• Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
    • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact
Geen resultaat
Bekijk alle
Geen resultaat
Bekijk alle
  • Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
  • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact

Jaarrede 2027: Suriname heeft geen gebrek aan potentie, maar aan bestuurlijke continuïteit

GFC Nieuws Opinie door GFC Nieuws Opinie
4 oktober 2026 06:00
in Opinie
stienstra romeo da91

Romeo R. Stienstra.

De tweede Jaarrede van president Jennifer Simons bevat cijfers over inkomsten, uitgaven, schuld en economische verwachtingen, benoemt problemen binnen vrijwel alle belangrijke beleidsgebieden en bevat opnieuw stevige uitspraken over wat moet veranderen.

De president raamt voor 2027 inkomsten van SRD 70,1 miljard tegenover uitgaven van SRD 80,9 miljard, waarmee zij zelf een begrotingstekort van SRD 10,8 miljard, ongeveer 4 procent van het bbp, presenteert.

Dat zijn relevante cijfers, maar wie werkelijk wil begrijpen waar Suriname na ruim vijftig jaar onafhankelijkheid staat, moet verder kijken dan begrotingstabellen en politieke taal, want cijfers vertellen ons vooral wat de toestand is, terwijl de veel belangrijkere vraag is waarom wij telkens opnieuw in die toestand terechtkomen.

Waarom benut Suriname zijn enorme potentie onvoldoende?

Daar ligt voor mij de werkelijke betekenis van deze Jaarrede, want de vraag is niet alleen hoeveel geld de Staat volgend jaar ontvangt en uitgeeft, maar waarom een land met zoveel natuurlijke rijkdom, zoveel ontwikkelingsmogelijkheden, een bevolking van slechts ongeveer zeshonderdduizend mensen en nog altijd voldoende menselijk potentieel er structureel maar niet in slaagt die uitzonderlijke uitgangspositie om te zetten in duurzame welvaart, sterke instituten, goed onderwijs, betrouwbare gezondheidszorg, gezonde staatsbedrijven en een samenleving waarin deskundigheid daadwerkelijk wordt gewaardeerd.

Waarom kan een klein land met zoveel potentie niet veel dichter komen bij het prestatieniveau van succesvolle kleine staten zoals Singapore, niet door hun model klakkeloos te kopiëren, maar door dezelfde elementaire bestuurlijke voorwaarden serieus te nemen: deskundigheid, continuïteit, sterke instituten, discipline en een overheid die het nationale belang daadwerkelijk boven particuliere en partijpolitieke belangen plaatst?

Wie die vraag niet stelt, kan ieder jaar opnieuw een begroting bespreken, iedere september opnieuw naar een Jaarrede luisteren en vervolgens constateren dat inkomsten, uitgaven, schulden en tekorten eventueel zijn veranderd, terwijl de fundamentele oorzaken van onze achterstand onaangeroerd zijn gebleven.

Suriname is namelijk niet arm aan mogelijkheden, maar heeft gedurende tientallen jaren een vernietigende politieke cultuur ontwikkeld waarin partijbelang, persoonlijke loyaliteit, familieverbanden, politieke invloed en toegang tot de macht te vaak zwaarder hebben gewogen dan deskundigheid, institutionele kwaliteit, continuïteit en het algemene landsbelang, waardoor juist het menselijk kapitaal dat noodzakelijk is om een klein land succesvol te maken steeds minder reden heeft gekregen om zijn toekomst binnen de eigen grenzen te zoeken.

Het verlies van menselijk kapitaal

Dat is misschien wel een van de grootste tragedies die achter alle cijfers van deze Jaarrede schuilgaat, want terwijl wij spreken over capaciteitsgebrek en een tekort aan deskundigheid binnen de overheid, hebben generaties goed opgeleide en kritisch denkende Surinamers ervaren dat hun kennis, deskundigheid en onafhankelijke mening elders beter worden gewaardeerd dan in hun eigen land, terwijl binnen het eigen bestuurlijke systeem politieke nabijheid deuren kan openen die voor deskundigheid gesloten blijven.

Mis dit niet:

FAI Jarikaba: hoeveel keer moet de Staat nog betalen voor een bedrijf dat zichzelf niet kan dragen?

Ruim USD 850 miljoen aan nieuwe leningen: wie betaalt straks de rekening?

Vervolgens constateren wij door de jaren heen dat ministeries onvoldoende capaciteit hebben, toezichthouders deskundigheid missen, staatsbedrijven slecht functioneren en gespecialiseerde kennis daardoor met spoed uit het buitenland moet worden gehaald, zonder voldoende onder ogen te zien dat die institutionele verarming mede het resultaat is van politieke keuzes die gedurende tientallen jaren zijn gemaakt en van een politieke cultuur die uiteindelijk door de kiezer telkens opnieuw bestuurlijke macht heeft gekregen.

Politieke verantwoordelijkheid stopt niet in 2020

Daarom vind ik het onvoldoende wanneer de president in haar Jaarrede opnieuw scherp benoemt wat er allemaal verkeerd is, want de politieke partijen die vandaag regeringsverantwoordelijkheid dragen zijn geen buitenstaanders die in 2025 voor het eerst kennismaakten met Suriname.

Meerdere van deze partijen hebben in eerdere perioden zelf bestuurlijke macht uitgeoefend en ook de huidige president, vicepresident en voorzitter van DNA hebben een lange politieke voorgeschiedenis.

Daarmee dragen zij, ieder naar de mate van de eigen deelname en verantwoordelijkheid, ook een deel van de bestuurlijke geschiedenis waaruit de huidige problemen zijn voortgekomen.

Wie jarenlang aan de knoppen heeft gezeten, kan niet eeuwig terugkeren met de mededeling dat de machine niet functioneert zonder uiteindelijk ook de vraag te beantwoorden waarom men haar niet heeft gerepareerd toen men daarvoor de macht had.

De president zegt in deze Jaarrede dat haar regering het afgelopen jaar veel tijd heeft besteed aan het evalueren van de overheid en haar instituten, waarbij volgens haar bleek dat verschillende staatsinstituten en uitvoeringsorganen sinds 2020 ernstig waren verzwakt, waarna herstel en reparatie zijn ingezet.

Dat klinkt daadkrachtig, maar juist daar begint voor mij de noodzakelijke verdieping, want de bestuurlijke geschiedenis van Suriname begon niet in 2020 en politieke verantwoordelijkheid kan daarom evenmin selectief vanaf dat jaar worden berekend.

Wanneer wij werkelijk willen begrijpen waarom instituten verzwakten, moeten wij verder terug durven kijken en ook onderzoeken welke politieke keuzes, benoemingen, bestuursculturen en vormen van toezicht gedurende meerdere regeringen hebben bijgedragen aan de toestand die vandaag opnieuw moet worden gerepareerd.

SLM als lakmoesproef voor systeemverandering

Precies daarom is SLM voor mij veel meer dan een luchtvaartdossier, want daar wordt bijna in laboratoriumvorm zichtbaar wat mijn probleem is met het verschil tussen krachtige politieke taal en daadwerkelijke systeemverandering.

President Simons maakte na haar aantreden duidelijk dat de politieke invloed op SLM moest worden teruggedrongen en later dat doorgaan zoals voorheen geen optie was.

Daarmee was de belangrijkste diagnose feitelijk gesteld, want wanneer politieke bemoeienis onderdeel van het probleem is, hoef je niet eindeloos opnieuw te onderzoeken wat de eerste fundamentele ingreep moet zijn, maar moet je die politieke wurggreep daadwerkelijk losknippen en vervolgens een route inzetten waaruit een gezond luchtvaartbedrijf kan ontstaan.

Wat mij betreft betekent dat niet blijven doormodderen met een onderneming waarvan het bestaande model structureel problematisch is, maar serieus onderzoeken of een sterfhuisconstructie voor het onhoudbare deel en de opbouw van een nieuwe luchtvaartonderneming.

