De afgelopen dagen zijn beelden gemaakt van de enorme ravage die de goudwinning in Suriname heeft achtergelaten. De beelden laten een landschap zien waarin niet alleen bomen zijn verdwenen, maar waar ook de bodem ingrijpend is verstoord en waterlopen onder druk staan.
De gevolgen van goudwinning zijn daarmee veel groter dan alleen het verlies van bos. Het gaat om de aantasting van ecosystemen, bodem en water en uiteindelijk ook om de leefomgeving van gemeenschappen die voor hun voedsel, drinkwater en inkomen afhankelijk zijn van de natuur.
Zowel legale als illegale goudwinning spelen hierbij een rol. De overheid heeft zelf eerder erkend dat met name de kleinschalige goudwinning gepaard kan gaan met ontbossing, bodemerosie, landschapsvernietiging, verzanding van rivieren en schade aan aquatische ecosystemen.
Kwik en cyanide zijn geen abstracte begrippen
De milieuschade wordt extra zorgwekkend wanneer chemische verontreiniging onderdeel wordt van het verhaal. In Suriname wordt al jarenlang gewezen op de gevolgen van kwikgebruik in de goudwinning.
Daarnaast zijn recent bij onderzoek naar de Saramaccarivier cyanide en zware metalen aangetroffen in water en levende vissen.
Dat maakt de discussie over goudwinning niet uitsluitend tot een economisch vraagstuk. Wanneer verontreinigende stoffen in water en voedselketens terechtkomen, raakt het onderwerp ook volksgezondheid, voedselveiligheid en de bestaanszekerheid van gemeenschappen.
Juist daarom moeten uitspraken over de aanwezigheid, verspreiding en afbraak van specifieke chemicaliën worden gebaseerd op laboratoriumonderzoek en wetenschappelijke gegevens per locatie.
Het recente onderzoek naar de Saramaccarivier laat bovendien zien dat Suriname voor bepaalde analyses nog gebruik moet maken van buitenlandse laboratoria.
Hoeveel hebben wij als samenleving al gedaan?
De vraag die zich daarom steeds nadrukkelijker opdringt, is niet alleen hoeveel goud Suriname uit de bodem haalt, maar ook hoeveel wij bereid zijn te doen om de schade aan onze natuurlijke rijkdommen te beperken.
Er zijn in de loop der jaren verschillende initiatieven geweest om de goudsector te ordenen, het gebruik van kwik terug te dringen en milieuvriendelijkere technieken te introduceren. Ook in 2026 vinden er opnieuw activiteiten plaats gericht op formalisering en kwikvrije goudwinning.
Maar de recente beelden en onderzoeksresultaten maken duidelijk dat beleidsvoornemens alleen niet voldoende zijn. De overheid heeft inmiddels aangekondigd toe te willen werken naar een structurele aanpak van de goudsector, inclusief het verder afbouwen van kwikgebruik, betere controle op verboden middelen en een inventarisatie van goudwinningsactiviteiten.
Legale mijnbouw betekent niet automatisch milieuvriendelijke mijnbouw
Een belangrijk onderscheid moet worden gemaakt. Het feit dat een mijnbouwactiviteit legaal is, betekent niet automatisch dat de milieueffecten gering zijn. Omgekeerd betekent illegale mijnbouw dat toezicht, vergunningen en handhaving nog complexer worden.
Daarom moet de discussie verder gaan dan de tegenstelling tussen legaal en illegaal.
De fundamentele vraag is: onder welke voorwaarden mag goud worden gewonnen, welke milieunormen gelden, wie controleert de naleving daarvan en wie draagt uiteindelijk de verantwoordelijkheid voor herstel wanneer schade ontstaat?
Wie betaalt voor herstel van beschadigde gebieden?
Een van de grootste vragen is wat er gebeurt nadat het goud is gewonnen.
Wie herstelt een vernietigd mijnbouwgebied? Wie betaalt voor het opnieuw vormgeven van de bodem? Wie herstelt waterlopen? Wie zorgt ervoor dat een gebied opnieuw kan functioneren als bos en leefgebied voor dieren?
In eerdere beleidsdocumenten van de overheid werd al gewezen op het ontbreken van voldoende mijnherstel en op de noodzaak van rehabilitatie van aangetaste gebieden.
Als de samenleving vandaag inkomsten haalt uit natuurlijke hulpbronnen, maar de kosten van herstel vervolgens bij toekomstige generaties terechtkomen, ontstaat een fundamentele vraag over de werkelijke economische waarde van die goudwinning.
De recente vervuiling van de Saramaccarivier is een waarschuwing
De gebeurtenissen rond de Saramaccarivier hebben deze discussie opnieuw op scherp gezet. De Nationale Milieu Autoriteit trof hoge concentraties chemische stoffen aan en constateerde cyanide en zware metalen in monsters van levende vissen.
De autoriteiten adviseerden daarop onder meer om vis uit het getroffen gebied niet te consumeren en het rivierwater niet te gebruiken.
De overheid heeft naar aanleiding daarvan aangekondigd de goudsector intensiever te willen monitoren en heeft ook gekeken naar mogelijke aansprakelijkheid voor de ontstane schade.
Maar één incident zou niet het eindpunt van de discussie mogen zijn.
Suriname heeft meer nodig dan incidentele acties
Wat nu nodig is, is een systeem waarbij milieucontrole niet pas wordt aangescherpt nadat een rivier vervuild raakt of beelden van vernietigde gebieden maatschappelijke verontwaardiging oproepen.
Dat betekent permanente monitoring, betrouwbare milieudata, voldoende inspectiecapaciteit, sterke laboratoria, duidelijke verantwoordelijkheden en daadwerkelijke handhaving.
Het is daarom positief dat de regering inmiddels werkt aan versterking van de laboratoriumcapaciteit en een landelijke inventarisatie van goudwinningsactiviteiten. De ambitie is om analyses van onder meer kwik en cyanide in Suriname zelf te kunnen uitvoeren.
Goud is een rijkdom, maar het bos is dat ook
Suriname beschikt over een natuurlijke rijkdom die niet eenvoudig opnieuw kan worden opgebouwd. Goud kan worden gewonnen en verkocht. Een vernietigd ecosysteem, vervuilde rivier of aangetaste bodem laat zich echter niet op dezelfde manier vervangen.
De vraag die wij ons als samenleving daarom moeten stellen, is fundamenteel:
Wat is de werkelijke prijs van een gram goud wanneer de natuur, de gezondheid en het leefgebied van mensen onderdeel worden van de rekening?
Suriname hoeft niet te kiezen tussen economische ontwikkeling en milieubescherming. De uitdaging is juist om ervoor te zorgen dat economische activiteiten plaatsvinden binnen grenzen die mens en natuur beschermen.
De beelden uit het binnenland zouden daarom niet alleen aanleiding moeten zijn voor verontwaardiging. Zij zouden aanleiding moeten zijn voor structurele actie, transparantie en controle.
Want uiteindelijk gaat de discussie niet alleen over hoeveel goud Suriname vandaag uit de bodem haalt.
Het gaat ook over wat voor Suriname wij achterlaten wanneer het goud eenmaal verdwenen is.
Ben M.D.
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud







