‘Uitgifte sociale-zaken kaarten decentraliseren’

GFC NIEUWSREDACTIE- Als het aan Niesha Jhakry ligt, gebeurt het afhandelen van aanvragen voor sociale-zaken kaarten niet meer allemaal in Paramaribo.

Het beste zou zijn dat deze zaak gedecentraliseerd wordt, zegt de voorzitter van de vaste commissie Sociale Zaken in het parlement. Samen met haar collega-commissieleden wil ze dit bewerkstelligen.

Er is niet lang terug een cluster team samengesteld waarin de ministers van Sociale Zaken, Binnenlandse Zaken en Arbeid, Werkgelegenheid en Jeugd in Suriname zitting nemen met als taak het oplossen van de perikelen rondom de uitgifte van zorgverzekeringskaarten. Maar het aanpakken van de problemen verloopt nog stroef.

Zoals het nu gebeurt, moet een te lange procedure gevolgd worden voordat de kaarten uiteindelijk uitgegeven worden. Eerst vindt de registratie voor Bazo- en BZV-kaarten plaats in de ressorten van de verschillende districten bij verschillende wijkkantoren.

“Maar omdat de mensen daar niet bevoegd zijn om te oordelen over wie wel of niet in aanmerking komt, worden de aanvragen gestuurd naar Paramaribo waar de screening plaatsvindt. Vervolgens gaat die weer naar de dependances van het ministerie voor adviezen. Het is een traject dat te lang duurt”, legt Jhakry uit.

Het beste zou zijn als alles op één plek gebeurt. Het liefst ziet Jhakry dat het proces vanaf aanvraag van de kaart tot en met de daadwerkelijke uitgifte op de plek van aanvraag zelf wordt afgehandeld.

“Wij hebben aan de regering gevraagd dat als de aanvraag op een wijkkantoor van Sociale Zaken gedaan is, dat de mensen daar zelf het veld ingaan en beoordelen wie in aanmerking komen en dat de burgers vervolgens meteen daar hun kaart kunnen krijgen.”

Het lijkt op de methodiek die het Staatsziekenfonds (SZF) vroeger hanteerde. “Men hoefde toen niet te wachten op groen licht vanuit Paramaribo. Wijkkantoren waren zelf bevoegd de kaarten uit te geven. We hebben aan de regering gevraagd die mogelijkheid weer te bekijken. Ze staan daarvoor open, alleen moeten we kijken hoe en wanneer zij het zullen implementeren.”