Dit alles in samenwerking met de private sector een duurzamere oplossing vormen, gestoeld op professioneel bestuur, transparante financiën, bedrijfseconomische discipline en bewezen luchtvaartdeskundigheid.

Juist die fundamentele breuk heb ik na ruim een jaar niet gezien, want in plaats van onmiddellijk zichtbaar afstand te creëren tussen politiek en bedrijfsvoering kregen wij onderzoeken, een nieuwe Raad van Commissarissen, een nieuwe directie, quickscans, verdere analyses en telkens nieuwe momenten waarop duidelijkheid zou komen, terwijl fundamentele vragen over de financiële positie, toekomststructuur, organisatie, vloot, netwerk en uiteindelijke levensvatbaarheid voor de samenleving onvoldoende transparant en zelfs tot heden niet zijn beantwoord.

Wanneer de diagnose vanaf het begin bekend was en de president zelf aangaf dat doorgaan zoals voorheen geen optie was, wordt na verloop van tijd niet langer de diagnose interessant, maar de vraag waarom de operatie niet is uitgevoerd.

Dat is waarnaar wij kritisch moeten luisteren wanneer een president een Jaarrede houdt: niet alleen naar wat wordt gezegd, maar ook naar wat van eerdere woorden daadwerkelijk is uitgevoerd en welke belangrijke onderwerpen tussen de krachtige formuleringen door juist onvoldoende concreet worden gemaakt.

Daadkracht wordt bewezen door moeilijke beslissingen

Daar ligt voor mij de verbinding met deze tweede Jaarrede, want precies hetzelfde patroon dreigt zich op meerdere terreinen te herhalen.

Het probleem wordt scherp en soms met behoorlijk wat spierballentaal benoemd, er worden opnieuw plannen aangekondigd en daarmee wordt de indruk van daadkracht gewekt, terwijl de werkelijke toets pas begint op het moment waarop politieke woorden moeten worden omgezet in beslissingen die bestaande belangen daadwerkelijk raken.

Daadkracht wordt immers niet bewezen door alleen te vertellen dat je weet waar het probleem zit, maar door bereid te zijn de structuren die dat probleem veroorzaken open te breken en daadwerkelijk aan te pakken, ook wanneer daarbij politieke vrienden, economische belangen, partijgenoten of invloedrijke groepen worden geraakt.

De goudsector: weten waar het probleem zit is niet genoeg

De goudsector is daarvan een tweede treffend voorbeeld, want de president heeft tijdens deze Jaarrede uitgebreid gesproken over versterking van het toezicht na de vervuiling van de Saramaccarivier en opnieuw ordening en strengere controle aangekondigd.

Wanneer tegelijkertijd vanuit de regering wordt erkend dat grote spelers en omvangrijke belangen in deze sector bekend zijn, kan het probleem moeilijk nog uitsluitend als een gebrek aan kennis worden gepresenteerd.

Wanneer de Staat weet waar de belangen liggen, beschikt zij over instrumenten om te onderzoeken wie concessies bezit, wie operaties financiert, wie goud opkoopt, welke ondernemingen in de keten functioneren, welke vergunningen worden gebruikt, welke belastingen en royalties worden betaald of juist niet worden betaald en waar de wet aantoonbaar wordt overtreden, waarna zonder aanzien des persoons behoort te worden gehandhaafd.

Wanneer dat ondanks alle uitgesproken vastberadenheid onvoldoende zichtbaar gebeurt, ontstaat daarom een veel ernstiger vraag dan tijdens de Jaarrede wordt beantwoord, namelijk of het alleen ontbreekt aan bestuurlijke daadkracht of dat economische en politieke belangen door jarenlange tolerantie inmiddels zo diep met het bestuurlijke systeem verweven zijn geraakt dat daadwerkelijk optreden veel moeilijker is geworden dan de ferme taal richting de samenleving doet vermoeden.

