De scherpe kritiek van NPS-fractieleider Jerrel Pawiroredjo tijdens de begrotingsbehandeling in De Nationale Assemblee heeft opnieuw de aandacht gevestigd op het functioneren van het Korps Politie Suriname (KPS).
Pawiroredjo stelde dat het korps de afgelopen jaren te vaak negatief in het nieuws is geweest en suggereerde dat niet alleen de uitvoerende diensten, maar ook de korpsleiding en de minister van Justitie en Politie verantwoordelijkheid dragen voor de huidige situatie.
Zijn uitspraken staan niet op zichzelf. De afgelopen jaren werd het KPS herhaaldelijk geconfronteerd met incidenten die het vertrouwen van de samenleving hebben aangetast.
Verdwenen in beslag genomen goederen, ontsnappingen van arrestanten, interne integriteitskwesties, personeelstekorten en organisatorische problemen hebben geleid tot een steeds terugkerende vraag: ligt het probleem uitsluitend bij individuele incidenten, of is sprake van een dieper bestuurlijk vraagstuk?
Die vraag verdient een bredere analyse dan de beoordeling van één korpschef. Zij raakt aan de wijze waarop de leiding van het korps de afgelopen jaren is vormgegeven en aan de rol die de politiek daarin heeft gespeeld.
De rol van de politiek
In vrijwel iedere democratische rechtsstaat speelt de regering een rol bij de benoeming van de hoogste politiefunctionaris. Dat geldt ook voor Suriname.
Tegelijkertijd geldt internationaal als uitgangspunt dat een politieorganisatie haar professionele onafhankelijkheid moet behouden.
Politieke verantwoordelijkheid voor veiligheid is immers iets anders dan politieke invloed op de dagelijkse aansturing van een politiekorps.
Juist over dat evenwicht wordt in Suriname al jaren gediscussieerd.
Sinds 2015 zijn de benoemingen van korpschefs regelmatig onderwerp geweest van politiek debat. Oppositiepartijen, vakorganisaties en maatschappelijke organisaties hebben in verschillende perioden vragen gesteld over de mate waarin politieke overwegingen een rol speelden bij benoemingen, beleidswijzigingen en de koers van het korps.
Dergelijke discussies zijn op zichzelf niet nieuw, maar de frequentie waarmee zij terugkeerden heeft de indruk versterkt dat de politieorganisatie steeds nadrukkelijker onderdeel werd van het politieke debat.
Het is belangrijk daarbij onderscheid te maken tussen perceptie en vaststaande feiten. Benoemingen van korpschefs zijn formeel een bevoegdheid van de regering.
Tegelijkertijd wijzen deskundigen op het belang van transparante selectieprocedures waarbij ervaring, vakbekwaamheid, integriteit en leiderschap de doorslag geven. Juist binnen veiligheidsorganisaties is bestuurlijke continuïteit essentieel om langetermijnbeleid succesvol uit te voeren.
Veel wisselingen aan de top
Na het vertrek van hoofdcommissaris Humphrey Tjin Liep Shie eind 2015 kende het Korps Politie Suriname in relatief korte tijd meerdere korpschefs.
Agnes Daniel werd de eerste vrouwelijke korpschef van Suriname. Haar ambtsperiode werd gekenmerkt door spanningen met de Surinaamse Politiebond over onder meer arbeidsvoorwaarden, promoties en de interne organisatie.
Daarna volgden waarnemend korpschef Antonio Chin, Roberto Prade, Ruben Kensen, Bryan Isaacs en de huidige korpschef Melvin Pinas.
Iedere nieuwe korpschef bracht een eigen visie, andere prioriteiten en een andere bestuursstijl met zich mee. Dat is op zichzelf niet ongebruikelijk.
Organisatiekundigen wijzen er echter op dat een veiligheidsorganisatie juist gebaat is bij stabiliteit. Beleidsplannen op het gebied van opleiding, criminaliteitsbestrijding, digitalisering, integriteit en personeelsontwikkeling vragen vaak jaren voordat zij volledig effect hebben.
Wanneer de leiding regelmatig wisselt, bestaat het risico dat lopende trajecten worden aangepast of opnieuw worden ingericht voordat eerdere hervormingen hun vruchten hebben afgeworpen.
De maatschappelijke kritiek die de afgelopen jaren is ontstaan, richt zich daarom niet uitsluitend op individuele korpschefs, maar ook op het ontbreken van bestuurlijke continuïteit.
Een loopbaan opgebouwd binnen het korps
In die discussie wordt regelmatig teruggegrepen op de ambtsperiode van voormalig hoofdcommissaris Humphrey Tjin Liep Shie. Niet omdat zijn periode zonder uitdagingen was, maar omdat zijn carrière een ander ontwikkelingspad kende dan waar de huidige discussie zich op richt.
Tjin Liep Shie bouwde gedurende tientallen jaren zijn loopbaan op binnen het Korps Politie Suriname. Hij doorliep verschillende operationele en leidinggevende functies en verwierf ervaring binnen uiteenlopende onderdelen van de politieorganisatie.
Collega’s omschrijven hem als een politieman die het vak van binnenuit kende en gezag opbouwde door kennis, ervaring en prestaties.
Zijn benoeming tot korpschef werd door velen gezien als de bekroning van een lange politiecarrière. Niet politieke profilering, maar een jarenlange staat van dienst, vakbekwaamheid en leiderschap vormden volgens oud-collega’s de basis van zijn gezag binnen het korps.
Dat betekent niet dat zijn beleid boven iedere kritiek verheven was. Ook tijdens zijn ambtsperiode kampte het KPS met uitdagingen op het gebied van capaciteit, criminaliteitsbestrijding en middelen.
Toch wordt zijn bestuursstijl door veel voormalige politiefunctionarissen nog altijd omschreven als consequent, professioneel en gericht op de lange termijn.
Leiding vanuit professionaliteit
Onder leiding van Tjin Liep Shie werd nadrukkelijk ingezet op discipline, opleiding, integriteit en een duidelijke commandostructuur.
Verantwoordelijkheden lagen helder vast en operationele beslissingen werden zoveel mogelijk genomen binnen de professionele gezagslijnen van de organisatie.
Zijn bestuursstijl werd gekenmerkt door voorspelbaarheid. Medewerkers wisten welke normen golden, welke verantwoordelijkheden zij droegen en welke verwachtingen de korpsleiding stelde. Die duidelijkheid droeg volgens velen bij aan stabiliteit binnen de organisatie.
Juist dat aspect wordt vandaag de dag nog regelmatig genoemd door oud-politiemensen. Niet omdat men terug wil naar het verleden, maar omdat de behoefte aan consistent leiderschap en professioneel bestuur nog altijd actueel is.
De gevolgen van bestuurlijke instabiliteit
Het is moeilijk om één oorzaak aan te wijzen voor de uitdagingen waarmee het KPS vandaag de dag wordt geconfronteerd. Criminaliteit verandert, maatschappelijke verwachtingen nemen toe en ook financiële beperkingen spelen een belangrijke rol.
Toch bestaat onder bestuurskundigen brede overeenstemming dat een organisatie die regelmatig van koers verandert kwetsbaarder wordt.
Langdurige wisselingen aan de top kunnen leiden tot onzekerheid onder medewerkers, vertraging van hervormingen en een afnemend vertrouwen in de organisatie.
Wanneer daarnaast de indruk ontstaat dat politieke ontwikkelingen een steeds grotere invloed hebben op benoemingen of beleidskeuzes, kan dat ook gevolgen hebben voor de perceptie van de onafhankelijkheid van het korps.
Juist een politieorganisatie moet immers boven de partijpolitiek staan en haar legitimiteit ontlenen aan professionaliteit, rechtsstatelijkheid en het vertrouwen van de samenleving.
Een debat dat verder gaat dan personen
De uitspraken van Jerrel Pawiroredjo hebben daarmee een discussie geopend die verder gaat dan de beoordeling van de huidige korpschef. De kernvraag is niet alleen wie leiding geeft aan het Korps Politie Suriname, maar vooral onder welke voorwaarden die leiding effectief kan functioneren.
De geschiedenis van het KPS laat zien dat duurzame resultaten niet uitsluitend afhankelijk zijn van één bestuurder. Zij vragen om stabiele instituties, een duidelijke commandostructuur, ruimte voor professioneel leiderschap en benoemingen die gebaseerd zijn op ervaring, deskundigheid en integriteit.
Misschien ligt daarin wel de belangrijkste les uit de afgelopen tien jaar. Niet dat het korps moet terugkeren naar een bepaalde persoon of periode, maar dat een professionele politieorganisatie alleen kan functioneren wanneer bestuurlijke continuïteit belangrijker wordt geacht dan politieke actualiteit. Dat is uiteindelijk de uitdaging waarvoor zowel de korpsleiding als de politiek zich geplaatst ziet.
Changoer Kiran
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud







