• Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
    • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact
Geen resultaat
Bekijk alle
Geen resultaat
Bekijk alle
  • Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
  • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact

Armand Achaibersing, wat heeft u geleerd over Suriname en de figuren binnen de VHP?

GFC Nieuws Opinie door GFC Nieuws Opinie
19 oktober 2026 06:00
in Opinie
VHP logo

Toen Chan mij vroeg of ik wilde helpen, had ik hem drie vragen gesteld. Twee van de drie vragen heeft hij beantwoord. De andere vraag was lastig voor hem. Hij draaide het om en vroeg mij wat ik vond dat hij moest doen.

Ik heb hem geholpen waar ik kon. Hij heeft mij geholpen door mijn enige grote doel te realiseren: Bouterse berechten! Daarvoor verdient hij een standbeeld!

Nu heb ik maar één vraag aan jou: gaat de VHP vóór jouw verkiezing tot VHP-voorzitter intern, als partij, One Man, One Vote invoeren, zodat ieder VHP-lid rechtstreeks de voorzitter kan kiezen? Graag een ja of nee.

De rest vind ik op dit moment nog niet interessant. Dat komt later.

Wat heeft Armand geleerd als voormalig minister? Wie zijn de knopendraaiers binnen de VHP?

Wie namens de VHP Suriname wil leiden, moet meer presenteren dan het vertrouwen van partijgenoten en een belofte van vernieuwing.

De controverses rond New Surfin, de Italiaanse miljardenlening, HPSG, Blauwmeer en de gebrekkige controle bij het ministerie van Financiën vragen om een heldere verantwoording over verantwoordelijkheid, lessen en toekomstvisie.

Armand Achaibersing heeft zich kandidaat gesteld voor het voorzitterschap van de Vooruitstrevende Hervormingspartij (VHP), maar daarmee is de belangrijkste vraag nog niet beantwoord: waarom zou de VHP, en uiteindelijk Suriname, erop moeten vertrouwen dat juist hij de partij naar een nieuwe fase kan leiden?

In berichten van 16 en 17 oktober 2026 bevestigde de oud-minister zijn kandidatuur, terwijl hij over concrete beleidsprioriteiten en de namen van zijn ondersteuners voorlopig weinig kwijt wilde.

Mis dit niet:

Leerkrachtenwoningen en schoollokalen mogen geen sluitpost zijn van het onderwijsbeleid

Als racisme loont, faalt het hele voetbalsysteem

Hij sprak over een sterkere en inclusievere VHP, maar wie een partij wil leiden die na het verlies van de regeringsmacht haar geloofwaardigheid moet herstellen, zal toch meer moeten bieden dan de algemene belofte dat de partij sterker moet worden.

Een voorzitter wordt niet alleen beoordeeld op wat hij zegt te willen veranderen, maar ook op wat hij in het verleden heeft gedaan, welke verantwoordelijkheid hij daarvoor neemt en wat hij aantoonbaar heeft geleerd.

Een VHP-kandidaat moet meer in huis hebben dan alleen een kandidatuur

Achaibersing was minister van Financiën en Planning in de regering-Santokhi-Brunswijk, nadat hij eerder een loopbaan in de financiële en verzekeringssector had opgebouwd, onder meer als directeur bij Assuria.

Die achtergrond kan een voordeel zijn voor een partij die economische deskundigheid nodig heeft, maar ervaring in de financiële wereld is niet automatisch hetzelfde als bewezen politieke leiderschapskwaliteiten.

Een VHP-voorzitter moet een organisatie kunnen vernieuwen, interne tegenstellingen kunnen overbruggen, geloofwaardig kunnen communiceren met verschillende lagen van de samenleving en bovenal kunnen uitleggen welke lessen de partij uit haar regeringsperiode heeft getrokken.

De vraag is dus niet of Achaibersing over kennis en contacten beschikt, maar of hij kan aantonen dat hij die kennis heeft vertaald in goed bestuur, transparantie en een overtuigende visie op de toekomst van Suriname.

