Afgelopen weekend lag ik heerlijk doelloos te scrollen op m’n telefoon toen ik op internet een discussie tegenkwam.
Een buitenlander vroeg simpel: “Wat is nu echt het nationale gerecht van Suriname?”
Ik moest lachen. Vraag dat op een verjaardag en je hebt binnen twee minuten ruzie! De één zweert bij roti, de ander eist Heri Heri, en een derde roept dat we er wel tien hebben.
Suriname heeft niets op papier staan
Dat is precies het probleem. Er bestaat geen wet of officieel document waarin staat welk gerecht Suriname vertegenwoordigt.
Wat als nationaal gerecht geldt, is puur gebaseerd op gewoonte en op wat de meeste mensen zeggen als je het ze vraagt.
Pom blijft toch de stille winnaar
Kijk je naar internationale kookwebsites en encyclopedieën, dan komt pom steeds als eerste naar boven. Het is een ovengerecht gemaakt met de wortel van de tayerplant, ook wel pomtajer genoemd.
Binnen de Surinaamse gemeenschap, en in Nederland, geldt pom als het bekendste feestgerecht dat er is. Er is zelfs een gezegde voor: zonder pom is er geen verjaardag.
De geschiedenis van het gerecht is trouwens net zo gemixt als Suriname zelf.
Het wordt toegeschreven aan de Creoolse gemeenschap, maar de wortels liggen bij Portugees Joodse plantage eigenaren die het ooit met aardappel maakten in plaats van tayer.
Roti en pindasoep laten zich niet wegduwen
Toch is pom niet voor iedereen de enige waarheid. Veel mensen noemen roti met stip het meest geliefde gerecht, met zijn Hindoestaanse wortels en vaste plek bij bruiloften en religieuze feesten.
Weer anderen wijzen op pindasoep, waarschijnlijk ontstaan bij de tot slaaf gemaakten die op de plantages werkten. Alle drie hebben ze aanhangers en alle drie horen ze bij Suriname.
Waarom wij geen eenduidig antwoord hebben
De verklaring ligt voor de hand als je bedenkt hoe divers Suriname is. Elke bevolkingsgroep bracht haar eigen keuken mee, van Javaanse nasi tot Creoolse moksi alesi. Het land koos nooit bewust één gerecht om dat allemaal samen te vatten.
Andere landen deden dat wel
Indonesië riep nasi goreng officieel uit tot nationaal gerecht. Peru legde ceviche zelfs wettelijk vast als cultureel erfgoed, compleet met een eigen feestdag.
Thailand voerde in de jaren veertig een heuse campagne om pad thai wereldwijd op de kaart te zetten. Jamaica koos officieel voor ackee met zoutvis.
Suriname deed dat nooit, ondanks alle culinaire trots die wij hebben.
Ida Thornhill is docente aan een lerarenopleiding in Paramaribo en actief als auteur en columniste.
Vanuit haar jarenlange ervaring in het onderwijs en haar brede maatschappelijke betrokkenheid schrijft zij over uiteenlopende thema’s die Suriname raken.







