de raad van commissarissen, blijkt dat Grassalco juridisch geen eigenaar is van GuySure in Guyana.
Dat staat haaks op de publieke presentatie van GuySure als buitenlandse dochteronderneming van Grassalco, inclusief een officiële opening in mei 2025, waarbij de toenmalige president Chan Santokhi persoonlijk aanwezig was.
Nog ernstiger is dat:
er geen enkel document is aangetroffen waaruit blijkt dat de toenmalige rvc goedkeuring gaf;
aandeelhouders bij oprichting managementfuncties bij Grassalco bekleedden, zonder vastlegging dat zij namens het staatsbedrijf handelden;
er over de periode 2020–2025 geen (goedgekeurde) jaarrekeningen zijn geproduceerd;
uitgaven van circa US$ 9 miljoen zijn gedaan tegenover slechts US$ 2 miljoen aan inkomsten;
geen businessplan, investeringsbesluit of rendementsanalyse is gevonden.
Op papier is GuySure daarmee geen staatsdochter, maar een particuliere onderneming met individuele aandeelhouders, waaronder de inmiddels op non-actief gestelde Grassalco-directeur Wesley Rozenhout, tegen wie bovendien een strafzaak loopt wegens de verdwijning van bijna vier kilo goud.
Politieke gevoeligheid of politieke angst?
Het onderzoeksrapport ligt al geruime tijd bij het ministerie van Natuurlijke Hulpbronnen en bij de president. Toch blijven concrete maatregelen uit.
Volgens ingewijden is de reden politieke gevoeligheid: Grassalco ressorteert onder een ministerie dat wordt geleid door de ABOP, coalitiepartner van de regering. Ook Rozenhout komt uit diezelfde politieke hoek.
Dat roept de kernvraag op: is de president bang voor een coalitiebreuk? En zo ja: is het behoud van de coalitie belangrijker dan het consequent aanpakken van corruptie en wanbeheer?
Selectief optreden ondermijnt geloofwaardigheid
Juist doordat er wél hard is ingegrepen bij andere instellingen, valt de terughoudendheid bij Grassalco en ook bij de Energiebedrijven Suriname extra op.
Die selectiviteit tast de geloofwaardigheid van het anticorruptiebeleid aan. Integriteit kan geen kwestie zijn van politieke kleur of coalitiebelang.
De boodschap aan de samenleving wordt daarmee diffuus: sommigen worden snel afgerekend, anderen lijken te worden beschermd door politieke realiteit.
Leiderschap vraagt consistentie
Niemand onderschat de complexiteit van regeren in een coalitie. Maar leiderschap wordt juist zichtbaar wanneer principes worden toegepast zonder uitzonderingen.
Corruptiebestrijding die stopt waar politieke risico’s beginnen, is geen structurele aanpak maar crisismanagement.
De president staat nu voor een principiële keuze: laat zij zien dat integriteit zwaarder weegt dan coalitiebehoud, of bevestigt zij het beeld dat politieke stabiliteit belangrijker is dan rechtvaardigheid?
De samenleving kijkt mee. En zwijgen is in dit dossier óók een antwoord.
N. Mohari
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud








