In het kader van haar 76-jarig bestaan organiseerde de Vereniging Surinaams Bedrijfsleven (VSB) een strategische dialoogsessie onder de titel “Suriname 2050 – Governance voor de volgende generatie”.
De bijeenkomst bracht vertegenwoordigers uit het bedrijfsleven, de financiële sector, maatschappelijke organisaties en beleidskringen samen.
Centraal tijdens de avond stond de vraag hoe Suriname zich institutioneel moet voorbereiden op de verwachte olie-inkomsten en welke rol goed bestuur daarin speelt.
De rode draad door de discussies was duidelijk: de grootste bedreiging voor de toekomstige olie-economie ligt niet in technologie of marktprijzen, maar in de kwaliteit van bestuur, integriteit van leiderschap en de weerbaarheid van staatsinstituten.
“Suriname heeft nog 18 maanden”
Keynote speaker Karel Eckhorst hield de aanwezigen voor dat Suriname nog ongeveer achttien maanden heeft om de institutionele basis te leggen voor een duurzame olie-economie.
Volgens hem moeten inkomsten uit olie en gas niet worden gezien als einddoel, maar als instrument om duurzame en inclusieve ontwikkeling mogelijk te maken, met bijzondere aandacht voor investeringen in menselijk kapitaal.
Hij benadrukte dat zowel de overheid als de private sector voldoende absorptiecapaciteit moeten ontwikkelen om toekomstige investeringen en inkomsten verantwoord te kunnen beheren.
Daarbij wees hij op het belang van instrumenten zoals het Spaar- en Stabilisatiefonds en het staatsbesluit houdbare overheidsfinanciën.
Volgens Eckhorst zijn dergelijke mechanismen echter alleen effectief wanneer politieke wil, discipline en uitvoeringskracht aanwezig zijn.
Daarnaast presenteerde hij een reeks hervormingen die volgens hem binnen zes tot twaalf maanden uitvoerbaar zijn, waaronder een online aanbestedingsportaal, bescherming van klokkenluiders, publicatie van vermogensverklaringen van politieke ambtsdragers en integriteitstoetsen bij topbenoemingen.
Volgens hem vereisen veel van deze maatregelen geen grote financiële middelen, maar vooral consistent bestuur en uitvoering.
Panel bespreekt structurele zwaktes binnen systeem
Onder leiding van moderator Kamlesh Ganesh gingen panelleden Sharda Ganga, Antoon Karg, Daniela Herkul en Winston Ramautarsing dieper in op de uitdagingen rond governance, toezicht en economische stabiliteit.
Tijdens het panel werd benadrukt dat besluitvorming niet gestuurd mag worden door partijpolitieke belangen, maar door rechtvaardigheid en het algemeen belang. Daarbij werd gewezen op de noodzaak van transparante procedures binnen staatsbedrijven en parastatale instellingen.
Ook kwam de politieke realiteit aan bod waarin verkiezingswinst vaak leidt tot een concentratie van staatsmacht zonder voldoende checks and balances. Panelleden benadrukten dat hervormingen alleen kans van slagen hebben wanneer ook maatschappelijke druk vanuit het bedrijfsleven, vakbonden en maatschappelijke organisaties aanwezig blijft.
Transparantie en deskundigheid essentieel
Tijdens de discussies werd verder gepleit voor openbare benoemingsprocedures, duidelijke profielschetsen voor leidinggevende functies, publicatie van jaarcijfers van staatsbedrijven en transparante kostenstructuren. Volgens de panelleden vormt transparantie een noodzakelijke basis voor vertrouwen in publieke instituties.
Ook werd gewaarschuwd voor de economische impact van de verwachte olie-inkomsten vanaf 2028. Volgens econoom Winston Ramautarsing kan een plotselinge sterke inkomstenstijging leiden tot economische schokken indien Suriname zich daar onvoldoende institutioneel op voorbereidt.
Hij pleitte daarom voor een begrotingssysteem dat minder afhankelijk is van olie-inkomsten en meer gericht blijft op duurzame economische fundamenten.
Kritische beoordeling van governance door publiek
Tijdens de bijeenkomst werd een live-enquête gehouden onder de aanwezigen over het vertrouwen in het bestuur na acht maanden regeringsbeleid. De resultaten schetsten een kritisch beeld van de huidige governancebeleving binnen de samenleving.
Een grote meerderheid van de aanwezigen beoordeelde het bestuur als zwak of zeer zwak, wat volgens de organisatoren de urgentie van institutionele hervormingen verder onderstreept.
Collectieve verantwoordelijkheid voor toekomst Suriname
De VSB concludeerde dat corruptie en falend bestuur niet slechts incidenten zijn, maar symptomen van diepere structurele problemen binnen het systeem.
Volgens de organisatie ligt de oplossing niet uitsluitend in nieuwe wetgeving, maar ook in een bredere verandering van bestuurscultuur, verantwoordelijkheid en maatschappelijke normen.
De bijeenkomst maakte duidelijk dat duurzame ontwikkeling alleen mogelijk is wanneer overheid, bedrijfsleven, vakbeweging, maatschappelijke organisaties en burgers gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen voor goed bestuur en institutionele versterking.
Volgens de organisatoren markeert de bijeenkomst van 30 april het begin van een langdurig maar noodzakelijk traject richting een sterker, transparanter en toekomstbestendiger Suriname.






![[Aggregator] Downloaded image for imported item #437035](https://www.gfcnieuws.com/wp-content/uploads/2026/05/69f99b2b-9be7-4a1e-afc7-f5525446940b.jpg)
![[Aggregator] Downloaded image for imported item #437055](https://www.gfcnieuws.com/wp-content/uploads/2026/05/Untitled-1.jpg)