Terwijl Inheemse gemeenschappen in Suriname al jarenlang wachten op de wettelijke erkenning en bescherming van hun collectieve grondenrechten, blijft de uitvoering van belangrijke afspraken en rechterlijke uitspraken uit.
De Vereniging van Inheemse Dorpshoofden in Suriname (VIDS) vraagt daarom opnieuw aandacht voor deze kwestie en roept Inheemse organisaties op om gezamenlijk in actie te komen.
Zondag werd een vreedzame bijeenkomst gehouden in Cabendadorp.
Kali’na- en Lokono-vonnis nog altijd een belangrijk strijdpunt
Een centraal aandachtspunt is de uitvoering van het Kali’na- en Lokono-vonnis. Daarmee wordt opnieuw de vraag opgeworpen waarom de collectieve rechten van Inheemse volken en hun traditionele territoria nog steeds onvoldoende zijn erkend en beschermd.
Voor de betrokken gemeenschappen gaat het niet alleen om juridische erkenning op papier. Het gaat ook om daadwerkelijke zeggenschap over hun leefgebieden, bescherming tegen ongewenste gronduitgifte en concessieverlening en respect voor het traditioneel gezag.
VIDS pleit daarom voor het stopzetten van concessies en gronduitgifte wanneer de betrokken gemeenschappen niet vooraf vrij en volledig geïnformeerd zijn geraadpleegd en hun toestemming niet is verkregen. Dit beginsel staat bekend als Free, Prior and Informed Consent (FPIC).
Bescherming van leefgebieden en toekomstige generaties
Naast de grondenrechten vraagt de organisatie aandacht voor de bescherming van bossen, rivieren en biodiversiteit. De natuurlijke leefomgeving vormt immers een essentieel onderdeel van het bestaan, de cultuur en de bestaanszekerheid van Inheemse gemeenschappen.
Volgens het VIDS-bestuur hebben de verschillende Inheemse volken, ondanks hun eigen gemeenschappen en territoria, een gezamenlijke verantwoordelijkheid om hun rechten en leefgebieden te beschermen en op te komen voor toekomstige generaties.
Met het motto ‘Vele volken. Vele territoria. Eén gezamenlijke stem’ wil VIDS de organisaties bijeenbrengen om de gezamenlijke boodschap krachtig uit te dragen.
De actie in Cabendadorp onderstreept daarmee opnieuw dat de erkenning van Inheemse grondenrechten niet langer vooruitgeschoven mag worden.
Zolang wettelijke erkenning, bescherming en daadwerkelijke zeggenschap uitblijven, blijven de rechten van Inheemse gemeenschappen onder druk staan.






