Mensen die het niet eens zijn met de uitspraak in de CBvS-zaak roepen vaak twee dingen: (1) “je kon toen niet vervolgen want er was geen strafbepaling”. (2) “er is geen bewijs van zelfverrijking of steekpenningen, dus het is onzin.”
Laat ik het netjes maar duidelijk zeggen: dit zijn populaire praatpunten, maar juridisch klopt het zo niet.
Geen strafbepaling, dus geen vervolging
In een rechtsstaat geldt: geen straf zonder wet. Dat is juist. Maar het betekent niet dat je pas mag vervolgen als er een “speciale CBvS-wet” bestaat. Strafrecht werkt al eeuwen met algemene strafbepalingen die op veel situaties passen: corruptie, valsheid in geschrift, verduistering, witwassen, oplichting, ambtsmisbruik.
In Suriname bestonden die regels al. De Anti-corruptiewet (2017) kent bijvoorbeeld een bepaling (art. 13) die strafbaar maakt dat een functionaris in strijd met regels handelt om een voordeel voor zichzelf of een ander te krijgen, óf om de staat of staatsinstelling financieel te benadelen.
Dat is geen “nieuwe regel achteraf”; die wet bestond al. Ook witwassen is al jaren strafbaar via de Wet Strafbaarstelling Money Laundering. Met andere woorden: vervolging is niet gebouwd op lucht, maar op bestaande wetten.
Dus als iemand zegt “er was geen strafbepaling”, dan is de echte vraag: welke bepaling bestond niet? En dan moet men ook laten zien dat de rechter wél op iets nieuws heeft gesteund. Zolang men dat niet kan aanwijzen, is het geen juridisch argument maar een slogan.
Geen steekpenning bewezen, dus geen schuld”
Dit is de grootste misvatting. Veel mensen denken: als je niet kunt bewijzen dat iemand cash in zijn zak heeft gestopt, dan is er “geen zaak”. Dat is simpelweg niet hoe strafrecht werkt.
Ten eerste: bij corruptie draait het niet alleen om “ik kreeg geld”. De wet kijkt ook naar misbruik van positie, regels overtreden, anderen bevoordelen, en schade veroorzaken.
Je kunt dus strafbaar handelen zonder dat je persoonlijk rijker wordt, bijvoorbeeld door iemand anders te helpen of door bewust grote financiële schade toe te brengen.
Ten tweede: witwassen draait vooral om geldstromen en constructies. Het gaat om het verbergen, verhullen of rondpompen van geld dat niet netjes is verdiend of niet netjes is verantwoord.
Je hoeft niet altijd een “steekpenningmoment” te vinden om witwassen te bewijzen. Sterker nog: witwaszaken worden vaak bewezen met documenten, betalingen, contracten, e-mails en appjes. Dat is hard bewijs, geen roddel.
Een extra les voor wie boos is
Je mag het oneens zijn met een uitspraak. Maar dan moet je het oneens zijn op de juiste manier: met concrete punten uit het vonnis, met juridische argumenten, en met bewijs. Niet met vage kreten.
Want als we elke veroordeling die ons niet bevalt wegzetten als “politiek” of “zonder wet”, dan ondermijnen we het systeem waar we allemaal bescherming van willen: dat de machtige ook verantwoording moeten afleggen.
Dus ja: discussie is goed. Maar doe het volwassen. Lees de wet, lees de motivering (als die beschikbaar is), en kom dan met inhoud. Anders is het geen strijd voor recht, maar een strijd voor gelijk krijgen.
Johan Blomhoff
Dit artikel betreft een ingezonden opiniestuk. Voor de publicatie van ingezonden artikelen hanteren wij specifieke voorwaarden. Voor meer informatie of om zelf een ingezonden bericht te sturen, kunt u contact opnemen via [email protected] of direct via WhatsApp.
Let op: Publicatie van opiniestukken houdt niet in dat GFC Nieuws het eens is met de inhoud








