Ambassadeur en rechtsgeleerde Henry Mac Donald stelt dat advocaat Derrick Veira door de uitzetting van de Mennonieten mogelijk een sterkere juridische zaak tegen de Staat Suriname heeft gekregen.
Hij reageert daarmee op de beschuldiging van Veira dat de overheid de Vreemdelingenwet heeft geschonden door de groep uit te zetten, terwijl een verzoek om herziening bij de president nog niet zou zijn afgehandeld.
“Nu heeft de advocaat een mooiere en zelf sterkere case tegen de Staat Suriname. Op naar de rechter om te zien wat het oordeel zal zijn”, stelt Mac Donald.
Rechtszaak kan bijdragen aan rechtsontwikkeling
Volgens Mac Donald biedt de ontstane situatie een belangrijke gelegenheid om de juridische kwestie aan de rechter voor te leggen.
De rechter zal zich kunnen uitspreken over de vraag of de Staat bij de uitzetting de toepasselijke wettelijke procedures en bepalingen heeft nageleefd.
De discussie draait onder meer om de artikelen 32 en volgende van de Vreemdelingenwet 1991. Advocaat Veira beroept zich daarbij specifiek op artikel 34, dat bepaalt dat in bepaalde gevallen de uitzetting achterwege moet blijven zolang nog niet op een verzoek om herziening is beslist.
Of deze bepaling in de concrete situatie van toepassing was en of de overheid de wettelijke procedure heeft gevolgd, zal juridisch moeten worden beoordeeld.
Oordeel rechter afwachten
Veira heeft aangekondigd maandag 2 november met een aangepaste eis naar de rechter te stappen, nadat de betrokken Mennonieten inmiddels uit Suriname zijn uitgezet.
Daarmee krijgt de zaak een andere juridische dimensie dan het oorspronkelijke kort geding, dat bedoeld was om de uitzetting tegen te houden.
Mac Donald benadrukt dat een rechterlijke beoordeling niet alleen van belang is voor de betrokken partijen, maar ook voor de verdere ontwikkeling van het Surinaamse recht.
Hij noemt de mogelijke uitspraak daarom goed voor de rechtsontwikkeling en de jurisprudentie van het Surinaamse recht.