Daar wringt het, want in de berichtgeving over zijn kandidatuur ontbreekt vooralsnog een concreet programma waarmee leden en samenleving hem op zijn plannen kunnen beoordelen.

Welke economische hervormingen wil hij bevorderen? Hoe wil hij de VHP losmaken van de patronagepolitiek en de interne machtsstructuren die haar kwetsbaar hebben gemaakt? Welke lessen trekt hij uit de controverses uit zijn ministeriële periode?

En hoe wil hij voorkomen dat een nieuwe partijleiding opnieuw vooral wordt gedragen door een kleine kring van invloedrijke personen, terwijl de gewone leden pas mogen applaudisseren wanneer de besluiten al zijn genomen? Een kandidaat die om vertrouwen vraagt, moet niet verbaasd zijn wanneer mensen eerst om antwoorden vragen.

New Surfin: het juridische en bestuurlijke oordeel

Een van de meest besproken dossiers uit de eerste jaren van de regering-Santokhi-Brunswijk was de oprichting van New Surfin, een beoogd investeringsvehikel waarbij Achaibersing en minister Albert Ramdin betrokken waren.

De constructie leidde tot vragen over de juridische inrichting, de rol van de betrokken ministers en de manier waarop de staat investeringen wilde aantrekken. De toenmalige oppositie vroeg het Openbaar Ministerie om onderzoek.

Volgens de berichtgeving van Suriname Nieuws Centrale concludeerde procureur-generaal Roy Baidjnath Panday in april 2021 dat de aangevoerde verdenkingen niet waren komen vast te staan en dat er geen grond was om het strafrechtelijk onderzoek voort te zetten.

Dat gegeven hoort nadrukkelijk in het verhaal thuis: politieke kritiek op een dossier is niet hetzelfde als bewijs van een strafbaar feit.

Maar het ontbreken van voldoende grond voor strafrechtelijk vervolg beantwoordt niet automatisch alle vragen over bestuurlijke kwaliteit.

De Ware Tijd berichtte in januari 2024 dat bij de oprichting van New Surfin juridische fouten waren gemaakt en dat de regering daarom een andere entiteit had opgericht, Sunfin, die volgens minister Ramdin tot dat moment niet was gebruikt om buitenlandse investeerders aan te trekken.

Dat is een relevante bestuurlijke les: als een constructie bedoeld is om investeringen binnen te halen, maar door de juridische inrichting en de ontstane controverse uiteindelijk niet functioneert, moet de politiek uitleggen waarom de voorbereiding tekort is geschoten en hoe herhaling wordt voorkomen.

Achaibersing hoeft daarvoor niet van een strafbaar feit te worden beschuldigd; het is voldoende om vast te stellen dat een politiek project dat vertrouwen moest opbouwen, uiteindelijk zelf onderwerp van langdurige vragen werd.

De Italiaanse miljardenlening: wie controleert de risico’s?

Ook de intentieverklaring met het Italiaanse bedrijf MAEC87 SRL riep indringende vragen op. Volgens De Ware Tijd berichtte NDP-fractieleider Rabin Parmessar in juni 2022 over een beoogde lening van US$ 2 miljard, waarvoor volgens de gepubliceerde documenten een staatsgarantie van US$ 4 miljard was afgegeven.

De intentieverklaring van 10 januari 2021 was ondertekend door Achaibersing, met Ramdin als getuige, en zou bedoeld zijn om ontwikkelingsprojecten en armoedebestrijding te financieren.

Er ontstond echter discussie over de financiële draagkracht van de betrokken onderneming, de omvang van de garantie en de vraag waarom De Nationale Assemblée niet vooraf bij de plannen was betrokken. Minister Ramdin stelde later dat geen geheime lening was afgesloten en dat de financiering niet was gerealiseerd.

Juist bij een potentiële verplichting van deze omvang moet de lat voor zorgvuldigheid hoog liggen. Een niet-gerealiseerde lening hoeft uiteindelijk geen daadwerkelijke schuld op te leveren, maar dat maakt de voorbereiding en de beoordeling van mogelijke staatsrisico’s niet minder belangrijk.

Welke financiële en juridische due diligence werd uitgevoerd? Welke garanties waren daadwerkelijk afgegeven, onder welke voorwaarden en met welke bevoegdheid? Hoe werd gecontroleerd of de tegenpartij de middelen daadwerkelijk kon mobiliseren?

Dat zijn geen vragen die alleen de oppositie mag stellen; het zijn vragen die iedere verantwoordelijke bestuurder vooraf zelf moet beantwoorden.

Wie voorzitter van de VHP wil worden, moet daarom uitleggen welke lessen hij uit deze episode heeft getrokken over risicobeoordeling, parlementaire controle en transparantie.

HPSG: grote beloften, beperkte uitkomst

Een andere kwestie was de overeenkomst met het Deense Hybrid Power System Group (HPSG) voor een waterstofcentrale van 100 megawatt, die volgens de aankondiging in maart 2021 in 2023 operationeel moest zijn.

De plannen werden gepresenteerd als een belangrijke stap richting een innovatieve en duurzame energievoorziening, maar de centrale kwam niet tot stand.

De Ware Tijd beschreef het dossier later als een mislukking waarover vanuit het parlement vragen waren gesteld en waarbij geen overtuigende politieke verantwoordelijkheid werd genomen.

In berichtgeving uit 2026 werd bovendien gemeld dat HPSG niet tijdig kon aantonen over de benodigde financiering te beschikken.

Een ambitieus energieproject dat niet doorgaat, hoeft niet per definitie een schandaal te zijn; internationale investeringen kunnen mislukken en onderhandelingen kunnen stuklopen.

Het probleem ontstaat wanneer de overheid grote verwachtingen wekt zonder voldoende duidelijkheid te geven over de financiële haalbaarheid, de voorwaarden en de risico’s voor de staat.

Welke controle werd uitgevoerd voordat het project publiekelijk werd aangekondigd? Welke lessen zijn getrokken over de betrouwbaarheid van investeringspartners en de communicatie met het parlement?

En hoe gaat Achaibersing er als partijvoorzitter voor zorgen dat de VHP voortaan onderscheid maakt tussen een aantrekkelijk persbericht en een project dat financieel, juridisch en operationeel daadwerkelijk uitvoerbaar is?

Blauwmeer: een reddingsactie die uitleg bleef vragen

Het dossier-Blauwmeer is wellicht de meest persoonlijke toets, omdat Achaibersing vóór zijn ministerschap als CEO van Assuria nauw betrokken was bij de transactie.

Volgens het dossier van De Ware Tijd verkochten Panaso en de betrokken partijen in 2019 een terrein van ongeveer 575 hectare aan de Centrale Bank van Suriname voor US$ 20 miljoen, in een constructie die volgens de betrokkenen bedoeld was om De Surinaamsche Bank (DSB), die in ernstige problemen verkeerde, te helpen.

Toen governor Maurice Roemer in 2020 aantrad, zette hij stappen om de koopovereenkomst te ontbinden, omdat hij meende dat de transactie in strijd was met artikel 18, lid 4, van de Bankwet. De overeenkomst werd uiteindelijk in 2022 ontbonden nadat de Centrale Bank de zaak juridisch had aangevochten.

Achaibersing verdedigde de transactie met het argument dat het om een reddingsactie voor DSB ging en dat een faillissement van die bank ernstige gevolgen voor het financiële systeem zou hebben gehad.

Dat argument moet serieus worden genomen, want de stabiliteit van een systeembank is geen klein belang. Maar het is evenzeer legitiem om te vragen of het gekozen middel juridisch houdbaar was, of de titelkwestie voldoende was onderzocht en of alle belangen op een transparante manier waren afgewogen.

