Als voorzitter van ABI wil ik de schrijver van dit artikel bedanken voor zijn deskundige en heldere uitleg over de werking van het Administratief Beroep in Suriname. Eugene van der San.
De instelling van het Administratief Beroepsinstituut heeft in het publieke debat geleid tot fundamentele misverstanden over de aard en functie van administratief beroep in het Surinaamse staats- en bestuursrecht.
In verschillende commentaren, onder andere in het bijgevoegd interview met mr. Soeknandan, wordt het instituut beoordeeld alsof sprake zou zijn van de instelling van een administratieve rechter.
Daarbij worden vragen gesteld over rechterlijke onafhankelijkheid, de verhouding tot het Hof van Justitie en de noodzaak van een wettelijke grondslag voor rechtspraak.
Deze benadering gaat volledig voorbij aan het feitelijk juridische karakter van het instituut en leidt tot een normatief verkeerd debat.
Het Administratief Beroepsinstituut is geen rechterlijk orgaan en pretendeert dat ook niet te zijn. Het instituut vormt de organisatorische uitwerking van een reeds constitutioneel en wettelijk verankerde bestuursrechtelijke rechtsgang: het administratief beroep bij de President.
Het Surinaamse bestuursrecht kent, anders dan het Nederlandse stelsel na invoering van de Awb, geen volledig gecodificeerde en uniform opengestelde bestuursrechtspraak. In die context vervult het administratief beroep een zelfstandige en wezenlijke rechtsbeschermingsfunctie.
Administratief beroep is geen surrogaat-rechtspraak en ook geen voorlopige fase van rechterlijke toetsing, maar een autonome bestuursrechtelijke figuur waarbij een hoger bestuursorgaan een besluit van een lager bestuursorgaan heroverweegt.
Die heroverweging is breder dan rechterlijke toetsing, omdat zij niet beperkt is tot rechtmatigheid, maar ook doelmatigheid en beleidsmatige consistentie mag omvatten.
Juist in rechtsordes waar de toegang tot de rechter beperkt of gefragmenteerd is, functioneert administratief beroep als een dragend mechanisme van interne rechtsbescherming.
Binnen het Surinaamse staatsrecht is die rechtsfiguur expliciet gekoppeld aan de President. In diverse bijzondere wetten heeft de wetgever bepaald dat tegen bepaalde bestuursbesluiten administratief beroep openstaat bij de President.
Daarmee heeft de wetgever de President niet alleen een politieke rol toebedeeld, maar ook een bestuursrechtelijke verantwoordelijkheid. Die verantwoordelijkheid is geen discretionaire gunst, maar een juridisch genormeerde plicht tot zorgvuldige heroverweging van individuele besluiten.
Wie erkent dat administratief beroep een wezenlijk onderdeel is van het bestuursrecht, kan niet volhouden dat de President deze taak zonder institutionele ondersteuning zou moeten uitoefenen. Het bestuursrecht veronderstelt immers niet alleen bevoegdheden, maar ook procedures, deskundigheid en consistentie.
In dat licht bezien is de instelling van het Administratief Beroepsinstituut geen uitbreiding van macht, maar een interne normering daarvan. Het instituut is opgezet als adviserend en voorbereidend orgaan, dat de President ondersteunt bij de behandeling van administratieve beroepszaken. Het instituut neemt geen beslissingen in eigen naam en spreekt geen bindende oordelen uit.
De eindverantwoordelijkheid blijft volledig bij het constitutioneel bevoegde orgaan. Daarmee blijft de institutionele zuiverheid van het staatsrecht onaangetast. Het bestuursrecht wordt niet “verplaatst” naar een nieuw orgaan, maar procedureel versterkt binnen de bestaande constitutionele structuur.
De bestuursrechtelijke betekenis van deze institutionalisering ligt vooral in de vergroting van rechtszekerheid en de beperking van willekeur.
Zonder een gestructureerde beroepsprocedure ontstaat het risico dat vergelijkbare zaken ongelijk worden behandeld, dat motiveringen wisselend van kwaliteit zijn en dat besluitvorming te zeer afhankelijk wordt van politieke of ambtelijke toevalligheden.
