Hoe gevoelig het ook kan liggen, ik vind het geen slechte zaak als Suriname deels inspiratie haalt uit de strenge regels van Singapore.
Vooral als het gaat om vervuiling van de openbare ruimte. Want laten we eerlijk zijn: we kampen hier al jaren met mensen die het maar niet lijken te leren om netjes met hun omgeving om te gaan.
Afval op straat gooien, spugen op de weg, kauwgom achterlaten waar anderen in stappen, het gebeurt nog veel te vaak. En sommigen lijken zich er totaal niet voor te schamen.
Als iemand van zijn eigen huis een varkensstal wil maken is dat al erg genoeg, maar het wordt pas echt problematisch wanneer men ook openbare plekken behandelt als een vuilnisbelt.
Discipline ontstaat niet vanzelf
In Singapore gelden harde regels tegen zwerfafval, spugen en vandalisme, vaak met forse boetes en lange gevangenisstraffen.
Ook vandalisme wordt daar streng aangepakt. Niet voor niets staat dat land bekend om orde en netheid.
Ik weet vrijwel zeker dat als delen van zo’n aanpak in Suriname serieus zouden worden toegepast én gehandhaafd, ons land er veel netter uit zou kunnen zien.
Soms werkt streng zijn beter
Sommigen zullen zeggen dat zulke regels te hard zijn. Maar wat is het alternatief? Nog langer accepteren dat enkelen het land vervuilen voor iedereen?
Soms leert niet een vriendelijk verzoek discipline, maar consequenties. En misschien is dat precies wat nodig is voor degenen die er telkens weer een potje van maken.
Een schoner Suriname vraagt niet alleen bewustwording, maar ook grenzen. En die mogen best steviger zijn.
Ida Thornhill is docente aan een lerarenopleiding in Paramaribo en actief als auteur en columniste.
Vanuit haar jarenlange ervaring in het onderwijs en haar brede maatschappelijke betrokkenheid schrijft zij over uiteenlopende thema’s die Suriname raken.







