Minister Andre Misiekaba van Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Arbeid wil af van het zogenoemde wurgcontract bij het Regionaal Ziekenhuis Wanica (RZW).
Het contract zou zijn gesloten tijdens de regering van Chan Santokhi en bevat voorwaarden die nadelig zijn voor de Surinaamse staat en het ziekenhuis.
Zorgen over transparantie en financiële risico’s
De overeenkomst heeft de afgelopen dagen geleid tot politieke en maatschappelijke discussie. Tegenstanders wijzen op een gebrek aan transparantie, mogelijke financiële risico’s en een verzwakte positie van de overheid binnen het ziekenhuis.
Misiekaba gaf eerder al aan dat hij het contract zorgwekkend vond, maar stelde toen eerst het volledige document grondig te willen analyseren.
Drie cruciale afdelingen uitbesteed
Na bestudering is de minister tot de conclusie gekomen dat daadwerkelijk sprake is van een wurgcontract. Kort voor de verkiezingen van 25 mei 2025 zijn drie essentiële afdelingen van het RZW uitbesteed aan het bedrijf TBS Global, onder leiding van ondernemer B. Tewarie.
Het gaat om de afdelingen: Radiologie, Laboratorium en Apotheek.
De toenmalige directie en het bestuur van het ziekenhuis zouden volledig achter deze constructie hebben gestaan.
Volledige zeggenschap bij ondernemer
Volgens de minister heeft de ondernemer via het contract vrijwel volledige zeggenschap gekregen over deze drie cruciale ziekenhuisafdelingen.
Pas nadat alle kosten van de consultant zijn afgetrokken, ontvangt het RZW een vastgesteld percentage van de opbrengsten.
Deze constructie pakt volgens Misiekaba financieel ongunstig uit voor het ziekenhuis en beperkt de beleidsvrijheid van de overheid.
Gesprekken over beëindiging contract
Misiekaba heeft aangekondigd in overleg te zullen treden met de consultant om het contract te beëindigen. Daarbij is het doel om dit proces zorgvuldig te laten verlopen, zonder dat de staat of het ziekenhuis met enorme financiële verliezen wordt geconfronteerd.
“Dit is geen gezonde situatie voor een publiek ziekenhuis,” is de duidelijke boodschap van de minister.







