Voor een groep Surinaamse Nederlanders zijn Zuid Spanje en de Canarische Eilanden aantrekkelijke bestemmingen.
Ze willen genieten van een warmer klimaat en een rustiger leven, maar tegelijk binnen Europa blijven. Toch is er één nadeel dat steeds terugkomt.
Wie familie of vrienden in Suriname wil bezoeken, moet meestal eerst terug naar Schiphol.
Maar wat als dat in de toekomst helemaal niet meer nodig is?
Canarische Eilanden liggen verrassend dicht bij Suriname
De Canarische Eilanden horen gewoon bij Spanje en zijn dus Europees grondgebied. Gran Canaria ligt bovendien al ver in de Atlantische Oceaan.
Daardoor is de afstand naar Paramaribo veel kleiner dan vanaf Amsterdam.
De hemelsbrede afstand tussen Gran Canaria en Paramaribo bedraagt ongeveer 4.890 kilometer. Vanaf Amsterdam is dat ongeveer 7.520 kilometer. Dat scheelt ruim 2.600 kilometer.
Bij de gebruikelijke kruissnelheid van een verkeersvliegtuig zou een rechtstreekse vlucht daardoor ongeveer vijf en een half tot zes uur kunnen duren.
Dat is aanzienlijk korter dan de ruim negen uur die een directe vlucht vanuit Nederland meestal nodig heeft.
Waarom bestaat zo’n vlucht nog niet?
Op het eerste gezicht lijkt een rechtstreekse verbinding misschien bijzonder, maar technisch is er weinig dat zo’n route in de weg staat.
De luchthaven van Gran Canaria op Las Palmas de Gran Canaria beschikt over twee start en landingsbanen van elk 3.100 meter. Dat is voldoende voor grote toestellen zoals de Boeing 787, Airbus A330 en Airbus A350.
Het grootste obstakel is daarom niet de techniek, maar de economie. Luchtvaartmaatschappijen moeten erop kunnen rekenen dat er het hele jaar genoeg passagiers zijn om een nieuwe route rendabel te maken.
Eerst terug naar Schiphol
Voor Surinaamse Nederlanders die op de Canarische Eilanden of in Zuid Spanje wonen, voelt de huidige situatie soms onlogisch.
Ze bevinden zich al duizenden kilometers dichter bij Suriname, maar moeten voor een bezoek vaak eerst terugvliegen naar Nederland om daarna opnieuw de Atlantische Oceaan over te steken richting Paramaribo.
Eerder gebeurde iets vergelijkbaars
Het idee is bovendien minder vreemd dan het misschien klinkt. Vanuit Duitsland vertrekken al jarenlang rechtstreekse vluchten naar Caribische bestemmingen zoals Curaçao, Aruba, Punta Cana en Cancún.
Daarmee is bewezen dat er vanuit Europa vraag kan bestaan naar langeafstandsvluchten richting het Caribisch gebied.
Suriname ontvangt minder toeristen dan veel van deze bestemmingen, waardoor een nieuwe route commercieel lastiger is.
Voorlopig blijft Schiphol de belangrijkste toegangspoort naar Suriname.
Maar als steeds meer Surinaamse Nederlanders kiezen voor een leven onder de Spaanse zon, is de vraag niet vreemd of Spanje ooit kan uitgroeien tot een nieuwe Europese uitvalsbasis voor vluchten naar Paramaribo.






