Tijdens het wekelijkse persmoment heeft de minister van Buitenlandse Zaken, Internationale Handel en Samenwerking (BIS), Melvin Bouva, toelichting gegeven op de diplomatieke stand van zaken rond de discussie over heffingen voor Guyanese scheepvaart op de Corantijnrivier.
Volgens de minister heeft Suriname reeds in januari via officiële briefwisseling duidelijk gemaakt hoe het land de situatie beoordeelt. Daarbij is herhaald dat de positie en juridische status van de rivier niet ter discussie staan.
Surinaamse positie: controle en registratie centraal
De bewindsman benadrukte dat Suriname vasthoudt aan het belang van: duidelijke controlemechanismen op rivierverkeer, goed gereguleerde registratie van scheepvaart en respect voor bestaande afspraken en jurisdictie.
Deze boodschap is volgens hem ook rechtstreeks overgebracht aan de Guyanese ambassadeur in Paramaribo.
Daarnaast gaf de minister aan dat Suriname open blijft staan voor diplomatieke gesprekken om de kwestie verder te bespreken binnen bestaande kanalen.
Reactie en kritiek vanuit Guyana
Aan de zijde van Guyana is intussen stevige kritiek geuit op de invoering van de heffingen.
Volgens Guyanese autoriteiten en private sectororganisaties zouden de maatregelen: de kosten voor scheepvaart en handel verhogen, bestaande handelsstromen tussen beide landen verstoren en eerdere afspraken over vrij verkeer en samenwerking onder druk zetten.
De Guyanese regering heeft de maatregel eerder omschreven als “zorgwekkend” en “niet bevorderlijk voor regionale integratie”, en heeft formeel diplomatiek protest aangetekend tegen de heffingen.
Ook in de Guyanese private sector klinkt kritiek dat de nieuwe kosten de concurrentiepositie van bedrijven die afhankelijk zijn van de rivier ernstig aantasten en dat dit kan doorwerken in hogere prijzen voor goederen en diensten.
Belang van de Corantijnrivier voor beide landen
De Corantijnrivier vormt een belangrijke economische en logistieke verbinding tussen Suriname en Guyana en wordt intensief gebruikt voor: handel in goederen en grondstoffen, transport tussen grensgebieden en regionale economische samenwerking.
Experts wijzen erop dat spanningen rond de rivier niet alleen bilaterale relaties kunnen beïnvloeden, maar ook bredere integratie-initiatieven in de regio kunnen vertragen.
Diplomatie blijft open
Bouva onderstreepte dat Suriname blijft inzetten op dialoog en wederzijds begrip, ondanks de verschillen in interpretatie.
“De diplomatieke kanalen blijven open,” was de kernboodschap, met de nadruk dat verdere gesprekken nodig zijn om tot werkbare afspraken te komen die voor beide landen houdbaar zijn.




![[Aggregator] Downloaded image for imported item #434604](https://www.gfcnieuws.com/wp-content/uploads/2026/04/2026.03.26-BIS-03-ABC-technische-meeting.jpg)
![[Aggregator] Downloaded image for imported item #434601](https://www.gfcnieuws.com/wp-content/uploads/2026/04/P1183377-scaled-1.jpg)
