De woorden van minister David Abiamofo klinken geruststellend: skalians leveren jaarlijks een bijdrage aan de staatskas én aan de lokale gemeenschap.
Maar achter deze beleidsretoriek schuilt een harde realiteit die steeds moeilijker te negeren valt. Terwijl de staat inkomsten telt, betalen bewoners rond het stuwmeer de prijs—met hun gezondheid, hun leefomgeving en hun toekomst.
Economische winst als dekmantel
De regering presenteert skalians als een gereguleerde sector met duidelijke afspraken, monitoring en fiscale afdrachten.
Maar dit narratief dreigt een gevaarlijke simplificatie te worden. Het benadrukken van inkomsten voor de staatskas mag nooit dienen als excuus om milieuschade en sociale ontwrichting te bagatelliseren.
De kernvraag blijft: hoeveel is een vervuilde rivier waard? En wie beslist dat die prijs acceptabel is?
De stem van de gemeenschap genegeerd
Bewoners in en rondom het stuwmeer trekken al langer aan de bel. Zij spreken over vervuild water, afnemende visstand en groeiende gezondheidszorgen. Dit zijn geen abstracte klachten, maar concrete signalen van een systeem dat faalt.
Toch lijkt hun stem structureel ondergesneeuwd te raken in beleidsstukken en officiële verklaringen. De mensen die dagelijks met de gevolgen leven, worden niet gehoord—laat staan beschermd.
Monitoring of schijncontrole?
De minister wijst op een monitoringscommissie en duidelijke afspraken. Maar als deze mechanismen daadwerkelijk effectief zijn, waarom blijven de klachten zich opstapelen?
Zonder transparantie, onafhankelijke controle en zichtbare handhaving dreigt monitoring niets meer te zijn dan een papieren werkelijkheid. Regulering zonder consequenties is geen regulering—het is medeplichtigheid.
Milieuvervuiling is geen bijzaak
Het argument dat skalians bijdragen aan de economie mag nooit los worden gezien van de ecologische schade die zij veroorzaken. Vervuiling van waterbronnen is niet alleen een milieuprobleem, maar een directe aanval op voedselzekerheid, gezondheid en bestaanszekerheid van lokale gemeenschappen.
Wanneer rivieren onbruikbaar worden en ecosystemen worden aangetast, is er sprake van structureel onrecht. Dat kan niet worden weggepoetst met cijfers over staatsinkomsten.
Wie draagt de echte kosten?
De realiteit is dat de baten van skalians grotendeels naar de staat en exploitanten vloeien, terwijl de lasten onevenredig bij de gemeenschap terechtkomen. Dit is geen evenwichtige ontwikkeling—dit is extractie ten koste van de meest kwetsbaren.
Zolang deze ongelijkheid blijft bestaan, is het spreken over “bijdragen aan de gemeenschap” niet meer dan een holle frase.
Tijd voor verantwoording en actie
Het is niet langer voldoende om te verwijzen naar beleid en afspraken. Wat nodig is, is daadkracht: strengere handhaving, volledige transparantie en vooral het serieus nemen van de signalen uit de gemeenschap.
De vraag is niet of skalians bijdragen aan de staatskas. De vraag is of Suriname bereid is haar burgers en natuurlijke rijkdommen te beschermen tegen de keerzijde van die inkomsten.
Geen ontwikkeling zonder rechtvaardigheid
Echte ontwikkeling betekent dat economische groei hand in hand gaat met bescherming van mens en milieu. Zolang bewoners blijven kampen met vervuiling en onzekerheid, kan er geen sprake zijn van succes.
De overheid staat voor een keuze: blijft zij vasthouden aan een economisch verhaal dat de werkelijkheid verdoezelt, of kiest zij voor rechtvaardigheid, duurzaamheid en echte verantwoordelijkheid?
J. Baptista
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud








