De recente column van de Paramaribose docente en auteur Ida Thornhill over remigreren naar Suriname heeft veel reacties losgemaakt.
Ida stelde de vraag waarom iemand die eenmaal in Nederland woont, vrijwillig zou terugkeren naar Suriname.
Onder de vele reacties viel vooral één mening op.
Volgens een GFC Nieuws- lezer zouden Surinaamse Nederlanders die niets bijdragen aan de lokale economie weinig toegevoegde waarde hebben voor de Surinaamse samenleving.
Daarmee is een nieuwe discussie ontstaan over de vraag wat remigratie daadwerkelijk oplevert.
Reactie zet discussie op scherp
Veel lezers herkennen de gevoelens die mensen noemen als reden om terug te keren. Zij missen familie, de warmte, de cultuur en het gevoel van thuis.
Ook geven sommigen aan dat het leven in Nederland gehaast aanvoelt en dat zij zich voortdurend onder druk gezet voelen.
De opvallende reactie die wij ontvingen gaat zelfs een stap verder.
Volgens deze lezer zou Suriname Nederlanders zonder voldoende financiële middelen niet moeten toelaten, omdat zij weinig bijdragen aan de economie en mogelijk juist extra druk leggen op voorzieningen.
Vergelijking met Nederland
De reactie raakt een gevoelige snaar. Surinamers die naar Nederland verhuizen, worden in de praktijk vaak geacht een bijdrage te leveren aan de samenleving.
Dat gebeurt bijvoorbeeld door te werken en belasting te betalen, een studie te volgen of op een andere manier economisch actief te zijn.
Volgens de reageerder zou Suriname daarom dezelfde afweging moeten maken.
Wanneer iemand op latere leeftijd remigreert zonder werk, onderneming of investeringen, is volgens deze visie de maatschappelijke meerwaarde beperkt.
Meningen blijven verdeeld
Niet iedereen deelt die opvatting. Er zijn ook remigranten die juist veel kunnen betekenen voor Suriname. Daarbij wordt vaak gewezen op artsen, verpleegkundigen, docenten, ondernemers en andere professionals die hun kennis, ervaring en internationale netwerk meenemen.
Zij kunnen bijdragen aan betere zorg, onderwijs, werkgelegenheid en economische ontwikkeling.
Daarnaast kiezen sommige gepensioneerden ervoor hun pensioen volledig in Suriname uit te geven.
Dat geld komt terecht bij lokale winkels, horeca, aannemers en andere bedrijven, waardoor ook zij indirect bijdragen aan de economie.







