Er is maatschappelijke onrust ontstaan over een mogelijke grootschalige ontbossing van Surinaams bosgebied, nadat signalen zijn ontvangen over een aanvraag voor een zogenoemde ICL-vergunning (Incidentele Conversie Licentie) voor een gebied van circa 110.000 hectare.
Milieuactivist John Goedschalk heeft hierover publiekelijk alarm geslagen.
Aanvraag voor conversie van bos naar landbouw
Volgens Goedschalk kreeg hij rond april van het afgelopen jaar informatie dat bij de Stichting Bosbeheer en Bostoezicht (SBB) een aanvraag was ingediend voor een ICL-vergunning.
Een dergelijke vergunning is vereist wanneer bos wordt omgezet naar een andere bestemming, zoals landbouw. Ontbossing van deze omvang komt volgens milieuorganisaties neer op grootschalige kaalkap.
De aanvraag wordt in verband gebracht met de uitgifte van ongeveer 100.000 hectare perceelgrond aan Mennonitische landbouwgemeenschappen, wat in de samenleving tot brede discussie heeft geleid.
Impact op klimaatbeleid en carbon credits
Goedschalk stelt dat uitvoering van dit plan verstrekkende gevolgen kan hebben voor Suriname als bosrijk land. Volgens hem zou ontbossing op deze schaal een wezenlijke impact hebben op biodiversiteit, waterhuishouding en het nationale klimaatbeleid.
Met name wordt gewezen op mogelijke gevolgen voor Surinames internationale positie als carbon negative land, een status die belangrijk is binnen klimaatverdragen en het beleid rond carbon credits.
Er wordt daarbij verwezen naar een overeenkomst waarbij naar verluidt 10 procent van het gebied daadwerkelijk zou worden ontbost.
Critici stellen echter dat zelfs gedeeltelijke ontbossing binnen zo’n groot gebied het totale ecosysteem kan aantasten en precedentwerking kan hebben.
Milieuwetgeving onder druk
In het maatschappelijk debat wordt ook de Milieuraamwet aangehaald. Volgens Goedschalk zou deze wet in deze kwestie terzijde worden geschoven, terwijl dezelfde wet eerder werd gebruikt om initiële activiteiten van de Mennonieten tijdelijk stop te zetten.
Hij uit zorgen dat er pogingen worden ondernomen om milieuwetgeving buiten werking te stellen zonder parlementaire behandeling.
Daarnaast wordt gewezen op het ontbreken van een milieueffectrapportage (MER). Normaal gesproken is een dergelijk onderzoek essentieel om de ecologische, sociale en economische gevolgen van grootschalige projecten inzichtelijk te maken.
Breder debat over grondbeleid en landbouwontwikkeling
De kwestie raakt aan bredere vragen over het nationale grondbeleid, de balans tussen economische ontwikkeling en milieubescherming, en de rol van buitenlandse en lokale investeerders in de landbouwsector.
Suriname beschikt over uitgestrekte bossen die internationaal worden beschouwd als van groot belang voor biodiversiteit en klimaatregulatie.
Milieuorganisaties, maatschappelijke groeperingen en delen van het maatschappelijk middenveld pleiten daarom voor transparantie, brede consultatie en naleving van bestaande wet- en regelgeving voordat onomkeerbare besluiten worden genomen.
Oproep tot transparantie en publiek debat
Vanuit verschillende hoeken wordt opgeroepen tot openheid over de vergunningaanvragen, contracten en beleidskeuzes die aan deze kwestie ten grondslag liggen.
Ook wordt gevraagd om een breed publiek debat en betrokkenheid van deskundigen, zodat beslissingen over landgebruik in het algemeen belang worden genomen.
Tot op heden is er nog geen uitgebreide publieke toelichting gegeven door de bevoegde autoriteiten over de status van de aanvraag en de verdere besluitvorming.







