Suriname voelt voor mij anders dan vroeger. Ooit was het bijna vanzelfsprekend dat familie, buren en vrienden elkaar nodig hadden.
Iemand paste op een kind, een buurman hielp met een klus en familie sprong bij wanneer het even tegenzat.
Tegenwoordig hoor ik steeds vaker een andere houding: mi mus libi srefi. Ik moet voor mezelf leven.
Iedereen bouwt zijn eigen wereld
GFC Nieuws schreef eerder over een 61 jarige man van Surinaamse afkomst die na ruim twintig jaar in Nederland terugkwam.
Hij vond Suriname minder gezellig en zag mensen volgens hem meer langs elkaar heen leven.
Een echtpaar dat ongeveer anderhalf jaar geleden naar Suriname emigreerde, reageerde daar anders op.
Zij bezoeken ons land al sinds 2003 en zagen Suriname voortdurend veranderen.
Tegelijk merkten zij terecht op dat mensen zelf ook veranderen. Wie ouder wordt, kijkt anders naar dezelfde omgeving.
Dat herken ik. Toch denk ik dat er werkelijk iets verschuift.
Werk, sociale media, telefoons en een druk eigen leven vullen onze dagen.
Onaangekondigd bij iemand binnenlopen wordt minder normaal. Iedereen heeft zijn eigen agenda.
Ook relaties veranderen
Ik zie hetzelfde bij mensen boven de dertig. Sommigen blijven bewust single omdat ze vrijheid, carrière en rust belangrijk vinden.
Anderen hebben liefde geprobeerd en zijn teleurgesteld. Degene die jij wilt, wil jou soms niet.
Na een paar pijnlijke ervaringen kan “ik red mezelf wel” aantrekkelijk gaan klinken.
Vroeger trouwden mensen vaak jonger en bouwden zij samen iets op. Dat was niet altijd romantischer.
Mensen waren ook economisch en praktisch sterker van elkaar afhankelijk.
Van gemeenschap naar low trust
Daar zit mijn zorg. Suriname lijkt langzaam eigenschappen te krijgen van wat wel een low trust society wordt genoemd: een samenleving waarin mensen voorzichtiger worden met anderen en vooral hun eigen zaken regelen.
Nederland laat zien hoe ver individualisering kan gaan. Zelfstandigheid biedt enorme vrijheid, maar kan ook betekenen dat mensen elkaar minder nodig hebben.
Misschien romantiseren we het oude Suriname soms. Toch wil ik één ding niet kwijtraken: het gevoel dat je niet alles alleen hoeft te dragen.
Want als iedereen uiteindelijk zegt mi mus libi srefi, wie blijft er dan nog over om voor elkaar te leven?
Ida Thornhill is docente aan een lerarenopleiding in Paramaribo en actief als auteur en columniste.
Vanuit haar jarenlange ervaring in het onderwijs en haar brede maatschappelijke betrokkenheid schrijft zij over uiteenlopende thema’s die Suriname raken.






