Uit gesprekken die GFC Nieuws heeft gevoerd met verschillende personen van Surinaamse origine die Jehovah’s Getuigen zijn, blijkt dat de recente versoepeling van het standpunt over bloed niet betekent dat zij automatisch bereid zijn om bloed van een andere persoon te ontvangen.
Het Besturende Lichaam van Jehovah’s Getuigen maakte onlangs bekend dat individuele leden voortaan zelf mogen beslissen of zij rode bloedcellen, witte bloedcellen, plasma of bloedplaatjes uit het bloed van een andere persoon accepteren.
Ook het doneren van bloed voor gebruik door anderen wordt voortaan als een persoonlijke gewetenskwestie beschouwd.
Volbloed blijft uitgesloten
De nieuwe richtlijn betekent niet dat het religieuze standpunt over volbloedtransfusies is veranderd. De weigering van een transfusie met volbloed blijft volgens de wereldwijde leiding ongewijzigd.
De organisatie verwijst daarbij naar haar religieuze interpretatie van Bijbelse passages over het zich onthouden van bloed.
De beslissing over de vier belangrijkste bloedcomponenten wordt voortaan echter aan het individuele geweten overgelaten. Gemeenten zouden zich volgens de organisatie niet met die persoonlijke keuzes moeten bemoeien.
Niet iedereen verandert van mening
Uit de gesprekken van GFC Nieuws in zowel Suriname als Nederland komt naar voren dat sommige Jehovah’s Getuigen ondanks de nieuwe vrijheid niet van plan zijn bloedcomponenten van een ander te accepteren.
Zij geven aan vast te willen houden aan hun persoonlijke religieuze overtuiging en ook onder de nieuwe regeling geen bloed van een donor te willen ontvangen.
De recente wijziging geeft leden dus meer persoonlijke keuzevrijheid, maar betekent niet dat binnen de gemeenschap iedereen dezelfde medische beslissing zal nemen.
Het uitgangspunt is juist dat ieder lid hierover zelf een gewetensbeslissing maakt.






