Tijdens een persmoment op woensdag heeft minister André Misiekaba van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid een toelichting gegeven op verschillende actuele vraagstukken binnen de gezondheidssector. Daarbij ging hij onder meer in op de slepende kwestie rond Silvana Afonsoewa.
Volgens minister Misiekaba zal het ministerie in onderhandeling treden met Afonsoewa over de uitvoering van een rechterlijke uitspraak met betrekking tot niet-uitbetaald salaris.
De rechter in hoger beroep heeft bepaald dat Afonsoewa moet worden uitbetaald voor de periode waarin haar salaris door het ministerie was geblokkeerd. De minister gaf aan dat volgens hem mogelijk sprake was van politieke rancune in het verleden.
Discussie over werkzaamheden
De kwestie leidde eerder tot discussie nadat ex-minister Amar Ramadhin van Volksgezondheid had gesteld dat Afonsoewa in de periode 2020–2023 niet daadwerkelijk op het ministerie zou hebben gewerkt, terwijl zij wel op de loonlijst stond.
Volgens hem werd op een bepaald moment ingegrepen en werden betalingen stopgezet omdat er geen werkverrichting kon worden vastgesteld.
Afonsoewa weersprak eerder deze beschuldigingen en benadrukte dat zij ambtenaar is bij het ministerie. Na haar periode als parlementariër van 2015 tot 2020 zou zij volgens eigen zeggen op reguliere wijze hebben gesolliciteerd binnen de overheid. Vanwege haar achtergrond als verpleegkundige koos zij voor een functie binnen de gezondheidssector.
Volgens Afonsoewa werden met de toenmalige leiding afspraken gemaakt dat zij beleidsmatige ondersteuning zou bieden en via de afdeling Personeelszaken opdrachten zou ontvangen.
Zij stelt dat zij nooit is geweigerd om te werken. Toen zij op enig moment werd aangeschreven met de mededeling dat zij niet op het werk zou verschijnen, heeft zij dat schriftelijk betwist. Uiteindelijk besloot zij de zaak aan de rechter voor te leggen.
Volgens Afonsoewa heeft de rechter geoordeeld dat zij ingezet moest worden. Daarna kreeg zij een werkplek en opdrachten, waaronder analyses over de in- en uitstroom van gezondheidswerkers.
“Alle opdrachten die ik kreeg, heb ik uitgewerkt en ingediend,” aldus Afonsoewa.
Verantwoordelijkheid bij de minister
Het parlementslid benadrukt dat het formeel de verantwoordelijkheid van een minister is om taken toe te wijzen aan ambtenaren. Indien een ambtenaar niet op het werk verschijnt, moet deze volgens haar schriftelijk worden aangemaand.
Volgens Afonsoewa heeft zij zelf meerdere keren brieven gestuurd met het verzoek om duidelijkheid over haar inzet binnen het ministerie.
Zij ontkent dat zij misbruik heeft gemaakt van haar positie en wijst erop dat zij ook vóór haar parlementaire periode werkzaam was in de zorg en nooit een dubbele functie heeft bekleed.