De Ware Tijd berichtte dat Achaibersing de transactie in het parlement verdedigde en documenten aanhaalde ter onderbouwing van zijn standpunt, terwijl de Centrale Bank juist meende dat de overeenkomst nietig was.

De kernvraag voor zijn kandidatuur is daarom niet of iedere kritiek op Blauwmeer bewezen is, maar of hij achteraf helder kan uitleggen wat er misging, welke verantwoordelijkheid hij zelf draagt en hoe hij vergelijkbare bestuurlijke risico’s in de toekomst zou voorkomen.

De reçu-fraude: verantwoordelijkheid voor systemen

Tijdens Achaibersings ministerschap kwam ook fraude met vervalste betaalopdrachten en reçu’s aan het licht, waarbij volgens berichtgeving ongeveer SRD 59,2 miljoen onrechtmatig werd opgenomen van een rekening van het ministerie bij de Centrale Bank. Een vooronderzoek wees op tekortkomingen in de controleomgeving.

De Ware Tijd berichtte dat er vóór Achaibersings aantreden onvoldoende aandacht was besteed aan aanbevelingen van controle-instanties, waardoor zwakke plekken in de administratieve organisatie en interne beheersing waren blijven bestaan.

Dat is belangrijke context: de fraude kan niet zonder bewijs persoonlijk aan de minister worden toegeschreven, en de tekortkomingen waren deels ouder dan zijn aantreden.

Tegelijkertijd blijft de vraag staan wat een minister doet zodra zulke kwetsbaarheden binnen zijn portefeuille zichtbaar worden, hoe snel de controles worden versterkt en hoe transparant de samenleving wordt geïnformeerd.

Een bestuurder wordt niet uitsluitend beoordeeld op de problemen die hij aantreft, maar ook op zijn vermogen om systemen aantoonbaar beter achter te laten.

Als Achaibersing de VHP wil leiden, kan hij dit dossier aangrijpen om te laten zien welke structurele verbeteringen hij heeft gerealiseerd, welke aanbevelingen zijn opgevolgd en hoe de partij onder zijn leiding financiële integriteit en interne controle concreet wil bevorderen.

Zonder die uitleg blijft het publiek achter met een lijst van controverses en te weinig zicht op de lessen die eruit zijn getrokken.

Wie staat er achter Achaibersing?

Achaibersing heeft gezegd dat een brede groep binnen en buiten de VHP hem heeft gevraagd zich kandidaat te stellen, maar hij heeft de namen van zijn ondersteuners niet bekendgemaakt.

Dat hoeft op zichzelf niet onrechtmatig of ongebruikelijk te zijn, maar in een partij die haar geloofwaardigheid wil herstellen, is transparantie over de politieke basis van een kandidaat wel degelijk van belang.

Gaat het om een breed gedragen vernieuwingsbeweging, om een groep oud-bewindslieden en partijbestuurders die hun invloed willen behouden, of om een combinatie van beide?

Zonder namen, een team en een inhoudelijk programma kan de achterban moeilijk beoordelen welke richting de partij opgaat en wie straks de feitelijke invloed op de koers zal uitoefenen.

Als het gaat om de ‘Lelydorp Voetbalclub’ als voordragers van Armand, dan roep ik nu alle Nickerianen op om de VHP per direct te verlaten en niet op Armand te stemmen.

Daarom moet Achaibersing niet alleen uitleggen waarom hij voorzitter wil worden, maar ook met wie hij dat wil doen, welke veranderingen hij zal doorvoeren en hoe hij interne democratie en verantwoording wil organiseren.

Zijn kandidatuur mag niet worden gereduceerd tot een referendum over oude dossiers, maar die dossiers mogen evenmin worden weggemoffeld onder het mom dat hij een ervaren financieel deskundige is. Ervaring is pas een aanbeveling wanneer zij aantoonbaar leidt tot betere besluiten.

