De Associatie Pluimvee Sector Suriname (APSS), het ministerie van Landbouw, Veeteelt en Visserij (LVV) en deskundigen van het ministerie hebben overleg gevoerd over de ontwikkelingen rond de vogelgriep in Suriname.
Tijdens het overleg kwamen de onderzoeksresultaten, de situatie in het veld en de verdere preventieve maatregelen aan de orde.
Het overleg onderstreept volgens de betrokken partijen het belang van een gezamenlijke aanpak tussen overheid en bedrijfsleven om verdere verspreiding van het virus te voorkomen en tegelijkertijd de continuïteit van de lokale pluimveeproductie zoveel mogelijk te waarborgen.
Publiek-private samenwerking noodzakelijk
De VSB Agrarische Groep (VSB AG) benadrukt dat een nauwe samenwerking tussen de publieke en private sector in deze situatie noodzakelijk is. De pluimveesector heeft zowel economisch als voor de lokale voedselvoorziening een belangrijke functie.
Volgens VSB AG is daarom een transparante communicatie tussen overheidsinstanties en ondernemers van groot belang.
Besluitvorming, informatievoorziening en uitvoering van maatregelen moeten volgens de organisatie zoveel mogelijk op elkaar worden afgestemd.
LVV heeft eerder aangegeven dat naast het aanscherpen van de bioveiligheid ook de communicatie met pluimveehouders moet worden versterkt.
De overheid brengt daarnaast de schade bij getroffen ondernemers in kaart om te kunnen bepalen welke ondersteuning mogelijk is.
Onderzoek en controle in het getroffen gebied
De eerste besmetting werd vastgesteld bij een pluimveebedrijf in de omgeving van Sophia’s Lust. Volgens LVV werd vervolgens een onderzoek ingesteld binnen een straal van drie kilometer rond de oorspronkelijke besmettingslocatie. Daarbij wordt nagegaan waar pluimvee wordt gehouden en of sprake is van verhoogde sterfte of ziekteverschijnselen.
Na tracing zijn daarnaast meerdere locaties uit voorzorg gesloten. Het gaat onder meer om een slachterij aan de Welgedacht A-weg, een slachterij in Kwatta, een verwerkingsbedrijf aan de Pandit Paltan Tewarieweg en een slachterij in Meerzorg.
Op locaties waar een mogelijk besmettingsrisico bestond, zijn dieren en betrokken producten geruimd en worden de terreinen gereinigd en ontsmet.
Het NCCR ondersteunt LVV bij onder meer het ruimen en ontsmetten van locaties. Inmiddels is het centrum op meerdere locaties ingezet.
Vogelgriep inmiddels bevestigd
Waar aanvankelijk sprake was van een vermoedelijke besmetting, heeft het Bureau voor Openbare Gezondheidszorg (BOG) inmiddels bevestigd dat sprake is van vogelgriep. Op het eerste getroffen bedrijf waren duizenden kippen gestorven. De resterende dieren zijn vervolgens geruimd om verdere verspreiding van het virus tegen te gaan.
Welke specifieke variant van het virus aanwezig is, moet nog worden vastgesteld. Daarvoor zijn aanvullende monsters naar een buitenlands laboratorium gestuurd.
Met ondersteuning van de Pan-Amerikaanse Gezondheidsorganisatie (PAHO) wordt onder meer gekeken naar de genetische kenmerken van het virus en mogelijk de herkomst ervan. De resultaten kunnen enkele weken op zich laten wachten.
Biosecurity moet naar hoogste niveau
APSS en VSB AG roepen pluimveehouders op om de bioveiligheidsmaatregelen onmiddellijk aan te scherpen. Het gaat daarbij onder meer om het beperken van contact tussen verschillende pluimveestapels, goede hygiëne en ontsmetting en het voorkomen van onnodige verplaatsing van dieren.
Ook snelle melding is essentieel. LVV heeft pluimveehouders opgeroepen om verhoogde sterfte, ziekteverschijnselen of andere afwijkingen onmiddellijk te melden. Hierdoor kunnen verdachte locaties sneller worden onderzocht en kunnen indien nodig maatregelen worden genomen.
De overheid heeft inmiddels aangegeven dat er volgens een bestaand draaiboek wordt gewerkt, waarbij verschillende instanties ieder hun eigen verantwoordelijkheid hebben. Naast LVV en APSS zijn onder meer BOG, NCCR, het ministerie van Volksgezondheid en PAHO betrokken.
Voedselveiligheid blijft aandachtspunt
Voor consumenten blijft goede voedselhygiëne belangrijk. Volgens de gezondheidsautoriteiten vindt besmetting vooral plaats door contact met besmette vogels of materialen en niet door het eten van goed bereide kip. Kip en eieren moeten daarom op een betrouwbare wijze worden verkregen en vlees en eiproducten moeten voldoende worden verhit.
Ook mensen die beroepsmatig met pluimvee of besmette locaties in contact komen, worden gemonitord. Het BOG heeft gemeld dat de tot nu toe geteste personen negatief waren, maar dat monitoring vanwege de incubatieperiode wordt voortgezet.
Broederijen worden gecontroleerd
LVV voert daarnaast controles uit binnen de pluimveeketen, waaronder bij broederijen. Volgens de sector zijn tot nu toe geen besmettingen bij lokale broederijen vastgesteld.
Voor pluimveehouders blijft het echter belangrijk om kuikens en andere dieren via betrouwbare en gecontroleerde kanalen aan te schaffen en bij iedere afwijking onmiddellijk melding te doen bij LVV.
Sector wacht verdere resultaten af
De APSS en LVV blijven de ontwikkelingen volgen en hebben afgesproken de communicatie met de sector verder te versterken.
De komende periode zullen de resultaten van het aanvullende laboratoriumonderzoek en de veldinventarisaties bepalend zijn voor de verdere aanpak.
De uitbraak heeft inmiddels duidelijk gemaakt dat vogelgriep niet alleen een veterinair vraagstuk is, maar ook gevolgen kan hebben voor ondernemers, voedselvoorziening en de continuïteit van de lokale pluimveeproductie.
Een snelle melding, goede bioveiligheid en nauwe samenwerking tussen overheid en sector blijven daarom centraal staan.