Door de behandeling van beroepszaken te kanaliseren via een gespecialiseerd instituut ontstaat een zekere mate van interne consistentie en professionalisering.
Dat is geen politiek voordeel, maar een rechtsstatelijk vereiste. Bestuursrecht functioneert immers niet alleen door de aanwezigheid van normen, maar door de wijze waarop die normen institutioneel worden toegepast.
De benoeming van de in bestuursrechtelijke zin bewezen competente Eugène van der San als voorzitter van het instituut moet vanuit dat perspectief worden begrepen. De keuze voor een bestuurskundige is juridisch relevant, omdat administratief beroep niet uitsluitend een juridische exercitie is, maar ook een organisatorisch proces.
Het gaat om dossieropbouw, termijnenbewaking, hoor en wederhoor, consistente motivering en afstemming met uitvoerende diensten.
In rechtsordes waar bestuursrecht nog in ontwikkeling is, vormt juist die organisatorische dimensie een kwetsbare schakel. De inzet van bestuurskundige expertise draagt bij aan het daadwerkelijk functioneren van bestuursrechtelijke waarborgen, zonder afbreuk te doen aan de juridische verantwoordelijkheid van het besluitvormende orgaan.
De kritiek die het Administratief Beroepsinstituut beoordeelt aan de hand van criteria die behoren bij rechterlijke rechtspraak, mist daarom haar doel. Vragen over rechterlijke onafhankelijkheid, cassatie, of de verhouding tot het Hof van Justitie zijn slechts relevant wanneer sprake is van rechtspraak. Dat is hier niet het geval.
Het instituut opereert binnen de uitvoerende macht en ondersteunt een vorm van interne rechtsbescherming die de wetgever bewust aan die macht heeft toevertrouwd. Het juiste beoordelingskader is dan ook niet het recht van de rechterlijke organisatie, maar het bestuursrecht, in het bijzonder de algemene beginselen van behoorlijk bestuur die ook bij administratief beroep richtinggevend zijn.
Evenzeer geldt dat bezwaren die zijn gebaseerd op het ontbreken van nationale consultaties of brede maatschappelijke betrokkenheid, juridisch niet constitutief zijn voor de rechtsgeldigheid of legitimiteit van het instituut. Consultatie kan bestuurlijk wenselijk zijn, maar vormt geen noodzakelijke voorwaarde voor de inrichting van een constitutioneel verankerde bestuursbevoegdheid.
De legitimatie van administratief beroep ligt primair in de wet en de Grondwet, niet in politieke participatieprocessen.
De vraag die in deze kwestie juridisch relevant is, luidt niet of het instituut breed is “gedragen”, maar of de beroepsprocedure voldoet aan eisen van zorgvuldigheid, kenbaarheid en onpartijdige voorbereiding.
Vanuit een rechtswetenschappelijk perspectief moet het Administratief Beroepsinstituut dan ook worden gezien als een stap in de verdere ordening van het Surinaamse bestuursrecht.
Het instituut concretiseert een reeds bestaande rechtsgang en voorkomt dat administratief beroep een lege huls blijft. In plaats van de rechtsstaat te ondermijnen, versterkt het instituut juist de interne rechtsbescherming door structuur aan te brengen waar voorheen fragmentatie bestond.
De verwarring die in het publieke debat ontstaat door administratief beroep gelijk te stellen aan rechtspraak, doet geen recht aan deze bestuursrechtelijke realiteit.
De kern is daarmee helder: het Administratief Beroepsinstituut is geen politieke innovatie en geen substituut voor een administratieve rechter.
Het is de juridisch noodzakelijke organisatorische uitwerking van een constitutioneel en wettelijk erkende bestuursrechtelijke functie.
Wie het instituut wil beoordelen, moet dat doen vanuit het bestuursrecht en niet vanuit het recht van de rechterlijke macht.
Doet men dat dan wordt zichtbaar dat hier geen sprake is van institutionele ontsporing, maar van een poging om het bestuursrecht in Suriname daadwerkelijk te laten functioneren als rechtsbeschermend ordeningsinstrument.
Jim A. Yard
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud








