Onder leiding van Chan Santokhi en de VHP leek Suriname in 2020 eindelijk een koers te kiezen naar stabiliteit, internationale erkenning en economische vooruitgang nadat jaren van crisis en politieke wanorde het land hebben geteisterd.
Santokhi zelf sprak zelfs openlijk uit dat zijn regering geen succes was, hij gaf zijn eigen beleid een 3,5 uit 10.
Maar wat betekent dat in de praktijk? Voor de elite, misschien vooruitgang; voor de meerderheid van de bevolking, een verloren kans en toenemende ontgoocheling.
Buitenlands beleid: sterke woorden, vage resultaten
Santokhi prees herhaaldelijk het herstel van Suriname’s internationale relaties en het verbeteren van het imago van het land.
Hij richtte nieuwe diplomatieke missies op, zoals in Marokko, en benadrukte regionale samenwerking via onder meer CARICOM en de OAS.
Toch blijft de vraag hangen: wat is het daadwerkelijke voordeel voor onze burgers? Het klinkt als een trotse staatsrede, maar geen krachtige strategie die daadwerkelijk de levensstandaard van gewone Surinamers verbetert.
Economische crisis en IMF‑afspraken
Santokhi was gedwongen concessies te doen aan het Internationaal Monetair Fonds (IMF) om de economische crisis te bestrijden.
Daardoor zijn subsidies op brandstof en elektriciteit verlaagd en werd een nieuwe btw geïntroduceerd — maatregelen die de burgers hard raakten.
Ja, de schuldquote is gedaald en inflatie ging omlaag, maar alleen door pijnlijke bezuinigingen die het dagelijkse bestaan van gezinnen hebben verergerd. Protesten braken uit, en de regering werd geconfronteerd met massale onvrede.
Het IMF‑pad is geen teken van sterke nationale zelfstandigheid — het is een gedwongen keuze, en het zijn de gewone mensen die deze rekening betalen, niet de economische elite.
Sociale onrust
De bezuinigingspolitiek van Santokhi veroorzaakte protesten en spanningen. Arbeiders en burgers in achterstandswijken voelden de pijn van een regering die vond dat “offer” nu eenmaal bij economisch herstel hoort.
Dit beleid herstructureerde de economie, maar het verzwakte de sociale bodem van de samenleving. Armoede en onzekerheid werden dieper gevoeld, vooral daar waar de politiek beloofde te bouwen aan een beter Suriname.
In 2023 lichtte Santokhi het sociaal programma uit door te zeggen dat er ‘twee kabinetten opereren’ binnen het ministerie van Sociale Zaken, wat de uitvoering belemmert.
Dit is meer dan intern gekibbel — het is een beeld van een overheid zonder duidelijk kompas in het bedienen van haar meest kwetsbare burgers.
Waar is échte sociale rechtvaardigheid? Waar zijn meetbare stappen om armoede te verminderen, anders dan mooie woorden in jaarredes?
Het imago van ‘herstel’, maar voor wie?
Santokhi’s regering claimde dat het financieringsbeleid “veel resultaten heeft opgeleverd”, waaronder infrastructuurverbeteringen, onderwijsprojecten en drinkwatervoorziening in afgelegen gebieden.
Toch voelden honderdduizenden Surinamers weinig van deze resultaten. In de wijken, dorpen, en struikelende gezinnen leeft nog steeds de bittere realiteit van onbetaalbare levensonderhoudskosten en structurele armoede.
Failliet beleid of politieke structuur?
Misschien is Santokhi niet de enige schuldige — misschien is het systeem dat Suriname in stilte steunt grotere schade aan het doen dan een enkele president ooit kon. Maar wat duidelijk is: de belofte van verandering werd grotendeels niet waargemaakt.
Waar de één een land van internationale erkenning zag, zag de meerderheid een land waar verkiezingsretoriek nieuwe vormen van economische uitsluiting heeft gecreëerd.
Een oproep tot bewustzijn en verantwoordelijkheid
Als we echt vooruitgang willen, dan moet Suriname ophouden met het romantiseren van leiderschapsambities en beginnen met het eisen van concrete resultaten:
Echte economische veerkracht voor alle huishoudens
Een sociaal vangnet dat lijden voorkomt, niet stimuleert
Transparantie in internationale transacties
Een regering die niet enkel statistieken opvoert, maar levens verbetert
Santokhi zal herinnerd worden als een president die wist dat hij faalde, want zelfs hij gaf het toe.
D. Karamat-Ali
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud








