• Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
    • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact
Geen resultaat
Bekijk alle
Geen resultaat
Bekijk alle
  • Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
  • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact

Mennonieten blijven komen: wie bewaakt de grenzen van Suriname?

GFC Nieuws Opinie door GFC Nieuws Opinie
18 september 2026 06:00
in Opinie
Mennonieten

Illustratiefoto Mennonieten.

Donderdag is opnieuw een groep Mennonieten in Suriname aangekomen. Volgens de beschikbare informatie reisden zij per vliegtuig via Panama het land binnen.

Op zichzelf is de komst van buitenlandse landbouwers geen probleem. Suriname heeft arbeidskrachten, investeringen, kennis en ondernemerschap nodig, zeker in de agrarische sector.

Maar de vraag die inmiddels niet meer kan worden ontweken is een andere: wie heeft bepaald dat deze mensen naar Suriname komen, onder welke voorwaarden komen zij, waar zullen zij zich vestigen en welke garanties heeft de Surinaamse samenleving dat dit proces juridisch, sociaal en ecologisch verantwoord verloopt?

Want juist daarover bestaat inmiddels opvallend veel onduidelijkheid.

Wie haalt de Mennonieten naar Suriname?

Het debat over de Mennonieten is inmiddels geen nieuw verschijnsel. Al in 2023 werd bericht over plannen om Mennonitische gezinnen uit onder meer Bolivia naar Suriname te halen voor grootschalige landbouw. Daarbij werd gesproken over honderden tot mogelijk duizenden gezinnen en grote arealen landbouwgrond.

De oorspronkelijke plannen stuitten op maatschappelijke en milieukritiek, mede vanwege de omvang van de voorgestelde grondgebieden en de mogelijke gevolgen voor het Surinaamse bos.

Volgens internationale berichtgeving werd een eerder pilotproject later stopgezet, terwijl discussies over grootschalige landbouwontwikkeling en de betrokkenheid van Mennonitische groepen bleven voortbestaan.

In augustus 2026 verklaarde voormalig minister van Buitenlandse Zaken Albert Ramdin dat de oorspronkelijke komst onderdeel was van een pilotproject voor ongeveer vijftig gezinnen, oftewel circa driehonderd personen.

Mis dit niet:

Zal het Tigri-debacle in deze regeringstermijn worden opgelost?

Surinaamse overheid stimuleert indirect het verbranden van grof vuil

Volgens Ramdin waren daaraan voorwaarden verbonden, waaronder het gebruik van bestaande landbouwgronden en een verbod op het openkappen van bos. Ook zou de overheid volgens zijn uitleg geen grond ter beschikking stellen voor hun vestiging.

Maar de werkelijkheid die zich nu lijkt te ontvouwen roept nieuwe vragen op.

De overheid zegt: er is geen aparte overeenkomst

Minister Mike Noersalim van Landbouw, Veeteelt en Visserij verklaarde begin september dat er geen afzonderlijke overeenkomst bestaat tussen LVV en de Mennonitische landbouwgroepen.

Volgens de minister zijn bij zijn aantreden wel documenten aangetroffen van de vorige regering over besluiten met betrekking tot de groep, maar ontbrak een volledig dossier met een overeenkomst tussen LVV en de Mennonieten. De aanwezigheid van de groepen zou zijn gefaciliteerd door Braganza Marketing Group.

Dat is een buitengewoon belangrijk gegeven.

Want als er geen afzonderlijke overeenkomst met LVV bestaat, maar tegelijkertijd steeds grotere groepen Mennonieten naar Suriname komen, moet de samenleving kunnen weten op basis van welke afspraken zij hier zijn gekomen.

Wie heeft hen uitgenodigd?

Wie heeft hen geïnformeerd over beschikbare grond?

Wie heeft hen verteld dat zij landbouwactiviteiten kunnen ontplooien?

Wie heeft afspraken gemaakt over hun verblijf?

En vooral: wie heeft hen de indruk gegeven dat er in Suriname landbouwgrond beschikbaar is?

De Mennonieten zeggen dat zij op toestemming wachten

De ontwikkelingen worden nog opmerkelijker door verklaringen van Mennonitische betrokkenen zelf.

Tijdens een bezoek van Assembleeleden aan een locatie in Para verklaarde Peter Petersen, een Mennoniet afkomstig uit Belize, dat de groep ervan uitging dat nog werd gewerkt aan toestemming om het land te bewerken.

Volgens hem was hun verteld dat er voldoende landbouwgrond beschikbaar was. De groep zou inmiddels aanzienlijke investeringen hebben gedaan en machines naar Suriname hebben gebracht.

Op de bezochte locatie zou uiteindelijk sprake zijn van een behoefte van meer dan 9.000 hectare voor onder meer maïs, veevoer en veehouderij.

Petersen stelde bovendien dat ongeveer dertig Mennonitische gezinnen inmiddels in Paramaribo verblijven en dat nog meer dan honderd gezinnen naar Suriname zouden komen.

Als deze aantallen en verklaringen juist zijn, gaat het dus niet meer om een kleinschalig experiment.

Dan hebben we het over een ontwikkeling met potentieel grote gevolgen voor grondgebruik, landbouw, migratie, infrastructuur, milieu en de verhouding met lokale gemeenschappen.

Hoe kan iemand al investeren voordat de toestemming rond is?

Hier ligt misschien wel de meest fundamentele vraag.

Volgens de Mennonitische groep zijn machines al maanden geleden naar Suriname gebracht en is land reeds bewerkt of schoongemaakt. Tegelijkertijd wordt volgens hun eigen verklaring gewacht op de formele toestemming om verder te gaan.

Dat roept de vraag op hoe het mogelijk is dat zulke substantiële investeringen worden gedaan voordat alle noodzakelijke vergunningen, grondrechten en andere juridische voorwaarden definitief zijn geregeld.

Een buitenlandse investeerder die miljoenen investeert, doet dat doorgaans op basis van documenten, overeenkomsten en vergunningen.

Als dat hier niet het geval is, is de verantwoordelijkheid niet uitsluitend die van de Mennonieten.

Dan moet ook worden gevraagd wie hen heeft begeleid.

Suriname heeft regels voor landbouwgrond

Minister Noersalim heeft juist benadrukt dat er volgens de overheid geen sluiproute bestaat.

LVV kan onder voorwaarden landbouwactiviteiten faciliteren, maar de formele uitgifte van grond behoort tot het terrein van het ministerie van Grondbeleid en Bosbeheer.

Voor grootschalige landbouw gelden volgens LVV voorwaarden, waaronder milieustudies en goedkeuringen. Buitenlandse arbeidskrachten moeten legaal in Suriname verblijven en activiteiten mogen niet plaatsvinden in primair bos.

Dat klinkt helder.

Maar dan moet de praktijk daar ook mee overeenkomen.

Als grote groepen mensen al naar Suriname komen, machines worden aangevoerd en gebieden worden schoongemaakt terwijl nog wordt gewacht op toestemming, ontstaat een bestuurlijk probleem.

De overheid kan achteraf niet volstaan met de mededeling dat er geen toestemming was.

De samenleving mag dan vragen: waarom kon dit überhaupt zover komen?

De kwetsbare positie van het Surinaamse bos

Deze kwestie is voor Suriname extra gevoelig omdat het land internationaal bekendstaat om zijn uitzonderlijk hoge bosbedekking.

Grootschalige landbouwontwikkeling kan economische voordelen opleveren. Suriname heeft immers behoefte aan voedselproductie, importsubstitutie, werkgelegenheid en export.

Maar landbouwontwikkeling en bosbescherming hoeven geen tegenstellingen te zijn.

Juist daarom moet de staat vooraf duidelijk vastleggen waar landbouw wel en niet kan plaatsvinden.

De waarschuwing van de huidige regering om primair bos te beschermen is dan ook van groot belang. President Jennifer Simons heeft eerder aangegeven dat grote arealen die eerder aan LVV waren overgedragen opnieuw moeten worden bekeken en dat landbouwontwikkeling vooral moet plaatsvinden in gebieden die daarvoor geschikt zijn, waaronder reeds ontboste gebieden.

Dat beleid moet consequent worden uitgevoerd.

Niet alleen tegenover Mennonieten.

Tegenover iedereen.

Maar waar zijn de Inheemse en Tribale gemeenschappen?

Dit is misschien het meest gevoelige onderdeel van de discussie.

De kwestie gaat niet alleen over landbouwgrond en bos.

In delen van het binnenland waar landbouwprojecten worden ontwikkeld, bestaan gemeenschappen met historische en culturele banden met het gebied.

De discussie over de rechten van Inheemse en Tribale volken is in Suriname bovendien nog altijd niet definitief opgelost.

Wanneer buitenlandse groepen toegang krijgen tot grote arealen in gebieden waar lokale gemeenschappen aanspraken of gebruiksrechten hebben, kan de overheid niet doen alsof het uitsluitend om een landbouwvergunning gaat.

Het gaat ook om landrechten, participatie, consultatie en de vraag wie daadwerkelijk zeggenschap heeft over de toekomst van die gebieden.

Dat maakt deze ontwikkeling juridisch en maatschappelijk veel groter dan de komst van een groep landbouwers.

Land voor wie?

Suriname moet daarom een principiële vraag durven stellen.

Voor wie is de Surinaamse landbouwgrond?

Het antwoord kan uiteraard niet zijn dat buitenlanders geen landbouw mogen bedrijven.

Dat zou zowel juridisch als economisch een verkeerde benadering zijn.

Maar het tegenovergestelde is evenmin aanvaardbaar: dat buitenlandse groepen toegang krijgen tot grote stukken grond terwijl Surinaamse boeren, jongeren, vrouwen en gemeenschappen uit rurale en binnenlandse gebieden moeite hebben om toegang te krijgen tot grond, financiering, technologie en markten.

Een landbouwbeleid moet niet alleen kijken naar wie het snelst kapitaal kan mobiliseren.

Het moet ook kijken naar wie al generaties lang in Suriname landbouw bedrijft.

De discussie gaat daarom niet over Mennonieten

Het is belangrijk om dit onderscheid te maken.

De kritiek hoort niet gericht te zijn tegen Mennonieten als religieuze of culturele groep.

Het gaat niet om hun geloof.

Het gaat niet om hun afkomst.

Het gaat om het beleid van de Surinaamse staat.

Als een Nederlandse, Braziliaanse, Chinese, Amerikaanse of Mennonitische ondernemer naar Suriname komt om landbouw te bedrijven, moet dezelfde rechtsstaat gelden.

Dezelfde grondregels.

Dezelfde milieuregels.

Dezelfde verblijfsregels.

Dezelfde belastingregels.

Dezelfde arbeidsregels.

En dezelfde bescherming van rechten van lokale gemeenschappen.

Dat is geen anti-buitenlands beleid.

Dat is behoorlijk bestuur.

De overheid moet het dossier volledig openleggen

Wat nu ontbreekt, is transparantie.

De regering zou duidelijkheid moeten verschaffen over de afspraken die vóór de komst van deze groepen zijn gemaakt.

Niet noodzakelijk over persoonsgegevens van individuele migranten, maar wel over het beleid en de zakelijke constructie.

Welke bedrijven zijn betrokken?

Welke grondgebieden zijn in beeld?

Welke overeenkomsten zijn gesloten?

Welke ministeries waren betrokken?

Welke vergunningen zijn verleend?

Welke vergunningen zijn nog niet verleend?

Welke milieustudies zijn uitgevoerd?

Welke gebieden zijn aangewezen?

Welke afspraken zijn gemaakt over arbeidsmigratie?

En welke waarborgen bestaan voor de rechten van Inheemse en Tribale gemeenschappen?

Dat zijn geen onredelijke vragen.

Dat zijn vragen die iedere regering zou moeten kunnen beantwoorden wanneer grote buitenlandse landbouwprojecten worden ontwikkeld.

De fout mag niet opnieuw worden gemaakt

Het meest zorgwekkende scenario zou zijn dat Suriname opnieuw achteraf moet vaststellen dat er afspraken zijn gemaakt die juridisch onvoldoende waren onderbouwd.

Eerst mensen laten komen.

Dan machines laten komen.

Dan grond laten schoonmaken.

Dan maatschappelijke weerstand.

Daarna onderzoek.

En uiteindelijk de vraag wie toestemming heeft gegeven.

Dat is geen landbouwbeleid.

Dat is bestuurlijke improvisatie.

Suriname heeft de afgelopen decennia vaak laten zien hoe moeilijk het is om eenmaal gemaakte grondafspraken terug te draaien. Juist daarom moet de staat vóór de uitgifte van grond zekerheid creëren.

Landbouwontwikkeling: ja. Maar onder Surinaamse voorwaarden

Suriname heeft landbouw nodig.

Het land heeft voedselproductie nodig. Het heeft exportproducten nodig. Het heeft technologie, kapitaal en kennis nodig. Het heeft jongeren nodig die perspectief vinden in de agrarische sector.

Als Mennonitische landbouwers daaraan kunnen bijdragen, kan daarover worden gesproken.

Maar dan moet het gesprek plaatsvinden binnen het Surinaamse recht.

Niet andersom.

Buitenlandse investeringen mogen geen reden zijn om regels soepeler toe te passen. Ze moeten juist een reden zijn om regels duidelijker toe te passen.

Want uiteindelijk gaat het niet om de vraag of Mennonieten welkom zijn.

De vraag is of Suriname klaar is om buitenlandse landbouwinvesteringen op een transparante, juridisch correcte en maatschappelijk verantwoorde manier te ontvangen.

De komst van opnieuw een grote groep Mennonieten maakt die vraag urgenter dan ooit.

En misschien moet de regering daarom niet alleen zeggen dat er “geen sluiproute” bestaat.

Zij moet de samenleving laten zien welke route dan wél is gevolgd.

Ben M.D.

Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.

Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud

ShareTweetSendSend

Blijf op de hoogte

Nieuwe ambassadeur in Guyana, oude vraag blijft: wat gebeurt er met Tigri?
Opinie

Zal het Tigri-debacle in deze regeringstermijn worden opgelost?

Grofafval en vuilnis blijft een probleem in Suriname.
Column

Surinaamse overheid stimuleert indirect het verbranden van grof vuil

Rooms Katholiek Ziekenhuis Paramaribo. Foto: illustratief
Column

‘Geld bepaalt in Suriname wie sneller medische hulp krijgt in het ziekenhuis’

e bike ebike paramaribo scooter brommer verkeer
Opinie

Hoog tijd voor duidelijke E-bike regels

Eindelijk streng optreden tegen afval verbranden en milieuvervuiling
Opinie

Eindelijk consequent optreden tegen milieuvervuiling in Suriname

paramaribo suriname bus staatsbus lijnbus nvb straat verkeer stad
Column

Na een werkdag nog zweten in een bus, hoe normaal vinden we dit eigenlijk?

Nieuws uit Suriname | gfcnieuws.com

© 2026 GFC Nieuws

GFC Nieuws is een toonaangevend Surinaams mediahuis, gevestigd in Paramaribo. Sinds 2010 brengen wij dagelijks betrouwbaar nieuws, actualiteiten en lifestyle-artikelen met focus op Suriname en de Surinaamse gemeenschap wereldwijd. Onze redactie bestaat uit ervaren journalisten en columnisten, actief in zowel Suriname als Nederland.

  • Contact
  • Word redacteur
  • Colofon

Sociale media

Geen resultaat
Bekijk alle
  • Voorpagina
  • Suriname
  • Lifestyle
  • Nederland
  • Gezondheid
  • Opinie
    • Column
  • Entertainment
  • Sport
  • Adverteren
  • Contact

© 2026 GFC Nieuws