Vorige week woonde ik in Paramaribo een verjaardagsfeest bij waar ik een gesprek volgde dat mij eerlijk gezegd aan het denken heeft gezet.
Aan tafel zat onder anderen een zeer kapitaalkrachtige Chinese zakenman, een multimiljonair die in China werd geboren maar al op jonge leeftijd naar Suriname verhuisde.
Op enig moment vertelde mijn vriendin hem dat zij overweegt haar 17-jarige zoon naar Nederland te sturen.
Haar gedachte daarachter was duidelijk. Misschien krijgt hij daar betere kansen om zaken te doen en uiteindelijk financieel zeer succesvol te worden.
Het antwoord van de zakenman verraste haar.
‘Waarom zou je hem naar Nederland sturen?’
Volgens hem is het juist aanzienlijk moeilijker om in Nederland vanuit het niets een groot vermogen op te bouwen dan in Suriname.
Hij stelde dat hij er niet van overtuigd is dat hij zelf financieel zo succesvol zou zijn geworden als hij als jonge jongen naar Nederland was verhuisd.
Zijn redenering was eenvoudig. Nederland heeft een veel grotere en professionelere markt, maar juist daardoor is de concurrentie veel zwaarder.
Ondernemers moeten er opboksen tegen gevestigde bedrijven, beschikken over meer kapitaal en hebben te maken met uitgebreide regelgeving, arbeidskosten, belastingverplichtingen, vergunningen en strengere administratieve eisen.
Suriname is economisch veel kleiner en kent volgens hem juist niches waarin een ondernemer relatief snel een positie kan opbouwen.
Wie goed ziet waar vraag naar is en bereid is hard te werken, kan volgens hem gemakkelijker een marktpositie veroveren.
Kijk naar de Chinese ondernemers
Hij wees daarbij op Chinese ondernemers die in Suriname een bedrijf hebben opgebouwd. Volgens hem zouden velen van hen in Nederland niet dezelfde kansen hebben gehad, zeker niet buiten traditionele sectoren zoals horeca.
Hij noemde de supermarktbranche als voorbeeld. In Suriname zijn Chinese supermarkten een vertrouwd onderdeel van het straatbeeld. In Nederland is dat volgens hem veel minder vanzelfsprekend.
Ook in verschillende Afrikaanse landen hebben Chinese ondernemers volgens hem relatief gemakkelijk handelsactiviteiten kunnen opbouwen.
Niet emigreren, maar kansen creëren
Zijn advies aan mijn vriendin was daarom opmerkelijk. Stuur je zoon niet naar Nederland met het idee dat daar het grote geld ligt. Laat hem zich in Suriname ontwikkelen, leer hem ondernemen en laat hem hier een markt zoeken waarin hij zich kan onderscheiden.
Misschien zit daar een ongemakkelijke waarheid in. Wij kijken in Suriname vaak naar Nederland als het land van kansen. Maar misschien zijn er juist in Suriname kansen die we zelf onvoldoende zien.
Nederland biedt enorme mogelijkheden, zeker voor wie hoogopgeleid is en specialistische kennis bezit. Maar rijk worden door ondernemerschap is iets anders.
In een kleinere markt met minder gevestigde concurrentie kan iemand soms sneller een niche vinden.
De boodschap van deze Chinese zakenman bleef daarom bij mij hangen. Je hoeft niet altijd naar het buitenland om vooruit te komen. Soms ligt de kans waarop je wacht gewoon om de hoek.
Ida Thornhill is docente aan een lerarenopleiding in Paramaribo en actief als auteur en columniste.
Vanuit haar jarenlange ervaring in het onderwijs en haar brede maatschappelijke betrokkenheid schrijft zij over uiteenlopende thema’s die Suriname raken.