CASAS: activiteit is nog geen institutioneel herstel

Ook bij CASAS moeten we ons niet laten afleiden door activiteit die als resultaat wordt gepresenteerd, want technische assistentie, trainingen, missies en een Corrective Action Plan kunnen allemaal noodzakelijk zijn, maar zij zijn slechts middelen op weg naar herstel.

De relevante vraag is welke structurele tekortkomingen inmiddels aantoonbaar en duurzaam zijn opgelost, of voldoende gekwalificeerde inspectiecapaciteit aanwezig is, of procedures en handhaving structureel functioneren en of de luchtvaartautoriteit institutioneel zodanig is opgeschoond en versterkt dat deskundigheid en veiligheid niet opnieuw ondergeschikt kunnen worden gemaakt aan politieke of andere belangen.

Trainingen en technische assistentie krijgen pas werkelijk betekenis wanneer zij leiden tot een aantoonbaar sterker systeem en wanneer de mensen die cruciale functies vervullen op basis van bewezen deskundigheid, onafhankelijkheid en verantwoordelijkheid worden geselecteerd.

Territoriale integriteit vraagt meer dan krachtige woorden

En juist wanneer wij spreken over sterke instituten en het algemene landsbelang, kan ik onmogelijk voorbijgaan aan onze territoriale integriteit, want op dit punt ontstaat in deze Jaarrede een opmerkelijke tegenstelling tussen een krachtig uitgesproken beginsel en de concrete prioriteitsstelling van het buitenlandse beleid.

President Simons zegt letterlijk dat Suriname pal staat voor soevereine gelijkheid en territoriale integriteit, terwijl zij tegelijkertijd benadrukt dat diplomatie economische deuren moet openen, investeringen moet aantrekken en dat Suriname strategische partnerschappen met onder meer zijn buurlanden verder wil versterken.

Daar is op zichzelf niets verkeerd aan, want Suriname heeft alle belang bij vreedzame en economisch sterke relaties met Guyana, Brazilië en Frans Guyana, maar goede nabuurschap kan nooit betekenen dat een bestaand territoriaal geschil in de prioriteitsstelling ondergeschikt wordt gemaakt aan handel, infrastructuur en economische samenwerking.

Voor mij hoort juist daar de volgorde glashelder te zijn: wanneer tussen Suriname en Guyana fundamentele territoriale kwesties bestaan, behoren die tot de hoogste agendapunten van de bilaterale relatie en moet de regering duidelijk maken wat zij wil bereiken, welke diplomatieke stappen worden gezet, binnen welke termijn vooruitgang wordt verwacht en welke vreedzame juridische of diplomatieke vervolgstappen beschikbaar zijn wanneer bilateraal overleg niet tot een oplossing leidt.

Goede betrekkingen zijn belangrijk, maar duurzame goede betrekkingen worden juist sterker wanneer beide staten precies weten waar hun soevereiniteit volgens een overeengekomen regeling begint en eindigt en wanneer het belangrijkste territoriale geschil niet als een ongemakkelijk dossier naast de economische agenda blijft voortbestaan.

Goede betrekkingen mogen territoriale kwesties niet verdringen

Suriname zou naar mijn mening daarom tegen Guyana moeten kunnen zeggen dat wij goede betrekkingen willen, handel willen uitbreiden, onze economieën met elkaar willen verbinden en op tal van gebieden intensiever willen samenwerken, maar dat juist echte vriendschap tussen twee soevereine staten vereist dat fundamentele territoriale geschillen volledig op tafel worden gelegd en doelgericht naar een vreedzame oplossing worden gebracht.

Wanneer daarover duidelijkheid en overeenstemming zijn bereikt, ontstaat juist een veel gezondere basis waarop economische samenwerking, infrastructuur, handel en verdere integratie zonder voortdurende territoriale onzekerheid kunnen worden uitgebouwd.

Dat maakt het des te opvallender dat de president in de officiële regeringsweergave van haar Jaarrede wel nadrukkelijk spreekt over territoriale integriteit, vreedzame geschillenbeslechting en versterking van de relaties met buurlanden, maar daarin geen concrete strategie voor Tigri en de overige grenskwesties met Guyana wordt uitgewerkt.

En precies daar raakt de grenskwestie de centrale boodschap van deze gehele repliek, want zeggen dat Suriname pal staat voor territoriale integriteit is krachtig, maar territoriale integriteit wordt uiteindelijk niet beschermd door het begrip in een Jaarrede uit te spreken.

Zij wordt beschermd door consistent staatsbeleid, institutionele continuïteit, diplomatieke vasthoudendheid, juridische voorbereiding en een regering die tegenover ieder buurland duidelijk maakt dat economische samenwerking welkom is, maar nooit een vervanging kan zijn voor het serieus en voortvarend oplossen van een fundamenteel territoriaal geschil.

Een brug, handelsverdrag of economische samenwerking kan landen dichter bij elkaar brengen, maar geen van die zaken lost vanzelf een grensgeschil op.

Proces is nog geen resultaat

Hetzelfde principe geldt voor Local Content, onderwijs, gezondheidszorg en de overige staatsbedrijven, want overal moeten we ophouden het proces te verwarren met het resultaat.

Een commissie is geen oplossing, een wetsontwerp is geen uitvoering, een training is geen institutioneel herstel, een diplomatiek gesprek is nog geen oplossing van een grensgeschil en een onderzoek naar een staatsbedrijf is geen herstructurering zolang de samenleving niet concreet kan vaststellen wat voor die handeling verkeerd functioneerde, welke ingreep vervolgens is gepleegd en wat daarna aantoonbaar beter functioneert.

Dat wordt nog belangrijker wanneer de president in deze Jaarrede vooruitkijkt naar olie en gas en nadrukkelijk stelt dat deze nieuwe sector anders dan tijdens het bauxiettijdperk niet alleen kapitaal moet opleveren, maar ook blijvende kennis en capaciteit moet achterlaten.

Dat uitgangspunt klinkt uitstekend, maar juist daarom moeten wij nu vragen welk bestuurlijk systeem straks over die enorme nieuwe geldstromen zal beschikken, want wanneer dezelfde politieke cultuur, dezelfde mechanismen van benoeming, dezelfde institutionele zwakte en dezelfde verwevenheid van partijpolitiek en staatsbestuur blijven bestaan, verandert nieuwe rijkdom niet automatisch de samenleving, maar kan zij juist de bestaande zwakheden groter en duurder en erger maken.

De werkelijke eyeopener achter de Jaarrede

Dat is voor mij de werkelijke eyeopener die uit deze Jaarrede moet worden gehaald, want Suriname heeft geen gebrek aan goud, olie, water, landbouwgrond, natuurlijke hulpbronnen, geografische mogelijkheden of intelligente mensen, maar heeft gedurende tientallen jaren een politiek bestuurlijk systeem ontwikkeld dat er onvoldoende in slaagt die enorme potentie structureel ten dienste te stellen van de gehele samenleving.

Wanneer kleine politieke, economische, familiale of partijgebonden groepen onevenredig profiteren, terwijl een aanzienlijk deel van ons jonge kader en onze deskundigheid het land verlaat omdat kennis en kwaliteit elders meer perspectief bieden, moeten wij niet blijven doen alsof onze achterstand een onverklaarbaar economisch verschijnsel is dat met hogere olie-inkomsten vanzelf zal verdwijnen.

Onze achterstand is bestuurlijk geproduceerd en precies daarom interesseert mij bij een Jaarrede uiteindelijk minder hoe indrukwekkend de cijfers worden gepresenteerd of hoe krachtig een president denkt te moeten spreken, maar kijk ik naar een veel wezenlijker reeks vragen: wat was de situatie bij aantreden, wat wist de regering toen al, wat beloofde zij te veranderen, welke concrete ingreep heeft zij vervolgens daadwerkelijk gedaan, met welke mensen vooral werd die verandering uitgevoerd en wat functioneert vandaag aantoonbaar beter dan een jaar geleden?

Wanneer wij die meetlat langs SLM leggen, zien we de spanning tussen een bekende diagnose en het uitblijven van de fundamentele breuk die daarbij werd aangekondigd.

Wanneer wij haar langs de goudsector leggen, ontstaat dezelfde spanning tussen het kennen van de grote belangen en het aantoonbaar doorbreken van ongewenste invloed.

Wanneer wij haar langs CASAS leggen, moeten trainingen, missies en plannen uiteindelijk worden vertaald naar aantoonbaar sterker toezicht

Wanneer wij haar langs onze territoriale belangen leggen, is het onvoldoende om territoriale integriteit als beginsel te proclameren wanneer niet met dezelfde kracht zichtbaar wordt gemaakt hoe de regering het concrete geschil met Guyana uiteindelijk wil oplossen.

Dat is voor mij het verschil tussen regeren en de indruk wekken dat er wordt geregeerd, want een leider kan problemen uitstekend analyseren, indrukwekkende cijfers presenteren, krachtige taal gebruiken en precies vertellen wat er allemaal moet veranderen, maar leiderschap krijgt pas betekenis wanneer de samenleving vervolgens kan aanwijzen wat door dat leiderschap werkelijk en duurzaam is veranderd.

Wanneer vanaf de eerste dag niet wordt gebroken met de politieke mechanismen die Suriname gedurende tientallen jaren en sinds de onafhankelijkheid hebben verzwakt, kunnen wij ieder jaar opnieuw een prachtige Jaarrede schrijven, nieuwe cijfers presenteren, dezelfde problemen in andere woorden beschrijven en opnieuw beloven dat de grote omslag onderweg is, terwijl achter die woorden de fundamentele bestuurscultuur grotendeels intact blijft.

Dan kunnen de president, de coalitie, de begroting en de cijfers veranderen, maar zal Suriname uiteindelijk onvoldoende veranderen en precies dat is na ruim vijftig jaar de werkelijkheid die veel harder onder ogen moet worden gezien dan welk begrotingstekort ook, want uiteindelijk zal niet de schoonheid of hardheid van een Jaarrede bepalen waar dit land in 2030 staat, maar de bereidheid van zijn leiders om eindelijk te breken met een politieke cultuur die onze enorme potentie al veel te lang gevangenhoudt en om daadwerkelijk af te maken wat zij de samenleving jaar na jaar beloven.

Romeo R. Stienstra
Aviation Professional|Strategisch Analist

Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.

Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud

ShareTweetSendSend

Blijf op de hoogte

FAI moet niet alleen worden gered, maar opnieuw worden opgebouwd
Opinie

FAI Jarikaba: hoeveel keer moet de Staat nog betalen voor een bedrijf dat zichzelf niet kan dragen?

Suriname kan niet blijven lenen zonder te weten wat het oplevert.
Opinie

Ruim USD 850 miljoen aan nieuwe leningen: wie betaalt straks de rekening?

Paramaribo Stadscentrum, illustratiefoto
Column

Geen geld of connecties? Dan tel je voor sommige Surinamers niet mee

ashwin ramcharan
Opinie

Jaarrede van president Simons weer ton vol beloften!

Tanken benzine pompstation
Column

Betalen voor benzine bij de pomp kan wel, maar voor je bon moet je ineens naar binnen

euro geld valuta
Column

Perceeleigenaren in Nederland vertrouwen familie in Paramaribo maar worden soms misleid

Nieuws uit Suriname | gfcnieuws.com

© 2026 GFC Nieuws

GFC Nieuws is een toonaangevend Surinaams mediahuis, gevestigd in Paramaribo. Sinds 2010 brengen wij dagelijks betrouwbaar nieuws, actualiteiten en lifestyle-artikelen met focus op Suriname en de Surinaamse gemeenschap wereldwijd. Onze redactie bestaat uit ervaren journalisten en columnisten, actief in zowel Suriname als Nederland.

  • Contact
  • Word redacteur
  • Colofon

Sociale media

Geen resultaat
Bekijk alle
  • Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
    • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact

© 2026 GFC Nieuws