De VHP-leden en sympathisanten verdienen antwoorden vóór de voorzittersverkiezing

De vraag is uiteindelijk niet of Achaibersing een kans moet krijgen, maar of hij bereid is die kans met inhoud te onderbouwen.

De VHP heeft na haar verlies van de regeringsmacht behoefte aan een leider die openheid niet als last beschouwt, die fouten kan erkennen zonder onmiddellijk in de verdediging te schieten en die de partij een concrete visie geeft op economische ontwikkeling, bestuurlijke integriteit en democratische vernieuwing.

Een voorzitter moet bovendien duidelijk maken dat de partij niet opnieuw afhankelijk wordt van een kleine kring die achter gesloten deuren de koers bepaalt en pas achteraf draagvlak zoekt bij de leden.

Achaibersing kan laten zien dat hij van zijn verleden heeft geleerd door met een openbaar programma te komen, de lessen uit New Surfin, HPSG, de Italiaanse intentieverklaring, Blauwmeer en de controleproblemen bij Financiën expliciet te behandelen, en aan te geven welke bestuurlijke waarborgen hij voortaan noodzakelijk vindt.

Dat is geen eis om zichzelf bij voorbaat schuldig te verklaren; het is de normale toets die hoort bij iemand die om politiek vertrouwen vraagt.

Conclusie: eerst interne democratie, dan vertrouwen

Wie de VHP wil leiden, moet meer bieden dan de belofte dat hij goed is; hij moet aantonen waarom zijn leiderschap beter zal zijn.

De leden moeten daarom niet alleen vragen wie Achaibersing steunt, maar ook waarvoor hij staat, welke fouten hij erkent en welke lessen hij daadwerkelijk heeft geleerd.

Want als de VHP haar toekomst wil vernieuwen zonder haar verleden eerlijk onder ogen te zien, dreigt de partij niet vooruit te gaan, maar slechts met een nieuw gezicht dezelfde oude vragen mee te nemen.

Dus rest nogmaals mijn enige vraag: gaat de VHP vóór jouw verkiezing tot VHP-voorzitter intern, als partij, One Man, One Vote invoeren, zodat ieder VHP-lid rechtstreeks de voorzitter kan kiezen en niet via allerlei omkoopbare kernleden? Graag een ja of nee?

Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.

Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud

ShareTweetSendSend

Blijf op de hoogte

Hitte in klaslokalen zorgt voor zorgen.
Opinie

Leerkrachtenwoningen en schoollokalen mogen geen sluitpost zijn van het onderwijsbeleid

Natio en Garuda profiteren van nieuwe ontwikkelingen rond nationaliteit.
Opinie

Als racisme loont, faalt het hele voetbalsysteem

Illustratiefoto. Beeld AI.
Opinie

SLM-dossier legt pijnlijk bestuurlijk falen bloot: waar blijven de beloofde antwoorden?

relatie koppel liefde echtpaar
Column

Surinaamse versie van B&B Vol Liefde zou vooral stuklopen op de angst voor roddels en kritiek

stienstra romeo da91
Opinie

Suriname wordt niet alleen slecht bestuurd, maar ook in stand gehouden door degenen die beter weten

Gajadien heeft stevig fundament opgebouwd.
Opinie

Waarom Gajadien een betere keuze is als VHP-voorzitter

Nieuws uit Suriname | gfcnieuws.com

© 2026 GFC Nieuws

GFC Nieuws is een toonaangevend Surinaams mediahuis, gevestigd in Paramaribo. Sinds 2010 brengen wij dagelijks betrouwbaar nieuws, actualiteiten en lifestyle-artikelen met focus op Suriname en de Surinaamse gemeenschap wereldwijd. Onze redactie bestaat uit ervaren journalisten en columnisten, actief in zowel Suriname als Nederland.

  • Contact
  • Word redacteur
  • Colofon

Sociale media

Geen resultaat
Bekijk alle
  • Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
    • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact

© 2026 GFC Nieuws