De verkiezingen van 25 mei hebben een duidelijk signaal afgegeven. De kiezer heeft gesproken en het oordeel was hard. Voor velen staat vast dat de VHP haar politieke krediet heeft verspeeld.
Wat ooit werd gepresenteerd als hoop en vernieuwing, eindigde voor grote delen van de bevolking in teleurstelling, wantrouwen en maatschappelijke verdeeldheid.
Voor deze groep kiezers is de VHP politiek verleden tijd.
Vertrouwen gewonnen, vertrouwen verloren
De electorale winst van de VHP in 2020 werd door een aanzienlijk deel van de bevolking achteraf ervaren als gebaseerd op misleiding en onrealistische beloften.
Wat volgde was een regeringsperiode die door critici wordt gekenmerkt als chaotisch, corrupt en autoritair van aard.
Vooral het gevoel van volksdruk, willekeur en ongelijkheid voor de wet heeft diepe sporen nagelaten in het collectieve geheugen.
Verdeeldheid als bestuursstijl
Een van de zwaarstwegende verwijten is dat de samenleving onder de VHP-regering verder is gepolariseerd. In plaats van nationale eenheid te bevorderen, werd het bestuur ervaren als exclusief en bevooroordeeld.
Voor veel burgers, inclusief groepen die de partij aanvankelijk steunden, was dit een pijnlijke les. Het vertrouwen dat eenmaal verloren is, laat zich niet eenvoudig herstellen.
Politieke isolatie ligt op de loer
Het sentiment leeft sterk dat andere politieke partijen weinig tot geen bereidheid meer zullen tonen om samen te werken met de VHP. Eerdere coalitiepartners hebben volgens critici ervaren hoe moeizaam en schadelijk die samenwerking was.
Het idee dat de VHP opnieuw een centrale machtspositie zou innemen, wordt door velen als onrealistisch beschouwd.
Daartegenover staat het beeld dat de huidige regering onder leiding van president Simons-Rusland rust en stabiliteit heeft teruggebracht.
Voorstanders wijzen op een verminderd gevoel van angst, meer maatschappelijke kalmte en herstel van vertrouwen in de staat.
Deze ervaren rust wordt gezien als een scherp contrast met de voorgaande periode.
Hervorming van justitie als breekpunt
Een belangrijk politiek strijdpunt is de hervorming van het Openbaar Ministerie. Voorstanders beschouwen deze hervormingen als noodzakelijk om willekeur, selectieve vervolging en politieke beïnvloeding tegen te gaan.
Volgens deze visie is het ordenen en versterken van het justitieel apparaat essentieel voor een rechtvaardiger rechtsstaat, waarin burgers gelijk worden behandeld en instituties onafhankelijk functioneren.
Angst voor verantwoording?
In het publieke debat leeft het idee dat verzet tegen justitiële hervormingen voortkomt uit angst voor verantwoording over het verleden.
Transparantie en versterkte rechtspleging worden door sommigen gezien als bedreigend voor wie misstanden te vrezen heeft.
Of die angst terecht is, zal moeten blijken uit de werking van de rechtsstaat zelf.
Voor veel burgers is de conclusie helder: de VHP heeft haar kans gehad en die verspeeld. De verkiezingsuitslag wordt gezien als een definitieve afrekening.
De toekomst van Suriname, zo luidt de overtuiging, ligt in stabiliteit, inclusiviteit en een rechtvaardig bestuur — niet in herhaling van wat als falend leiderschap wordt ervaren.
De geschiedenis zal oordelen, maar het volk heeft al gesproken.
Dennis Mohan
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud








