De Vereniging van Inheemse Dorpshoofden in Suriname (VIDS) heeft een krachtig signaal afgegeven aan de regering over de besteding van recent toegekende internationale middelen voor natuurbehoud.
Volgens de organisatie mag de toegekende USD 20 miljoen niet worden ingezet zonder volwaardige betrokkenheid van Inheemse volken.
VIDS benadrukt dat het streven naar 90% bosbedekking wordt ondersteund. Tegelijkertijd waarschuwt de organisatie dat de manier waarop dit doel wordt nagestreefd cruciaal is.
Zonder duidelijke afspraken en betrokkenheid van de gemeenschappen die al generaties lang het bos beschermen, bestaat het risico dat natuurbeleid ten koste gaat van hun rechten en bestaanszekerheid.
Gebrek aan erkenning van rechten centraal probleem
Een belangrijk knelpunt dat door VIDS wordt aangehaald, is het ontbreken van wettelijke erkenning van collectieve landrechten en de positie van Inheemse volken in Suriname.
Hierdoor blijven zij volgens de organisatie vaak “onzichtbaar” in wetgeving en beleid. Ook wordt gewezen op het onvoldoende toepassen van het principe van vrije, voorafgaande en geïnformeerde toestemming (FPIC) bij projecten die hun leefgebieden raken.
Kritiek op bestaande en eerdere trajecten
De organisatie stelt dat eerdere initiatieven, waaronder programma’s zoals REDD+ en andere internationale projecten, niet of onvoldoende rekening hebben gehouden met de rechten en belangen van Inheemse gemeenschappen.
Volgens VIDS leidt dit ertoe dat projecten vaak voordelen opleveren voor externe partijen, terwijl de betrokken gemeenschappen slechts beperkt profiteren.
Daarnaast wordt gewezen op het risico dat nieuwe natuurwetgeving, zoals een mogelijke Wet Duurzaam Natuurbeheer, zonder adequate betrokkenheid van Inheemse volken kan leiden tot verdere juridische onzekerheid en zelfs beperkingen voor toekomstige erkenning van landrechten.
Oproep tot structurele betrokkenheid
VIDS geeft aan bereid te zijn tot constructieve samenwerking, maar benadrukt dat Inheemse volken niet slechts als stakeholders moeten worden gezien.
De organisatie pleit voor erkenning als rechtmatige belanghebbenden, met volledige participatie in beleidsvorming en besluitvorming volgens internationale standaarden.
Volgens VIDS is het essentieel dat natuurbehoud en mensenrechten hand in hand gaan. Alleen via een inclusieve en rechtvaardige aanpak kan duurzaam bosbeheer daadwerkelijk worden gerealiseerd en kunnen zowel natuur als gemeenschappen worden beschermd.







