Bij het monument van Mama Sranan is zondag 30 augustus de eerste nationale Heritage Month van Suriname officieel afgesloten.
De slotceremonie vormde het sluitstuk van een maand waarin erkenning, beleving, verbondenheid en de rijke culturele diversiteit van Suriname centraal stonden.
De afsluiting werd gekenmerkt door verschillende culturele bijdragen en momenten van bezinning. De ceremonie begon met een inheems piai-gebed aan Tamushi (God), gericht op bezinning en zegening. Vervolgens werden bloemenhuldes gebracht bij het Migrantenmonument en het Mama Sranan-monument.
Erfgoed leeft in het dagelijks leven
Rachel Pinas, voorzitter van de presidentiële werkgroep Heritage Month 2026, benadrukte dat erfgoed niet uitsluitend bestaat uit monumenten, historische gebouwen of tastbare voorwerpen.
Volgens Pinas bevindt een belangrijk deel van het Surinaamse erfgoed zich juist in de dagelijkse tradities, verhalen, gezegden, wijsheden en gebruiken die binnen gezinnen en gemeenschappen van generatie op generatie worden doorgegeven.
“Blijf verhalen vertellen van vroeger. Het lijkt misschien simpel gezegd, maar daar gaat het om. Iedereen heeft een verhaal, een leuk verhaal van een voorouder, van een grootouder geleerd.
“Iedereen heeft wijsheden geleerd. Tradities, kleine dingen die je mee krijgt bij de opvoeding. Dat is ons erfgoed. Koester het, behoud het, doe het niet weg”, gaf Pinas de samenleving mee.
Heritage Month brengt bevolkingsgroepen dichter bij elkaar
Parlementsvoorzitter Michael Ashwin Adhin blikte positief terug op de eerste nationale Heritage Month. Volgens hem heeft de maand bijgedragen aan wederzijdse erkenning en waardering tussen de verschillende bevolkingsgroepen van Suriname.
Adhin sprak zijn waardering uit voor het initiatief van president Jennifer Geerlings-Simons om de Heritage Month in het leven te roepen.
“Voor een afsluiting van een maand die de president heeft ingesteld, mevrouw Simons, mag ik zeggen dat het een heel groot succes geworden is”, aldus Adhin.
Hij benadrukte daarbij dat de Surinaamse identiteit niet uitsluitend bestaat uit afzonderlijke culturele identiteiten, maar juist wordt gevormd door de interactie en synergie tussen de verschillende gemeenschappen.
Volgens Adhin ontstaat hierdoor een gezamenlijke kracht die groter is dan de afzonderlijke culturen.
Cultuur krijgt meer aandacht binnen het onderwijs
Ook binnen het onderwijs moet volgens de regering meer aandacht komen voor cultuur en erfgoed.
Onderwijsminister Dirk Currie heeft het directoraat Cultuur opdracht gegeven om te onderzoeken hoe cultuur nadrukkelijker kan worden ingebed in het onderwijscurriculum.
De bedoeling is dat culturele kennis, tradities en erfgoed een meer structurele plaats krijgen binnen het onderwijs. Daarmee kunnen kinderen en jongeren niet alleen kennisnemen van de verschillende culturele tradities van Suriname, maar ook leren waarom het belangrijk is deze te behouden en door te geven.
“Hoe wij hier ook samenkwamen, hoe wij samen verder gaan”
De eerste nationale Heritage Month stond in het teken van het motto “Hoe wij hier ook samenkwamen, hoe wij samen verder gaan.”
Dat motto weerspiegelt de gedachte dat de Surinaamse samenleving is opgebouwd uit verschillende gemeenschappen, culturen en historische ervaringen, maar dat deze gezamenlijk onderdeel vormen van één Surinaamse identiteit.
De afsluiting bij het Mama Sranan-monument onderstreepte daarmee niet alleen het einde van een maand vol culturele activiteiten, maar vormde ook een oproep om het gesprek over identiteit, erfgoed en verbondenheid voort te zetten.
De boodschap vanuit de organisatie van Heritage Month is duidelijk: erfgoed wordt pas levend gehouden wanneer verhalen worden verteld, tradities worden doorgegeven en nieuwe generaties begrijpen waar hun culturele wortels liggen.
De eerste nationale Heritage Month mag dan zijn afgesloten, de opdracht om het Surinaamse erfgoed te koesteren, te bewaren en door te geven aan toekomstige generaties blijft daarmee onverminderd actueel.
Bron: gov.sr






