De keuze van een partijvoorzitter is meer dan een strijd om een functie. Het gaat om de toekomst van de partij, haar politieke koers en het vertrouwen van haar achterban.
Bij de vergelijking tussen Gajadien en Achaibersing gaat mijn voorkeur uit naar Gajadien. Niet omdat Achaibersing niet capabel zou zijn, maar omdat ik vind dat het voorzitterschap van de VHP meer vraagt dan bestuurlijke en financiële deskundigheid.
Politieke ervaring, kennis van de partij en weerbaarheid onder druk zijn minstens zo belangrijk als bestuurlijke competenties.
Gajadien heeft stevig fundament opgebouwd
Gajadien heeft door zijn jarenlange politieke betrokkenheid bij de VHP een fundament opgebouwd dat niet in korte tijd kan worden verkregen.
Een partijvoorzitter moet de organisatie kennen, weten wat er onder de achterban leeft en begrijpen hoe interne verhoudingen werken.
Ook moet hij weten hoe hij leden kan mobiliseren, conflicten kan overbruggen en de partij in moeilijke tijden bij elkaar kan houden.
Politieke ervaring betekent niet alleen dat iemand jarenlang actief is geweest. Het gaat ook om de lessen die zijn geleerd, de verantwoordelijkheden die zijn gedragen en de bijdrage die iemand aan de ontwikkeling van de partij heeft geleverd.
Daarom moeten de politieke staat van dienst en de concrete verdiensten van Gajadien zwaar meewegen in de beoordeling van zijn kandidatuur.
Achaibersing mist juiste kwaliteiten
Achaibersing beschikt eveneens over kwaliteiten die voor de VHP van waarde kunnen zijn. Zijn ervaring als minister van Financiën en zijn financiële deskundigheid mogen niet worden onderschat. Toch moeten we onderscheid maken tussen het leiden van een ministerie en het leiden van een politieke partij.
Een minister werkt binnen een bestuurlijk kader, met wettelijke bevoegdheden, ambtenaren en een duidelijk omschreven beleidsterrein.
Een partijvoorzitter moet daarnaast omgaan met interne machtsverhoudingen, uiteenlopende ambities, politieke tegenstellingen en de voortdurende druk van publieke kritiek.
Hij moet niet alleen besluiten nemen, maar ook mensen overtuigen, vertrouwen behouden en verschillende groepen achter één politieke visie verenigen. Een goede minister is dus niet automatisch de beste partijvoorzitter.
Vertrek Achaibersing als minister verdient aandacht
Ook het vertrek van Achaibersing als minister van Financiën verdient aandacht. Hij was door de partij voor die functie voorgedragen, maar legde zijn ministeriële functie neer toen er problemen ontstonden, onder verwijzing naar persoonlijke redenen.
Dat gegeven mag niet zonder meer worden uitgelegd als bewijs van ongeschiktheid. Buitenstaanders kennen immers niet noodzakelijk alle persoonlijke omstandigheden.
Toch is het legitiem om bij de keuze van een partijleider te onderzoeken hoe een kandidaat omgaat met druk, conflicten en moeilijke politieke situaties.
De vraag is niet of Achaibersing capabel is, maar of zijn ervaring voldoende aansluit bij de specifieke eisen van het voorzitterschap.
In de politiek wordt er regelmatig met modder gegooid. Tegenstanders proberen elkaars geloofwaardigheid aan te tasten en ook binnen een partij kunnen spanningen hoog oplopen.
Een voorzitter moet daarom over politieke en mentale weerbaarheid beschikken. Hij moet kritiek kunnen verdragen, onderscheid maken tussen inhoudelijke bezwaren en persoonlijke aanvallen en onder druk weloverwogen beslissingen blijven nemen.
Mentale weerbaarheid betekent niet dat iemand nooit mag terugtreden of persoonlijke grenzen moet negeren. Het betekent wel dat een partijvoorzitter voorbereid moet zijn op de langdurige druk die bij de functie hoort.
De partij moet dit beoordelen aan de hand van het optreden, de besluitvorming en de leiderschapskwaliteiten van beide kandidaten, niet op basis van geruchten of persoonlijke aanvallen.
Ook Gajadien moet overigens bewijzen dat hij de VHP kan vernieuwen. Jarenlange betrokkenheid is een voordeel, maar geen garantie voor succesvol leiderschap.
Partij moet jongeren kansen bieden
De partij heeft behoefte aan een voorzitter die jongeren kansen biedt, nieuwe groepen aanspreekt, interne verdeeldheid vermindert en bereid is kritisch naar het eigen verleden te kijken.
Mijn voorkeur voor Gajadien berust vooral op zijn langdurige politieke betrokkenheid, zijn kennis van de partij en de ervaring die hij binnen de VHP heeft opgebouwd.
Naar mijn oordeel bieden die eigenschappen een sterk vertrekpunt voor het voorzitterschap. Achaibersings deskundigheid kan eveneens waardevol zijn, maar financiële en bestuurlijke kennis alleen zijn onvoldoende om te bepalen wie de beste politieke leider is.
De VHP moet daarom verder kijken dan titels, opleidingen en persoonlijke loyaliteit. Wie de partij kan verbinden, haar achterban kan versterken en onder moeilijke omstandigheden verantwoordelijkheid blijft dragen, moet de doorslag geven.
Een partijvoorzitter wordt niet uitsluitend beoordeeld op wat hij als bestuurder heeft bereikt, maar vooral op wat hij als politiek leider voor zijn partij kan betekenen. Om die reden zie ik Gajadien als de betere keuze voor het voorzitterschap van de VHP.
Kiran Changoer
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud







