Jagernath Roepesh van het Wetenschappelijk Bureau van De Nieuwe Leeuw (DNL) heeft scherpe kritiek geuit op recente uitspraken van David Abiamofo, minister van Natuurlijke Hulpbronnen.
Volgens Roepesh zijn de uitspraken van de minister, waarin wordt gesproken over een “structurele bijdrage” van skalians aan staatsinkomsten en lokale ontwikkeling, misleidend en zorgwekkend.
Hij stelt dat dergelijke activiteiten geen duurzame bijdrage leveren, maar juist leiden tot ernstige milieuschade en risico’s voor de volksgezondheid.
Zorgen over milieu en volksgezondheid
Roepesh wijst erop dat rivieren, waaronder de Marowijnerivier en haar zijtakken, volgens onderzoeken zwaar zijn aangetast.
Hij stelt dat vervuiling door onder meer kwikgebruik leidt tot vergiftiging van water, vissen en fauna, met directe gevolgen voor gemeenschappen die afhankelijk zijn van deze natuurlijke hulpbronnen.
Volgens hem is er sprake van een zich ontwikkelende milieuproblematiek die niet langer als een toekomstig risico kan worden gezien, maar als een actuele crisis met gevolgen voor huidige en toekomstige generaties.
Impact op natuur en leefomgeving
De kritiek richt zich tevens op de bredere impact van skalian-activiteiten op het ecosysteem. Roepesh stelt dat deze activiteiten leiden tot ontbossing, aantasting van waterwegen en langdurige schade aan biodiversiteit. De gevolgen hiervan raken niet alleen het milieu, maar ook de voedselzekerheid en leefbaarheid in het binnenland.
Gevolgen voor inheemse en tribale gemeenschappen
Daarnaast benadrukt hij dat inheemse en tribale gemeenschappen onevenredig zwaar worden getroffen. Door aantasting van hun leefgebied verliezen zij toegang tot visserij, landbouwgronden en traditionele bestaansmiddelen.
Volgens Roepesh gaat het hierbij niet alleen om ecologische schade, maar ook om verlies van cultuur, identiteit en sociale stabiliteit.
Oproep tot verantwoord beleid
In zijn reactie stelt Roepesh dat de overheid de verantwoordelijkheid heeft om burgers te beschermen en natuurlijke hulpbronnen duurzaam te beheren.
Hij verwijst naar nationale wetgeving en internationale verplichtingen die voorschrijven dat ernstige en onomkeerbare milieuschade moet worden voorkomen.
Het toestaan of stimuleren van activiteiten waarvan de negatieve gevolgen bekend zijn, wordt door hem gekwalificeerd als onverantwoord en strijdig met goed bestuur.
Keuze voor duurzame toekomst
Tot slot benadrukt Roepesh dat Suriname voor een duidelijke keuze staat tussen kortetermijnvoordelen en duurzame ontwikkeling. Hij roept op tot beleid dat gericht is op bescherming van milieu, volksgezondheid en gemeenschappen, als fundament voor







