Een internationaal samengestelde groep personen van Surinaamse afkomst heeft een open brief aangeboden aan de President van de Republiek Suriname, de voorzitter van De Nationale Assemblee en de minister van Buitenlandse Zaken, International Business en Internationale Samenwerking.
In de brief wordt aandacht gevraagd voor het structureel uitblijven van de uitvoering van afspraken uit de Toescheidingsovereenkomst van 1975, die bij de onafhankelijkheid van Suriname zijn vastgelegd.
Bijna vijftig jaar onuitgevoerde afspraken
Volgens de opstellers gaat het om afspraken met directe betekenis voor de positie, rechten en betrokkenheid van Surinamers die buiten Suriname wonen.
Het niet uitvoeren hiervan is inmiddels geen incident meer, maar heeft een structureel karakter gekregen. De kwestie wordt aangemerkt als een nationaal staatsrechtelijk vraagstuk dat al bijna vijftig jaar onopgelost is gebleven.
In de open brief wordt benadrukt dat de Surinaamse diaspora een wereldwijd karakter heeft. Surinamers wonen verspreid over Noord- en Zuid-Amerika, Europa, het Caribisch gebied, Afrika, Azië en Oceanië. Beleidsmatig kan de diaspora daarom niet worden beperkt tot één land of regio.
De kernboodschap luidt: “Waar Surinamers zijn, is Suriname.” Die realiteit vraagt volgens de opstellers om een nationaal beleidskader dat de band tussen staat en gemeenschap erkent, ongeacht landsgrenzen.
Kritiek op huidig PSA-beleid
Het huidige beleid voor Personen van Surinaamse Afkomst (PSA) wordt in de brief erkend als een eerste stap, maar schiet volgens de opstellers tekort.
Het PSA-beleid richt zich vooral op individuele faciliteiten en mist een samenhangend en institutioneel verankerd diasporabeleid. Hierdoor ontbreekt rechtszekerheid en structurele beleidsontwikkeling, terwijl interministeriële afstemming onvoldoende is.
Concrete voorstellen voor institutionele verankering
De groep roept de regering op tot directe bestuurlijke actie en doet onder meer de volgende voorstellen:
oprichting van een Directoraat Diasporabeleid onder het ministerie van Buitenlandse Zaken;
aanstelling van een Directeur Diasporabeleid met een helder en publiek mandaat;
expliciete erkenning dat deze stappen uitvoering geven aan bestaande staatsrechtelijke verplichtingen, en geen nieuw beleidsinitiatief vormen.
Volgens de opstellers is deze institutionele basis noodzakelijk voor samenhangend beleid, structurele coördinatie en duurzaam overleg met diaspora-organisaties wereldwijd.
Verzoek om overleg met de president
Naast de open brief is een formeel verzoek ingediend voor een gesprek met de President van de Republiek Suriname. Dit verzoek houdt verband met het tijdelijke verblijf in Suriname van een van de medeopstellers, om de juridische en bestuurlijke implicaties van de brief nader toe te lichten.
De oproep is duidelijk: er wordt niet gevraagd om privileges of uitzonderingen, maar om uitvoering van bestaande afspraken, bestuurlijke verantwoordelijkheid en institutionele duidelijkheid. Alleen zo kan recht worden gedaan aan de wereldwijde Surinaamse gemeenschap.
De brief sluit af met een duidelijke boodschap: waar Surinamers zijn, is Suriname – en dat vraagt om beleid dat deze verbondenheid structureel erkent.







